Steeds meer lieden kijken in ons bord: over gezondheidsrages en diëetfascisme

godzietmij

Binnenkort kunnen we Brits Brexit-bier drinken, en dat is goed nieuws, in verschillende opzichten. Eerst had het Europese merkenbureau –jaja, dat bestaat dus ook- beslist dat het niet mocht, een bier dat Brexit heet. Het zou te politiek-incorrect zijn, “beledigend voor de Britten die tegen hebben gestemd”, moreel verwerpelijk of zelfs racistisch/seksistisch. Maar gezien ook negerinnentetten in Vlaanderen vrijelijk mogen verkocht worden, naast bieren met een ronduit liederlijke naam zoals Black Damnation (Messy) of Delirium Tremens, geeft het bureau zijn verzet op.
Daar ben ik blij om. De discrete censuur op het taalgebruik, die o.m. tot uiting komt in het liquideren van lezersfora van kranten, naast de vreselijke FIFA-riedel no to racism-non au racisme”, krijgt maar moeizaam het universum van spijs en drank in zijn greep. Misschien vreesde men voor een echte volksopstand. Want had het merkenbureau het effectief verboden, dan zou dat Brexitbier beslist nog in grotere mate uit de tapkranen gevloeid hebben.
 
De gezonde roker

 

De anarchie van de bierdrinker/vleeseter/roker is, los van de gezondheidsoverwegingen, een taboeverbrekend gegeven dat we terugvinden bij de vermoorde Nederlandse columnist en diens veel besproken blog “De gezonde roker”, de naam alleen al. Het cultiveren van de taal als vloek- en scheldmedium, wars van alle hypocrisie, tact of fatsoen: Geenstijl is er de rechtstreekse erfgenaam van.
Voor Freud was de humor op zich al een taboeverbrekend medium. Maar onvermijdelijk komt die humor in politiek vaarwater en kan ze toch gecensureerd worden door controlediensten en agentschappen allerhande. Alleen het bier brengt dan nog redding, of andere ongezonde producten uit het Bruegheliaans register. Eetwaren die gedoopt worden in azijn, met karikaturale etiketten, en klinken als een vloek. Zo moet er beslist gauw een Guillotinebier uitgebracht worden, met een etiket dat Koning Filip op het schavot afbeeldt. Of een Reconquista van hoge gISting (Karel Martel afbeeldend, de man die de Arabieren bij Poitiers versloeg). Dat zal natuurlijk niet zomaar gebeuren: UNIA zal beslist protest aantekenen, en dat is goed, want dan gaan deze brouwerijen ondergronds en wordt een en ander nog veel smakelijker.
Trouwens, zoals u weet brouwt zowat elke Vlaming zijn eigen bier, ondergetekende niet uitgezonderd, en is naamgeving plus etiketontwerp één van de cruciale creatieve processen daarin.

Het goddelijke Oog (bis)
Dit maar om te zeggen dat er wel degelijk een relatie is tussen censuur en diëtiek, of algemener de gezondheidsrage. Steeds meer mensen kijken in ons bord en peroreren met opgeheven vinger: kankerverwekkend (zo ongeveer alles), slecht voor de cholesterol, tegen het dierenwelzijn, het milieu (de voetafdrukken!), de verkeersveiligheid.
De opvoeding van het lichaam tot proper, niet-geïntoxiceerd organisme, vrij van vet, alcohol, suiker of tabak, verloopt, met de kosten van de ziekteverzekering als dooddoener, in toenemende mate parallel met de opvoeding tot goed burgerschap. De voedingsdriehoek als replica van het Goddelijke Oog. De overheid zorgt zogezegd voor ons, maar wil vooral ons doen en laten nagaan, gesteund door allerlei reformgoeroes.
Het met allerlei morele alibi’s bezwaarde dieetfascisme, de dwang om binnen de lijntjes te kleuren dus, het leven als één grote waarschuwing, lees ook de gezondheidstips van Marleen Finoulst, het opgejaagd wild van Dr. Patrik Vankrunkelsven.

