Bedierven de schotelantennes de Israëlische communicatiestrategie?
Nu de Israëli’s zich teruggetrokken hebben uit Gaza, blijkt pas hoe grondig ze hun werk hebben gedaan. Het menselijk leed en de materiële schade is niet te overzien. Gedurende heel de periode van de inval was Gaza verboden gebied voor de pers. Dat kaderde in een communicatiestrategie die de these van de “wettige zelfverdediging” wereldwijd moest propageren, met zo min mogelijk beelden van collateral damage,- dode kinderen en wenende moeders. Hoe functioneert die strategie eigenlijk?
Het gaat om een mondiale drukkingsgroep, gekend als “de joodse lobby”, waarvan het zenuwcentrum zich niet in Israël maar in de VS bevindt. Ze past geavanceerde technieken van netwerking en beïnvloeding toe, maar verschilt van alle andere lobby’s en belangengroepen door het steeds weer inroepen van een verpletterend historisch argument, nl. de nazi-genocide op zes miljoen joden in de 2de wereldoorlog (een feit dat geen zinnig mens overigens betwist, noch de morele implicaties ervan). Het discours dat hieruit ontstond is hoogst hybride. De propaganda van de staat Israël, het historisch zionisme, het religieus Judaisme, én de holocaust-thematiek, met de daaraan verbonden klaagcultuur, draaien op zo’n manier in elkaar, dat ook zoiets aberrants als de recente Gaza-invasie te rechtvaardigen valt. De jodenvervolging uit het verleden wordt finaal een passe-partout voor alle militaire- en bezettingsacties van de staat Israël. Het begint me eerlijk gezegd serieus op de zenuwen te werken, ik heb nog nooit een discussie meegemaakt met leden van de Joodse gemeenschap over een actueel probleem, zonder dat de holocaust ter sprake kwam. Wetenschappers als Norman Finkelstein en Guy Vandenberghe hebben heel die perverse logica diepgaand geanalyseerd, tal van (ook Joodse) kunstenaars als Daniel Barenboim hebben er zich nadrukkelijk van gedistantieerd. Maar elk kritisch geluid wordt verbanvloekt als een uiting van antisemitisme, waardoor men terugvalt in het scenario van het uitverkoren/vervolgde volk, en het liedje van vooraf aan begint.
De manipulatorische ingesteldheid -ik aarzel niet het zo te noemen- van het zionistisch propagandacircuit, dat helemaal complementair is aan het ondergrondse Jihad-terrorisme, werkt van bovenuit, via de politiek-maatschappelijke kaders, de culturele en academische elites, en uiteraard de media. Het is semantisch subtiel en werkt vooral met retoriek, ensceneringen, perceptiesturing, maar ook soms met regelrecht intellectueel bedrog, hetgeen net de vooroordelen en clichés bevestigt. Er was onlangs het “plagiaatincident” rond de petitietekst van Michael Freilich in de Standaard; er was ook de montage, vanwege “Joods Actueel”, van een nazi-cartoon vóór een VRT-filmpje uit Man-bij-hond, alsof die cartoon erbij hoorde. Dat zijn frauduleuze praktijken die ook bij brave mensen zoals TV-maker Stijn Meuris kwaad bloed verwekken.
De pendel keert altijd terug
Heel de ondertussen lange lijst klachten vanwege de Joodse gemeenschap tegen de sowieso al van “racisme” verdachte Vlamingen (De Hitler-forel van Plat Préféré, de nazi-chippendale van Tomas De Soete, de gasgrap van komiek Philippe Geubels-geen-familie-van,…) lijkt vooral gericht op het bestendigen van een slachtofferimago, waarbij elke vorm van relativering of satire als obsceen wordt geduid. Deze on-Europese vorm van censuur (die we ook gecontesteerd hebben in de zaak van de Mohammed-cartoons) gaat zelfs de politiek-correcte VRT niet goed af, en maakt TV-creatieven ronduit balorig.
