Kazachgate: België als maffieuze constructie en politiek wonderland

ridders-malta

De Ridders van de Orde van Malta met zetel te Rome, ook wel gekend als de Hospitaalridders, hebben de geruchten rond Armand De Decker (MR) en de zaak Chodiev die in de pers de naam Kazachgate krijgt, nu eindelijk in hun juiste baan gebracht: dit gaat over internationale corruptie op topniveau, waarin het kleine land België een sleutelrol speelt. De affaire rafelt uit in vele uiteindjes, die we hieronder proberen aan elkaar te knopen.

Zoals ondertussen bekend wordt senator De Decker ervan verdacht, in 2011 als advocaat, logelid en invloedrijk politicus zwaar voor de zogenaamde afkoopwet te hebben gelobbyd, waarmee criminelen tegen harde valuta een volle aflaat konden krijgen (de zgn. “minnelijke schikking”). Het bleek allemaal haastwerk om de Uzbeekse miljardair Patokh Chodiev, tegen wie in België een rechtszaak wegens witwassing en valsheid in geschrifte liep, uit de wind te zetten. En het lukte nog ook: in ijltempo werd de wet door het parlement gejaagd en door de koning bekrachtigd.

Waarom die voorkeursbehandeling? Dat brengt ons bij de rol van de Franse overheid, in casu toenmalig Frans president Nicolas Sarkozy, die via-via zo’n 740.000 euro aan De Decker’s advocatenkantoor overmaakte om het met die wet te laten vooruitgaan. De Fransen stonden namelijk op het punt om een grote deal te sluiten rond de verkoop van legerhelikopters aan Kazachstan, dat onder meer bescherming bedong voor Patokh Chodiev, persoonlijke vriend en arrangeur van de president.

En hier komen bovenvermelde middeleeuwse harnassen op de proppen: het was grootkanselier Jean-Pierre Mazery van de Maltezer Orde, die het eerste contact legde tussen Armand De Decker en een medewerker van de Franse president Nicolas Sarkozy. Noblesse oblige. De orde is een organisatie, een van de weinige op deze planeet, met de status van soevereine natie-zonder-territorium, diplomatiek onschendbaar en onder rechtstreekse bescherming van zijne Heiligheid de Paus, echt waar.

Een spraakmakend trio

trio_kazakh

Van links naar rechts: Patokh Chodiev, Alexander Machkevitch en Alijan Ibragimov

De rol van België als vluchtroute en service-atelier voor de sjoemelende grootzakenman Chodiev, ook prominent opduikend in de Panama Papers met zo’n 25 off-shore-witwasbedrijven, is niet te onderschatten: dit chaotische koninkrijk, met zijn ondoorzichtige besluitvorming en achterkamertjespolitiek, is de ideale draaischijf voor witteboordcriminelen om zaakjes te regelen en zich van een proper paspoort te voorzien. Het moeten niet altijd Syrische dompelaars zijn.

 

Chodiev had in 1997 namelijk de Belgische nationaliteit weten te versieren, (weer) vooral dankzij een paar MR-politici waaronder Serge Kubla, momenteel in vervolging gesteld wegens een Congolese omkoopaffaire, waar de naam van Georges Forrest opduikt, nog zo’n topsjoemelaar. Ook in dat naturalisatiedossier werd fameus geritseld en geschoven: de Uzbeek sprak geen van de drie landstalen (een voorwaarde om Belg te worden), en bovendien had de Staatsveiligheid een negatief advies gegeven in verband met diens internationale maffiaconnecties. Maar dat was dus geen punt.

In een vertrouwelijke mail uit de Sarkozy-entourage, waarop het Franstalige weekblad Le Vif/L’Express beslag kon leggen, wordt zonder gêne gewag gemaakt van een geslaagde “sensibilisering” van drie toenmalige ministers, te weten Stefaan De Clerck (justitie), Didier Reynders (financiën) en Steven Vanackere (buitenlandse zaken). Vandaag weten de drie uiteraard nergens van.

Over naar de Oeral en de heimat van Patokh Chodiev. De Aziatische republiek Kazakhstan, ontstaan uit het puin van de Sovjet-unie, wordt autoritair geleid door president Nazarbajev. Vooral dankzij de gaspijplijn tussen Rusland en het Westen ligt zijn land strategisch en is het een leuke werkplek voor mensen die graag zaken met politiek combineren. De drie nauwste vrienden-zakenlui van de president zijn als Het Trio wereldwijd een begrip: Alidjan Ibragimov, Alexander Mashkevitsj, en last but not least Patokh Chodiev.

Deze gezworen kameraden duiken op in de marge van het uiteengevallen Sovjetimperium begin de jaren ’90, waar gewiekste maffiosi heelder stukken Sovjetmeubilair verpatsen, waaronder een hoop wapens en zelfs nucleair spul. Kassa voor durvers. Overal waar het stinkt in grote deals rond olie, mineralen, gas en wapens duiken de namen van het drietal op, tot op vandaag.