Ik geef het nog een jaar en dit bier komt in opspraak, alleen al wegens zijn “foute” naam.
Ik pleit helemaal niet voor meer roken of bierdrinken, drugs of vetverbruik. Ik zie alleen dat het universele dieet, getrokken door charismatische politici als De Wever, wel eens zou kunnen ontaarden in een repressief totaaldiscours rond attitudes, taal, gedrag, (eet)gewoontes. Waarbij terloops een alcoholverbod een bepaalde allochtone subcultuur goed zou uitkomen, want nu al worden bars in Molenbeek geviseerd omdat ze alcoholische dranken schenken. Idem voor de barbecue, ook een ongezond én milieuvervuilend ritueel, en allerminst halal.
Dus wordt bier drinken van de weeromstuit een subversieve activiteit, zeker als het brouwsel iconisch ondersteund wordt, zie het etiket, en van een “verhaal” wordt voorzien zoals het Brexitbier. Niet dat het drinken van sloten Brexitbier tot revolutie zal leiden. Die eer komt toe aan de drug genaamd koffie, een drank die ooit in Mekka werd verboden en nadien ook in Rome, omdat het drankje het radicale denken zou stimuleren. Dat klopt: de Franse Revolutie is een koffierevolutie. Zoals de Mei ’68-revolte een wietrevolte was.
Het bloeiende Vlaamse brouwerijwezen is hoe dan ook een duurzaam biotoop voor het onderbuikgevoel, alleen al daarom moeten we het koesteren en hopen dat het nooit tot “werelderfgoed” wordt gerecupereerd. Voor de rest moet u niet drinken als u rijdt, een mens heeft maar twee handen.
Nog een Saturnalische zaterdag gewenst.
Advertenties

“Mè iel Aantwaarpe…”: het bochtenparcours van de N-VA is een kermismolen geworden

BELGIUM ANTWERP N-VA ELECTIONS CONGRESS SUNDAY

Vanuit Marokko, of all places, gaf Bart De Wever via het VRT-nieuws een ondubbelzinnige verklaring voor de agressie jegens zijn agenten in Borgerhout: “Geëxciteerde jongeren die men heeft opgejut vanuit het drugsmilieu, ten einde een no-go-zone te creëren”, aldus de Antwerpse burgemeester, N-VA-voorzitter én tussendoor ook nog federaal volksvertegenwoordiger. Je zou denken dat het bestuur van een wereldhavenstad als Antwerpen een volle dagtaak vereist, niet dus. Die drievoudige pet is niet onbelangrijk: de man die Antwerpen bestuurt is ook de strateeg van Vlaanderens grootste partij, en voert dus eigenlijk altijd een beetje nationale campagne.

In dat opzicht moet de communicatie van De Wever ook altijd gelezen worden als partijcommunicatie, en dat leidt in sommige domeinen en bepaalde momenten tot overtrokken retoriek. Het Borgerhoutverhaal is er één van. Het is een oud verhaal, we kennen de iconische beelden van meester-opruier Abou Jahjah op de Turnhoutse Baan, het blijft een plek waar allochtone subcultuur schuurt tegen onze moderne opvattingen van stedelijke leefbaarheid. Borgerhout is een probleem, een uitdaging voor bestuurders met visie en ambitie, zullen we maar stellen.

Overigens is de gemeente wel degelijk de thuisbasis van een bepaald soort grootcriminaliteit. In het onvolprezen (en eigenlijk door de media grotendeeld doodgezwegen) boek van journalist Raf Sauviller “Borgerokko maffia”, wordt uitgebreid aangetoond hoe Marokkaanse families uit Borgerhout zich sinds 20 jaar hebben opgewerkt in de internationale drugshandel. Ze vertonen zich niet op straat of vallen geen agenten aan, ze hebben zich daarentegen deftig gesetteld en verschuilen zich achter propere handelszaken of een eenvoudige brievenbus.

Sauviller kreeg sinds de publicatie al wat doodsbedreigingen in zijn bus, en houdt zich gedeisd. Wel wil hij nog kwijt dat de door De Wever groots aangekondigde “War on drugs” wel wat kleine dealers van de straat haalde, maar de grote families die de internationale trafiek controleren, blijven buiten schot.

Borgerhout als “no-gov-zone”

De uitlatingen van de Antwerpse burgemeester/partijvoorzitter kaderen allicht in deze frustratie, waardoor elk opstootje wordt uitvergroot tot een oorlogsfeit.

Recent was het dus weer prijs: een verkeerszondaar die staande wordt gehouden, waarna een groep kijklustigen commentaar begint te geven. Over die filmpjes die geweld tegen agenten moeten bewijzen, bestaat grote discussie. Er zou in geknipt zijn, het parket beweert de beelden te hebben die een en ander bewijzen, maar we krijgen ze niet te zien.

Laten we aannemen dat er wat getrokken en geduwd werd, en dat zo’n knuffelbare flik op de fiets en in korte broek ook niet bepaald gezag uitstraalt: dit is gewoon geen outfit om door Borgerhout te patrouilleren. Maar voor De Wever is het duidelijk: het geweld tegen de agenten kadert in een doordachte strategie van de drugsmaffia. En dat is een beladen uitspraak, omdat hij daarmee de facto heel die zone beschouwt als een no-gov-zone, een gebied waar normaal bestuur niet meer mogelijk is en dat moet gezien worden als een rotte plek waar ook bepaalde uitzonderingsmaatregelen van toepassing moeten kunnen zijn. Niet bepaald leuk voor wie er woont.