De druk op politiek en media zal, vrees ik, de zurigheid nog doen toenemen en de satiremakers nog meer inspireren,- dit is een zelfrollende sneeuwbal. En jawel, het feit dat Bert Anciaux het aandierf om het “drama van Dendermonde” te associëren met de slachting in Gaza, bezorgde hem zelfs steun van oude vijanden en linkse rakkers.
Overigens was het politiek terugfluiten van Anciaux absoluut “disproportioneel”, en ik zeg dat als zijn eigen lastigste criticus. Er zijn al wel meer staatshoofden en hun onderdanen in straffe clichétaal beledigd door onze politici (we denken bv. aan Karel De Gucht die premier Balkenende “een stijfburgerlijke Harry Potter-figuur” noemde, hierin geïmiteerd door toenmalig vice-premier Freya Van den Bossche), zonder dat daar iemand van wakker lag, de geviseerde nog het minst van al.
Het verbaal kapittelen van Bert Anciaux, vooral vanuit de CD&V- en VLD-regionen, doet inderdaad vermoeden dat de pro-Israël-lobby stevig verankerd is in de Belgische politiek. We herinneren ons ook een merkwaardig TV-beeld van vorig jaar, waarin Yves Leterme, net voor zijn ontslag als premier, nog de tijd vond om een groepje Israëlische kinderen toe te spreken die op vacantie waren om “het oorlogsgeweld te ontvluchten”. De joodse lobby-organisatie Chabad leurt met dit theater al een poos heel de wereld rond. Het is een tamelijk wansmakelijk kindermisbruik, dat waarschijnlijk toen al kaderde in een soort persstrategische aanloop naar de Gaza-inval van december 2008. De VRT- en VTM-camera’s waren in elk geval keurig op post. Op het teken van de begeleidende rabbijn hieven die nette jongens en meisjes uit het Beloofde Land zowaar een “vredeslied” aan, onze ogen schoten vol.
Zolang dat soort lobby-charades bestaat, zal ook de pendel terugslingeren in de andere richting. Dat is een normale correctie, Michel Freilich en companen zullen zich daarbij moeten neerleggen. Zolang ook moeten wij ons oor te luisteren leggen bij andere bronnen, die misschien ook niet objectief zijn, maar die alleszins de vervorming compenseren. Vanaf midden januari stelde Al Jazeera, bij ons vlot te ontvangen met een schotelantenne, zijn beeldmateriaal over de Gaza-inval vrij ter beschikking van alle professionele- en burgerjournalisten, terwijl Rudi Vranckx maar bleef doorlullen in de door Israël opgelegde perszone achter het front. Het zijn beelden die via internet de wereld rondgingen en de woede hebben opgewekt bij de moslimpopulatie in Antwerpen en Brussel. Maar het zijn ook die beelden die onze intelligentsia, en uiteindelijk een groot deel van de publieke opinie, ertoe hebben gebracht om de Joods-zionistische rechtvaardigingsretoriek in vraag te stellen.
Ondertussen lijken academici en mensen uit de onderwijssector nog steeds onder sterke druk te staan. De lobby zet zelfs een tandje bij. Filosoof-docent Lieven De Cauter liet zich onlangs ontvallen dat voor hem alle Amerikaanse universiteiten potdicht blijven, omwille van zijn Israël-kritiek. Publicist Lucas Catherine, die het regelmatig voor de Palestijnen opneemt, mocht het cordon eveneens aan den lijve ondervinden. De Standaard weert hem al sinds 2004 uit de kolommen: volgens inside-informatie zou o.m. de rechts-conservatieve barones Mia Doornaert, notoir lid van de pro-Israël-lobby en DS-columniste, die excommunicatie hebben bewerkstelligd. Een Phara-interview met L. Catherine, ten tijde van de Gaza-inval, werd door de Canvas-redactie op het laatste moment afgezegd, omdat… Mia Doornaert haar veto had gesteld.
Het wordt dus weer nauwkeurig afwegen, heel kritisch lezen, kijken en luisteren, en een gezonde skepsis aan de dag leggen. De ultieme bewaker van de pers is de mediaconsument zelf. Dat wordt vooral in deze tijden duidelijk.
Johan Sanctorum
Geplaatst door Visionair België
Geplaatst door Visionair België
Geplaatst door Visionair België 