De nucleaire lobby

nucleairDat brengt ons op de volgende stap in de grote ezelsbrug tussen België en de groezelige Russische achtertuin: de Tractebel-connectie. Deze door het Franse Engie (voorheen Suez), en zo onrechtstreeks door de Franse staat gecontroleerde maatschappij, met zetel in Brussel, wou persé de concessie bemachtigen op hoger vernoemde Russische gaspijplijn doorheen Kazakhstan. Dat lukte ook in 1997, dankzij zo’n 145 miljoen dollar (!) smeergeld die in de zakken van Het Trio verdween,- zo kon een Zwitserse onderzoeksrechter nagaan. Niet meegeteld de astronomische afpersingssommen die ze nadien nog wisten te bedingen om “de zaak onder controle te houden”.

De indrukwekkende staat van dienst van Patokh Chodiev, daar mocht dus wel iets tegenover staan. Tractebel, sterk verweven met de Belgische haute finance, zat compleet in de greep van het trio. En om de cirkel rond te maken: voor 100% eigendom van Engie, verwierf Tractebel ook het contract om alle Belgische kerncentrales te bouwen, jawel, die met de scheurtjes. Waarom dat beton van zo’n slechte kwaliteit is, Patokh mag het weten, maar het zou me niet verbazen dat ook hier ooit de Frans-Kaukasische connectie boven water komt, want Tractebel leerde de kunst van het kerncentrales bouwen in… Kazachstan.

Het mag na heel deze crimi-soap, waarin de Franstalige liberalen een sleutelrol vervullen met Patokh Chodiev als spin, ook niet verbazen dat federaal minister van Energie Marie Christine Marghem (MR) hemel en aarde bewoog en zelfs leugens uit de kast haalde om die kerncentrales open te houden. Terwijl onze buurlanden aandringen op sluiting van deze industriële ruïnes, spelen blijkbaar toch sterke zakelijke belangen die zich met nationale veiligheid niet inlaten, maar integendeel verweven zijn met corruptie op het hoogste niveau.

Kazachgate gaat daarom niet alleen over een sjoemelend politicus die hand-en-spandiensten verleent aan een steenrijk zakenman. Het is maar een topje van de ijsberg, die in zijn volle gewicht heel de Belgische constructie omvat, met al zijn mogelijkheden om via parallelle kanalen en besloten cenakels zaakjes rond te krijgen tot en met wetgeving à-la-tête-du-client, de rol van de oude adel en de nieuwe rijken, politici met van alles begaan behalve het algemeen belang, de banken en haute-finance-figuren genre Etienne Davignon, de economische elites, de loges én de katholieke keurorden, en zo tot bij het Belgische koningshuis. België is geen bananenrepubliek maar een frietkotmonarchie, waar werkelijk alles mogelijk is als men de weg kent doorheen het institutioneel-juridisch doolhof.

En nu blijkt de nieuwe Belg Patokh Chodiev zowaar uit dankbaarheid ook de liefdadigheidskas van prinses Léa, tante van koning Filip, met 25.000 euro gespijsd te hebben, en dat allemaal toevallig nadat de uitkoopwet van kracht werd. Een aalmoes voor zo’n filantroop. En jawel, het gebeurde met de Maltese Orde als doorgeefluik.

De Hospitaalridders, onder persoonlijke bescherming van Zijne Heiligheid de paus, waren ooit opgericht om de pelgrims op weg naar het Heilig Land te begeleiden. Nu staan ze vooral in om rijken met een grijs verleden te escorteren naar het wonderland waar alles kan, het onze. De dienende rol is gebleven, dit gaat wel degelijk om ridderlijkheid en hulpvaardigheid op hoog niveau.

Of waarin een klein land groot kan zijn. Neen, Godfried Van Bouillon is niet dood, de Bouillon Belge pruttelt en dampt als nooit te voren. Als dat geen opsteker is voor het handvol patriotten dat dit land nog telt.

Ik hou van Donald en Zwarte Piet, om dezelfde reden: de goegemeente wil hen weg.

Afbeeldingsresultaat voor De GuchtMijn groot genoegen over de Trump-zege, en de daarmee gepaard gaande nieuwe banvloek vanwege de burgerlijk-weldenkende elite, is nog niet weggeëbd. Inderdaad, hoe kan een filosoof die radicaal voor sociale rechtvaardigheid gaat en de mond vol heeft over empathie, sympathiseren met zo’n grofgebekte miljonair die onmiddellijk Obamacare naar de prullenmand wil? We bevinden ons hier in merkwaardig gezelschap, want ook de Marxistische socioloog Slavoj Zizek zei de voorbije maanden te hopen op een Trump-overwinning. Zijn redenering, en ik volg ze: deze maatschappij heeft een schok nodig, echte verandering moet van buitenaf komen, een outsider, een disruptieve speler alias ketter die alle regels van wellevendheid aan zijn laars lapt en het establishment verbijstert (Karel De Gucht, met 125.000 euro/jaar EU-uittredingsvergoeding: “Trump is een gevaar voor de democratie”).