Het gevoel ontstaat daarbij dat de Antwerpse burgemeester vooral een gebied waar wel wat autochtonen maar géén N-VA-stemmers wonen (alternatieven, communisten, oude hippies en bakfietsgroenen), wil brandmerken als een on-Antwerps en on-Vlaams hellegat, en dat is eigenlijk ongezien voor een burgervader in een beschaafd land, men verwacht zoiets eerder in de Filippijnen.

De betoging van buurtbewoners op 3 september was uiteraard een doorn in het oog van de burgemeester, die “een ander signaal” had verwacht. Tja. Deze demonstratie was duidelijk niet opgezet door de Marokkaanse maffia maar door politieke tegenstanders van De Wever, waaronder de in Borgerhout wonende actrice Mitta Van der Maat, ex-partner van acteur Luc Wyns maar bij mijn weten geen drugsbarones.

De “war on drugs” is een flop, en dus wordt elke mug in Borgerhout met een kanon beschoten. De Antwerpse burgemeester is niet de burgemeester van alle Antwerpenaren, en wil dat ook niet zijn. Dat brengt ons naadloos bij de nationale politiek waar Bart de Wever een cruciale schaduwrol vervult.

Het gelijk van Vuye en Wouters

Something is rotten in the state of Belgium, en dan komen zondebokken goed van pas. Maar de N-VA is de dominante partner in de federale coalitie. Binnenlandse Zaken, Financiën, Defensie, Veiligheid, Asiel en Migratie, en Grote Steden zijn een bevoegdheid van De Wevers partij. Alleen justitie mankeert in het rijtje. Je zou denken dat de partij via deze sleutelposten toch grote hefbomen in handen heeft om de zaken naar haar hand te zetten en écht beleid te voeren zoals haar programma het voorzag. Niet dus, er wordt regelmatig oppositietaal gesproken, alsof de partij aan de zijlijn staat. Niet iedereen is nog mee, maar de peilingen zijn meer dan bevredigend, en dat is wat telt.

Deze strategische finesse krijgt nu haar apotheose met de verklaring dat de N-VA zich zal onthouden van enige communautaire campagne. Het doeleinde is duidelijk: nog een federale legislatuur in het fijne gezelschap van de Franstalige liberalen en christendemocraten, meer moet dat niet zijn. Zoals er geen globaal-Antwerps project is, bestaat er ook geen Vlaams project meer voor de N-VA, in de zin van een overkoepelend republikeins-pluralistisch ideaal. In de plaats daarvan komt een rechts-conservatieve marsrichting die duidelijk op het voortbestaan van de Belgische staat (liefst zonder socialisten) is gericht.

“De hoofdopdracht van N-VA is om aan de Vlaamse kiezer te geven wat die wil. Dat is een ander beleid in economie, veiligheid en de bescherming van onze identiteit en ‘way of life’’, stelde De Wever (VRT-Terzake, 11/9). Anders gezegd: een neoliberaal beleid voeren is op zich al een pad naar de Vlaamse onafhankelijkheid. Dat is duidelijk een sofisme, alsof een Vlaamse republiek per definitie een centrumrechts verhaal is. Hallo Catalonië? Iemand nog interesse in een brede Vlaamse frontvorming?

Het bochtenparcours van de N-VA is een kermismolen geworden. Door haar eigen principes te verzaken resten er voor de N-VA maar twee paden: dat van de Volksunie (een implosie) of dat van de aloude CVP. De partij heeft, logisch, voor de tweede weg gekozen: een tsjevenpartij die via hogere rekenkunde eindeloos schippert en alles met spuug en plak aan elkaar houdt, de kiezer decennia (!) lang aan het lijntje houdt en vooral eigen macht uitbouwt. Dat is niet wat men verwacht van een partij die de Vlaamse republiek als einddoel beoogt.

Het optreden van de dissidenten Vuye en Wouters bewijst dat politiek toch nog om principes kan draaien, en dat is een opluchting. Of ze zullen kunnen optornen tegen het uitgekookte stratego van de N-VA, zal de tijd uitwijzen. En het is aan de kiezer die de partij opstuwde boven de 30%, om aan te geven dat het nu welletjes is geweest. Of zoals ze in de Scheldestad zeggen: “Mè iel Aantwaarpe…”

De school is geen pretpark of een kinderopvang: over de valstrik van de goed-gevoel-ideologie

klas

Plots is het in Vlaamse onderwijsmiddens bijna een consensus: de school moet het goed gevoel van het kind centraal stellen. En even plots kreeg ik zware déjà-vus omtrent mei ’68-theorieën rond anti-autoritaire opvoeding, waarin gesteld wordt dat vrije, bewuste en mondige mensen gekweekt worden in een soort verlengd kleuteronderwijs waar alles mag en niets moet. Dat is natuurlijk niet zo.

Mei ’68, een halve eeuw later: terugblik en balans

mei68js

De hete meimaand van 1968: wie jonger is dan 50 was toen nog niet eens geboren.
Zwart-wit beelden van anti-Vietnambetogingen, Leuven Vlaams, Dolle Mina’s, de Praagse lente, Woodstock en de Flower Power, en… uiteraard de opgebroken kasseien in Parijs overlappen elkaar op een tamelijk chaotische manier. Wat betekenen die beelden vandaag? Hing er echt iets in de lucht en is het blijven hangen, of allang weer verdampt? Was het een hormonale opstoot van de middenklassejeugd, verwend door de Golden Sixties? Heeft de beweging iets meer opgeleverd dan korte rokjes, geitenwollen sokken en kakmachines?

Voor de latere generaties is de soixante-huitard het synoniem geworden van de salonrevolutionair die, eens hij zelf aan de hefbomen kwam, een nieuwe dictatuur instelde van de maakbare maatschappij, gegrondvest op een vrijheid-blijheid-ideologie, maar ook op een enorme regelneverij en het beruchte politiek-correcte dwangdenken.
Mei ’68 is een historisch feit, maar ook semi-fictie, een legende, een boulevard van verloren dromen, en uiteindelijk zelfs een scheldwoord voor alles wat links en progressief is.

Volgend jaar is ze dus een halve eeuw oud, die legende. Ter gelegenheid daarvan trek ik vanaf januari 2018 de boer op met een geanimeerde lezing: Tournée 68. Verwacht geen historisch overzicht of een academisch referaat, maar een dieptezicht met punch, getekend Johan Sanctorum.

Verdere info en boekingen via johan.sanctorum@pandora.be

Van Bradley naar Chelsea Manning: de zoektocht naar de waarheid is (ook) een zoektocht naar zichzelf

metamorfose

In mijn loopbaan van kritikaster val ik ook wel eens op toestanden en individuen die bewondering en ontzag afdwingen, en waartegen ik graag alle cynisme laat varen. Zo iemand is Bradley –nu Chelsea- Manning, de Amerikaanse militair die in 2012 voor de krijgsraad werd gebracht wegens het lekken van geheime overheidsinformatie aan de onthullingssite WikiLeaks.

“Vrije wapendracht”: een zomerballon van de Jong-VLD, én het domste politiek idee van dit decennium

sandy hook

Vincent Van Quickenborne was zijn dementerende papa even kwijt, tweet-tweet, de papa duikt na twee dagen gezond en wel terug op, weer tweet-tweet, dank u aan de veiligheidsdiensten en aan alle Belgen, Vincent Van Quickenborne vindt spreken over dementie “bevrijdend”, tweet-tweet, hallelujah, applaus op alle banken, schitterende mens die burgemeester van Kortrijk.
Iemand –en wie anders- moet natuurlijk ook wel eens zeggen dat we weerom diep in de komkommertijd zijn beland en dat de nog in het land aanwezige politici deze luwte graag benutten om snel wat media-aandacht te creëren, liefst via een human-interest verhaal. Maar neen, ik zeg toch niet dat Vincent zijn vader met voorbedachte rade zelf op die elektrische fiets heeft gezet, lees je niet goed? Zoals ik ook niet beweer dat dat mooie, diepmenselijke, “helende” gesprek tussen Bart De Wever en Jan Jacob, vader van de door Antwerpse flikken morsdood geslagen Jonathan, een beetje geënsceneerd was als hapklare brok voor een wanhopig naar nieuws zoekende persmeute.

Lees verder

R.I.P. Mark Grammens: een maatje te groot voor de Vlaamse “kwaliteitspers”

Grammens

Bij deze een blijk van hulde aan Mark Grammens (1933-2017), niet enkel omdat hij gisteren overleed, want een jaar geleden gaf ik mijn mening al over de man in “De ongemakkelijke waarheden van Mark Grammens”. De reguliere Vlaamse media verkeken zich constant op dit verschijnsel en konden hem maar niet in een vakje opbergen,- allicht daardoor raakte deze scherpe pen nooit aan een deftige job in krant of weekblad, op een korte passage bij Knack na. Waar superbelgicist Marc Reynebeau hem snel buitenwerkte. 
Lees verder