Dat is bijna een definitie van terreur, en jawel: Trump maakt de goegemeente angstig, kijk maar naar de petities die nu wereldwijd circuleren tegen het fenomeen. Maar ook de linksradicale (toch naar Amerikaanse normen) rebel Bernie Sanders, die vanwege het Democratische establishment de pas werd afgesneden, heeft nu de hand uitgestoken naar de grote boeman. Sanders erkent daarmee Trump als de vijand van het status-quo en dus als bondgenoot tegen de elites die, onder humanistisch-filantrope voorwendsels, vooral hun eigen belangen veilig stellen. Trump daarentegen is de gekke clown die het systeem te vlug af is,  de absolute zondebok of Zwarte Piet die, door een gril van het kiesreglement, ineens president wordt. De wereld vergaat, de onderwereld lacht zich een bult. Echte linksen, niet dus die van Hart tegen Hard, moeten de boosaardigheid hebben om met deze duivel kersen te eten.

Pietenpact

blankepiet

Enkel nog “gewassen” Pieten toegestaan

De naam is gevallen, Zwarte Piet, de knecht van de goedheilige man: wat doen we ermee? Het Vlaams-Nederlands Huis deBuren heeft zijn verdict uitgesproken: Piet moet weg. “Aan de vooravond van de intrede van Sinterklaas in Antwerpen engageren het Gemeenschapsonderwijs, het Katholiek Onderwijs, de Gezinsbond, Vlaamse kindertelevisiezenders en -producenten, jeugdtheaters en speelgoedketen Dreamland zich in het ‘Pietenpact’ ‘voor een Sinterklaasfeest zonder raciale stereotyperingen”, lezen we in de krant. De negerpiet zal dus vervangen worden door een gekleurde-, beroete- of regenboogpiet, waarmee die brave lui eigenlijk niet beseffen dat ze een symbool van subversiviteit castreren, zeg maar: van zijn zak ontdoen.

Want ja, in een Hegeliaans perspectief is de knecht niet alleen knecht maar diegene waarvan de meester afhankelijk is, wat hem macht geeft over de meester. Erger nog: de knecht is, alleen al door zijn uiterlijk, een bedreiging, niet zozeer voor de stoute kinderen maar vooral voor de Sint zelf, de dubbelzinnige heilige die met zijn witte handschoenen kindjes op zijn schoot zet en bepotelt.

U begrijpt dat ik als kleine man vooral een degout had van Sinterklaas en veel minder van zijn knecht. De Dionysische sater, de Germaanse Loki, de harlekijn, de negerslaaf, laat maar komen: elk van deze lagen belichaamt een aspect van zotheid en rebellie. Zwarte Piet was en is de zondebok die we allen zijn, onze maat in het kwaad én de belichaming van onze onvrede. Net de neger-knecht straalt hoop en kracht uit, omdat zijn clowneske lach iets joviaals maar tegelijk demonisch heeft, als wou hij zeggen: “geef niet op, volhard in de boosheid, ooit stort dit leugenpaleis in elkaar”.

Maar nu Piet verpieterd wordt tot eunuch, lijkt het erop dat de Sint met zijn witte handschoenen alle macht krijgt, met hooguit wat softe, ontmande zeepbelpieten in zijn buurt. Anders gezegd: het anti-racistisch platform van deBuren bezondigt zich aan subtiel racisme, door de zwarte wit te willen wassen en hem als antithese van de Sint te kortwieken.

De reden waarom de weldenkende linkerzijde (om nu eens niet de afgezaagde term politiek-correct te moeten gebruiken) Zwarte Piet wil afschaffen of bijkleuren, is dus dat ze schrik van hem hebben. Hij is hun nachtmerrie, een niet-controleerbaar projectiel dat alleen via de mythe van de veelkleurige multiculturaliteit (Dreamland) in een juiste baan kan gebracht worden. Het Pietenpact is een exorcisme, een vorm van duiveluitdrijving. Wie Piet bij zijn pietje heeft, neutraliseert het kwaad, blaast de revolte af en herstelt het status-quo. Dat “progressief”-links zo laag moest vallen.

Black Donald

 

trump_zwarte-piet

En zo kunnen we probleemloos de pietenkwestie over de Amerikaanse verkiezingssaga heen schuiven: van twee één. Volgens de New York Times trad Donald Trump in 1998 al op als Zwarte Piet tijdens het Sinterklaasfeest op de Nederlandse ambassade (!). “We’re gonna paint our faces so black, it’s gonna be great, believe me folks”, zou hij bij die gelegenheid hebben gezegd. Profetisch, en nu pas snappen we, dankzij de witwasoperatie van deBuren en het Vlaamse Minderhedenforum, waarom Donald voor zwart ging.

Trump is Zwarte Piet, Hillary was Sinterklaas. Trump liep met zijn fouten te koop, Hillary veegde alles onder de mat. Trump was dom, Hillary slim. Trump gleed door de schoorsteen, Hillary kwam op een wit paard. En viel er finaal af. In feite waren ze best wel een leuk stel tijdens de campagne, de bitsigste aller tijden. Maar veel meer dan Obama, lieveling van politiek-correct links, blijkt Trump nu de neger die het Witte Huis vuil maakt en de goegemeente schandaliseert. Dat is een schok, evenals het feit dat de zogenaamde racist nogal wat stemmen bleek gekregen te hebben van zwarten, latino’s, en andere verschoppelingen der aarde: Trump bleek geloofwaardiger als profeet van de verandering dan Clinton, net omdat hij zichzelf was en niemand anders.

Dat is het grote verschil tussen black-power-activist Martin Luther King en spiritist Wouter Van Bellingen, de man met een Vlaamse naam en Afrikaanse roots die zich tot de meeste fanatieke tegenstander van Zwarte Piet heeft ontpopt. Terwijl King die wellicht net als mascotte zou geadopteerd hebben, en zijn negritude als een geuzentitel. Waarom zou Piet zich ook moeten witwassen?

Terwijl de anti-Trump-petities hun ronde doen en de jacht op Zwarte Piet is geopend, grosso modo in dezelfde kringen der weldenkendheid, kalft het draagvlak voor het systeem en zijn status-quo elke dag af. Mensen zijn het beu om via Pieten- en andere pacten bevoogd en geïndoctrineerd te worden, via constructieve en andere journalistiek, zogezegd om hun eigen bestwil. Een welgemeend fuck-you is het antwoord, en niet voor de laatste keer.

Johan Van Overtveldt, van briljant economiejournalist tot beroerd minister van financiën

Minister van Financiën Johan Van Overtveldt (N-VA) diende vlak voor het weekend een beleidsnota in die o.m. de verlaagde vennootschapsbelasting en het Open Vld-voorstel voor het mobiliseren van spaargeld bevat. Maar opmerkelijk: over de afgesproken meerwaardebelasting (dus op de kortlopende winst die gemaakt wordt bij verkoop van beursgenoteerde aandelen) werd met geen woord meer gerept.

De reden is simpel, ook al wordt dat niet zo gecommuniceerd: Johan Van Overtveldt heeft gewoon geen zin om de beleggers en kapitaalkrachtigen te verontrusten. Hij is een adept van het meest donkerblauwe liberalisme, dat alle ruimte aan de vrije markt wil geven, met zo min mogelijk fiscale lasten voor het bedrijfsleven en een vriendelijk klimaat voor gefortuneerden, een zuinige staat die bespaart in de zorg en sociale zekerheid, dit allemaal in de veronderstelling dat de economische machine daarmee beter gaat draaien en er bijvoorbeeld jobs bij komen.

Het gat van vier miljard

overtveldt2

Het zijn de vaste recepten van econoom en Nobelprijswinnaar Milton Friedman (1912-2006), Van Overtveldt’s grote voorbeeld, waarmee elk rechts-liberaal beleid wil uitpakken, op zich zijn deze maatregelen niet verbazingwekkend. Wat wel bevreemdt, is de irrationale manier hoe de minister dat wil doordrukken: slordig, voluntaristisch, met foute prognoses, zware rekenfouten en de daarbij horende leugens, waarbij de reputatieschade op de administratie wordt afgewend.

Het vermoeden groeit dat Johan Van Overtveldt, ooit briljant criticus van de centrumlinkse regering Di Rupo, aan het roer zijn theorieën helemaal niet kan waar maken, en verzandt in dogmatisme en ontkenningsgedrag. Met dus dat fameuze gat-van-vier-miljard in de begroting, dat in september opdook nadat het er eerst maar twee gingen zijn, als meest roemrijke wapenfeit.

De vraag die vele commentatoren zich stellen, hoe zo’n economist met een rist universitaire diploma’s toch een zeer middelmatig financiënminister kan zijn, kan eigenlijk simpel beantwoordt worden met het bekende Vlaamse spreekwoord: “de beste stuurlui staan aan wal”. Het is niet omdat je goed kan schrijven en ideeën op een coherente manier kan verwoorden, dat je ook deugt als bewindsvoerder. Het zal zijn fietsvriend Geert Noels niet overkomen,- die blijft maar ijverig twitteren hoe hij het wel zou aanpakken, zonder dat ook te hoeven hard maken.

Of waarom goede critici bij hun leest moeten blijven. Meer fundamenteel wordt een goede democratie niet gekenmerkt door een deelname aan de macht van zoveel mogelijk mensen, maar door een evenwicht tussen macht en tegenmacht, these en antithese, beleid en oppositie, regime en dissidentie. Deze laatste categorie is een cultuur op zich en kan zomaar niet over het muurtje springen om in een parlementaire – of ministerzetel te ploffen.

Respect voor de dialectiek dus. Je hebt bewindvoerders, (liefst) goeie managers, doeners met een zin voor praxis, en je hebt aan de andere kant de zageventen, lastposten, luizen in de pels die met charisma en/of intellectueel flair het machtsdiscours moeten ondergraven. Dat is een talent, een natuurlijke gave die je niet zomaar overboord gooit. En vooral: het moet gedijen in zijn zelfgekozen cordon sanitaire, geef het kritische veld vooral geen macht want dan verprutsen ze het grandioos.

Disruptieve krachten

Afbeeldingsresultaat voor trumpEr bestaat dus zoiets als een geboren oppositie, of noem het oer-dissidentie. Daar behoren intellectuele dwarsliggers bij, waartoe ik mezelf reken, eeuwige malcontenten die op alle slakken zout leggen, naast fijn filerende academici zoals Bart Maddens voor wie het nooit goed is, maar ook radicale politici met een neus voor controverse. Filip Dewinter, Raoul Hedebouw, J.M. Dedecker, om maar die drie te noemen, zijn absoluut ongeschikt tot machtsdeelname maar zijn onmisbaar als storende elementen, disruptieve krachten die het systeem zelf uitdagen.

Iemand als Donald Trump vervult een niet te onderschatten rol als criticus en antipode van het systeem. Hij is een dissident die binnen de entertainmentcultuur perfect kan acteren als de nar die lachend de waarheid zegt. Maar door het Amerikaanse kiessysteem en de totale verrotting van de Republikeinse Partij, is de kans reëel dat hij VS-president wordt, wat nog een groter fiasco zou zijn dan Johan Van Overtveldt als Belgisch minister van financiën.

De intellectuele carrure van laatstgenoemde is dus onverbrekelijk verbonden met zijn positie van dissident, daarom was de laatste carrièreswitch er één te veel: een briljant analist van rechts-liberale komaf, maar een absolute miscast als beleidsmaker, want veel teveel in beslag genomen door zijn theoretische premissen en veel te weinig bekommernis om draagkracht en algemeen belang.

Het is ook de reden waarom, helemaal aan de andere zijde van het ideologisch spectrum, het systeem van de filosoof-economist Karl Marx niet werkt. Het is een visie, een visionair en inspirerend model zelfs, maar een orthodoxe Marxist als bewindvoerder, dat is een echte ramp. Zet Žižek of Piketty in een ministerstoel, en het land gaat naar de haaien.

Hetzelfde gevoel hadden we met Václav Havel, de eerste president van de Tsjechische republiek: een groot schrijver/denker en moedig dissident onder het communistische regime, maar het staatsmansschap dat hem op het einde van zijn leven in de schoot werd geworpen, was een vergiftigd geschenk. Moeten sommige intellectuelen tegen zichzelf beschermd worden?

Project X

Afbeeldingsresultaat voor Trappist WestmalleGoed zes jaar geleden, op 14 oktober 2010, nam ik ten huize van oud-advocaat Paul Doevenspeck in Oostmalle deel aan een brainstormsessie voor een nieuw weekblad waarvan Johan Van Overtveldt de hoofdredacteur zou worden.

Het heette dat hij uitgekeken was op Trends en een nieuwe journalistieke uitdaging zocht. Hoewel we niet bepaald op dezelfde ideologische lijn zaten, kon ik wel leven met een hoofdredacteur van zijn allure, een naam die bovendien ook de nodige geldschieters over de brug zou halen.

Onder de codenaam “Project X” zaten we daar met een man of acht iets uit te tekenen dat wel wat kon worden in het Vlaamse medialandschap: een stout maar intellectueel goed-onderbouwd geluid, een werkplek voor journalisten, publicisten van links tot rechts die buiten de politiek-correcte mainstream willen en durven gaan. Iets voor Vlamingen die de gaarkeuken van De Standaard, De Morgen en Knack beu zijn. De sfeer was enthousiast zoals dat hoort. De dochter van Paul had hapjes gemaakt, in een goeie verhouding besprenkeld met het vocht van de nabijgelegen Trappistenabdij.

Vroeg in de ochtend togen we naar huis met de opdracht om tegen de volgende vergadering een redactioneel concept op papier te zetten. Zes maanden gaven we ons om het project te realiseren. Maar die volgende vergadering kwam er niet: Johan Van Overtveldt gaf niet meer thuis en het project X werd geruisloos afgevoerd. Hij verzeilde terug bij Knack en drie jaar later vernamen we dat Johan een NV-A-partijkaart had gekocht,- in ruil voor het Europees lijsttrekkerschap en een ministerpost, werd erbij gefluisterd. Dat bleek achteraf haarfijn te kloppen. De N-VA was een boegbeeld rijker en Vlaanderen een goede opiniemaker armer.

Finaal krijg ik zowaar medelijden met de man die zich opwerkte tot minister van begrotingsgaten, nattevingerwerk en niet-kloppende rekenkunde. Waarbij zijn politieke tegenstanders uiteraard niet nalaten om hem te confronteren met wat hij als journalist ooit had geschreven, tot hij onlangs wanhopig de Franstalige oerkreet de wereld instuurde: “J’en ai marre”. “Ik heb er genoeg van”.

Kijk, dat vind ik al een goed teken van herwonnen zelfkennis. Misschien toch nog eens terug afspreken in Oostmalle? Het webmagazine Doorbraak timmert zeker aan de weg, maar een goed weekblad dat op scherp staat, daar mogen ze me altijd voor bellen.

“Hier tekenen aub”: waarom Magnette wel degelijk een punt heeft

magnetteDe Walen liggen weer dwars. Waar alle andere 27 EU-lidstaten braafjes instemmen om, op dringend verzoek van EU-commissaris Cecilia Malmström, het CETA-akkoord te ondertekenen, moet België verstek laten omdat de Waalse minister-president Paul Magnette (PS) nog even verder de kleine lettertjes wil lezen. Jawel, omdat België een federale staat is met grote bevoegdheden voor de regio’s/deelstaten (zoals de Vlaams-nationalisten het willen), kunnen die Walen dat zo maar tegenhouden. Waren we toch maar nooit met die staatshervorming begonnen.
Uiteraard weer voer voor Walenhaters en PS-bashers, lees de sociale media erop na en hoor het geronk in liberale en N-VA-middens. Maar hoeveel Vlamingen zouden weten waar dat CETA nu eigenlijk voor staat? Weinigen, want dat is net de bedoeling: Europa gaat nog eens proberen een zaakje in de coulissen te regelen, zoals met die grondwetkwestie uit 2005. In dat jaar stelden Nederland en Frankrijk, tot verbijstering van de Eurocratie, via referendum hun veto tegen het idee van een EU-grondwet die boven de nationale soevereiniteit staat. Dat is niet voor herhaling vatbaar, sindsdien is het woord “referendum” taboe in EU-middens.
Een ultimatum van drie dagen kreeg de Waalse regering, maar Magnette laat zich niet opjagen, en schakelt ook het parlement in, een toegift aan de democratie waar Juncker en C° zich mateloos aan ergeren. Stel u voor dat de verkozenen des volks zich met zo’n materie gaan bemoeien!

Bermuda-driehoek

Heel kort, en wie het allemaal weet mag deze paragraaf overslaan: wat is CETA?
Voluit “Comprehensive Economic and Trade Agreement”, wordt het gepresenteerd als een handelsverdrag tussen de EU en Canada, dat vrij verkeer van goederen en diensten moet mogelijk maken tussen de twee blokken. De facto een enorme uitbreiding dus van de EU-markt, en veel meer mogelijkheden om in Canada ons bier, chocolade en varkensvlees te verkopen, wie kan daar nu tegen zijn?
Wel, dat 1600 bladzijden tellend document waar al sinds 2012 over gepalaverd wordt, telt nogal wat kleine lettertjes. Daaruit blijkt dat het niet alleen over vrijhandel gaat, maar vooral ook over de vraag wat er in dat bier en die chocolade zoal mag. Kwaliteitsnormen en regulering dus. In Europa zijn die behoorlijk streng. Maar als ze in Canada wat rekkelijker zijn omtrent de ingrediënten van chocolade, dan zal het goedkoopste spul de EU-markt overspoelen, ook als er bijvoorbeeld giftige bestanddelen inzitten.

Onze varkensboeren weten eveneens al hoe laat het is: er zijn bij ons regels over kwaliteitsopvolging en dierenwelzijn die het vlees iets duurder maken, doch we hebben het er als consument voor over. Maar in de VS is het bijvoorbeeld toegestaan om varkens in kisten te houden, waarbij ze hun hele leven op spijlen leven. Zit zelf eens heel uw leven in een kist. Een degoutant systeem dat wel bijzonder rendabel is en goedkoop vlees oplevert.
Waarom spreek ik over de VS? Omdat er al een gelijkaardig “vrijhandelsverdrag” bestaat tussen Canada en de VS (plus Mexico), het zogenaamde NAFTA-verdrag, waardoor o.m. die kistvarkens, maar ook ander minderwaardig spul zoals de fameuze plofkippen, de Canadese markt overspoelen. Ik spreek dan nog niet over genetisch gemanipuleerd voedsel.
Dit “vrijhandelssysteem” dwingt dus de partner met hogere kwaliteitsnormen om zijn standaarden naar onder bij te stellen. En het is nog niet gedaan. Het CETA-protocol is maar een voorspel tot het echte werk: een gelijkaardig handelsverdrag tussen de EU en de VS, het TTIP-verdrag, dat in de maak is. Ook daarover wordt groot stilzwijgen bewaard, maar dat onze boeren mogen stoppen met hun scharrelzwijnen, staat dan wel vast, leve de Amerikaanse kistvarkens.
Zo vormen CETA, NAFTA en TTIP een soort Bermuda-driehoek van de vrijhandel, vooral in het belang van de grootindustrie, die onvermijdelijk tot dumpingpraktijken zal leiden en een neerwaartse spiraal inzake productkwaliteit. De consument wordt de grootste pineut.

Uitverkoop van de rechtstaat

Afbeeldingsresultaat voor marlboro nederlandJamaar, zult u zeggen, kunnen wij dan onze regels en normen niet blijven opleggen voor uit Canada en de VS ingevoerde producten? Wel, hier komen we aan het meest disputabele onderdeel van de constructie. Als een investeerder van oordeel is dat de productie- en kwaliteitsregelgeving van een land zijn toegang tot de markt schaadt, kan hij dat land voor een tribunaal brengen en schadevergoeding eisen. Dit systeem, bekend als ISDS (“Investor State Dispute Settlement”) staat dus boven de nationale rechtspraak, en kan een staat dwingen tot enorme boetes op de kap van de belastingbetaler, waardoor men wel twee keer zal nadenken om die normen op te leggen.
U ziet de adder onder het gras: als pakweg de Amerikaanse tabaksgigant Philip Morris een optrekje heeft in België, en we zouden de sigarettenverkoop nog meer willen ontraden, dan dagen ze België gewoon voor het ISDS-tribunaal. Of denk aan Facebook en de privacy-kwestie. Onze KMO’s spelen hier gewoon niet meer mee: de macht wordt afgestaan aan de internationale grootbedrijven die hun regels opleggen.
De dreiging dat dit tot een complete ondergraving van de rechtstaat en haar burgerlijke controle leidt, in het voordeel van de multinationals en hun lobbyisten, is zo ernstig dat elf Canadese academische experten op vlak van vrijhandelsakkoorden in een open brief de regeringen van Wallonië en België bezweren om zich te blijven verzetten tegen het CETA-verdrag, en speciaal het ingebouwde ISDS-protocol.

Maar Juncker en C° laten niet af en voeren de druk op. En zo wil de ironie dat de EU, die zich steeds meer als een irritante regelneef opdrong, nu heel haar politieke macht verkwanselt aan een dictaat van de Philip Morrissen, de Monsanto’s, de ExxonMobil’s en de McDonalds van deze wereld. Is het dat wat we willen?
Besluit: ook al steekt de PS hier als federale oppositiepartij misschien graag stokken in de wielen, Magnette heeft een punt. Zo’n ingrijpende (en onomkeerbare) beslissing is minstens een parlementair debat waard, een publieke discussie en ja, waarom niet, een referendum. Het is bij de EU zoals met peuters: hoe stiller ze zijn, hoe meer je mag gaan kijken wat ze uitspoken. Zwijgen is toestemmen. Waar zijn nu al die EU-sceptici die voorheen de grote trom van de nationale soevereiniteit roerden?

ING doet wat moet, en doet het goed.

Weinigen weten dat het Nederlandse woord “bank” in de twee betekenissen (enerzijds het houten meubel, anderzijds de financiële instelling) dezelfde wortel heeft.
bankBanken zijn verbonden met het ontstaan van het Europese kapitalisme in het Italië van de 14de eeuw. De geldwisselaars hadden op de markt elk een houten bank/tafel waaraan ze hun handel dreven. Gingen ze overkop, dan werd er een bijl gehaald en de bank in stukken gehakt, vandaar het woord ‘bankroet’ (banca rotta, gebroken bank).
Banken werden een macht op zich, de Rothschild-familie financierde vorsten, legers en staten. Met datgene wat Karl Marx “de accumulatie van het kapitaal” noemde, verscheen de grootbank, als zenuwknoop van het economisch systeem, dat het systeem reguleert én compleet kan ontwrichten: ons hedendaags kapitalisme is een bankenkapitalisme.

De bank, het perfecte bedrijf
ING the day afterBlijkbaar beseffen gewone klanten, personeelsleden, maar ook vakbonden nog altijd niet hoe de logica van het systeem werkt. Uiteindelijk heeft zo’n bankinstelling zoals elk groot bedrijf maar één doel: rendabel blijven en winst maken,- winst die dan als dividend naar de aandeelhouders gaat. Jammer, maar de rest is echt van geen tel. Edoch, bij elke “herstructurering” wordt er luidkeels gejammerd over een sociaal bloedbad, alsof zo’n bedrijf een sociale functie heeft. Dat is gewoon niet zo: ondernemingen zijn er om kapitaal te verzamelen, waarvan een deel voor de groei is bestemd en een ander deel ter verrijking van de eigenaars, in casu de aandeelhouders. Rijkdom en armoede ontstaan vanzelf, en nemen ook elk toe, omdat geld geld opbrengt en kapitaal de neiging heeft om zich te concentreren.
Maar terwijl andere bedrijfstakken en zeker kleinere ondernemingen soms nog zoiets als een band hebben met hun product en de consument, vervelende klanten die kapotte koffiezetmachines binnenbrengen en hun geld terugvragen, vormen banken werkelijk de kwadratuur van het kapitalisme: hun grondstof is geld, hun productiemiddel is geld, hun product is geld. Het ogenschijnlijk immoreel karakter van de banksector, en de perceptie van de bankier als crapuleuze geldhond (en dan zeker als het Hollanders zijn!), gaat voorbij aan die simpele logica: een bank is het perfecte kapitalistische vehikel.
Kreten als “ING, shame on you” (Herman Vanderhaeghe van de christelijke vakbond LBC) of “Ik ga weg bij ING als klant. Ik wil al die onprofessionaliteit niet” (TV-man Jo De Poorter, die tot voor kort blijkbaar dacht dat banken filantropische instellingen zijn) klinken dus tamelijk loos, om niet te zeggen infantiel. We leven in een vrijemarktstelsel dat winstmaximalisatie nastreeft in een privaat perspectief. Egoïsme is de mentale kern van dit systeem, sorry als ik nu voor sommigen open deuren instamp. Niet de totaliteit is van tel, wel de individuele positie die men in de economie inneemt. Concurrentie tussen bedrijven én tussen werknemers onderling heet de motor te zijn van de vooruitgang. Afslanken en rationaliseren is daarbij uitermate “professioneel”.
En jawel, we accepteren dat systeem ook. Geen kat die roept om een andere samenleving, of een ander economisch model. Ik verbaas me dan ook telkens weer over de poeha bij zo’n sociaal bloedbad, want het is toch dat wat we willen? Vlaanderen stemt economisch rechts: als ik de kiezers van N-VA, VB, Open-VLD en de halve CD&V optel, kom ik op zo’n twee derden. Socialisme is hier een scheldwoord, ik spreek dan nog niet over het echte rood. Als iemand een links geluid laat horen, rond arbeidsherverdeling, belastingen op winst of inkomen uit kapitaal, meer inbreng van de publieke sector in de economie, een echte overheidsbank of, godbetert, een basisinkomen voor iedereen, wordt die zowat weggehoond. Wie volkshelden als Fernand Huts bekritiseert, zelfs als ze ons pluimen met hun zonnepaneelparken of hun winst belastingvrij weg parkeren op de Bahama’s, is een verzuurde gauchist. Dus neen, we moeten dan niet gaan jammeren als 3500 mensen de laan worden uitgestuurd bij ING-bank, omdat die kantoren worden opgedoekt en het goedkoper kan via het internet.

Spookorganisaties
amazon-box-robotDat brengt ons op het tweede feit: de digitalisering van de economie. Het internet is een formidabele uitvinding, een ongelooflijke schat van gegevens, een zegen voor de porno-industrie, maar vooral een hefboom voor het postmoderne kapitalisme 4.0.
Was voorheen het fysieke contact met de klant/consument nog een hinderpaal voor de brutale winstrekenkunde, dan verdampt dat contact nu compleet dankzij het web. Bedrijven als Facebook en Google hebben echt de toon gezet, ING kijkt er met bewondering naar op: het zijn anonieme spookorganisaties. Probeer maar eens te bellen naar Facebook voor uitleg omdat u geblokkeerd bent, of zoek eens een Fb-bureel, een houten bank om met de vuist op te kloppen. Zelfs voor advocaten is het een hele zoektocht.
Met de digitalisering en de opkomst van de e-commerce verdwijnt het gezicht van de onderneming en maakt hij zijn status van pure winstmachine pas waar. Hij wordt een website met apps, die bovendien toelaten om te snuffelen in uw eigen systeem en de bekomen data door te verkopen. Niet betalen? Geen waar. Problemen? Raadpleeg de Faq. Klachten? Mail maar, of laat u aan de praat houden door een callcenter via een dozijn keuzetoetsen en De Vier Seizoenen van Vivaldi.
Bizar genoeg komen achter die supermoderne webeconomie trekjes tevoorschijn van het primaire uitbuitingskapitalisme: delocatie naar lageloonlanden met een onbestaande arbeidswetgeving, e-shops zoals Amazon die de klok rond draaien met minimumloners in kilometers lange magazijnen waar nooit het daglicht doordringt, dwang tot grote “flexibiliteit”, nachtshiften, weekendwerk. De 21ste eeuw lijkt steeds meer op de 19de.
Voor de rest is het internet een zegen inzake loonkost: behalve wat IT-ers (ook weer in lageloonlanden gerekruteerd) is die kost quasi nul. Enorm winstgevende bedrijven zoals Facebook hebben, in verhouding tot hun omzet, nauwelijks personeel. Het zijn draaiende programma’s, en dat wil een bank zoals ING ook worden, en in haar zog alle andere. Het menselijk restafval zal min of meer geabsorbeerd worden door het sociale vangnet van de overheid, wij dus.
Want ook dat is een typische eigenschap van het bankwezen: de winst is privé, de brokken worden door de gemeenschap betaald. Too big to fail, heet dat. Zolang heel dit systeem niet in vraag wordt gesteld,- en dat is een vraag die diep naar de wortels van de samenleving gaat,- zijn de krokodillentranen over ontslagen en herstructureringen naast de kwestie. ING doet het goed, en doet wat moet.

“Eandis Vlaams”: een stevige scheut dorpspolitiek, een vleugje sinofobie, en de schrik om 4000 mandaten in rook te zien opgaan

 

Afbeeldingsresultaat voor samson en gert

Met stijgende verbazing heb ik de Eandis-soap gevolgd, en het afblazen van de participatie van het Chinese State Grid in de Vlaamse elektriciteitsdistributeur Eandis. Eerst hadden ze het geld nodig, maar daarna sloeg, nu ja, de xenofobie toe en werd de deal als link beschouwd. Met alle Chinezen… De burgemeesters mogen weer hun hoed pakken en voor Samson salueren: ik moest kloppen want de bel doet het niet.

Nu moet u weten wat voor een raar gedrocht dat Eandis eigenlijk wel is. Het bestaat namelijk uit zeven kleinere distributiebedrijven (Gaselwest, Imea, Imewo, Intergem, Iveka, Iverlek en Sibelgas), netbeheerders genoemd. Ze functioneren als intercommunales (samenwerkingsverbanden van gemeentes), die vroeger met privé-partner Electrabel de elektriciteitsvoorziening beheerden. De uitkoop van deze partner heeft het Franse bedrijf GDF Suez, eigenaar van Electrabel, één miljard euro opgebracht. Kenners, zoals Peter Reekmans (LDD) spreken van een cadeau, te wijten aan amateurisme en een volstrekt ontbrekende kennis van zaken bij de intercommunales.

Zij worden namelijk bemand door lokale politici die graag mee aan tafel zitten (letterlijk) en een graantje meepikken. Het gaat om zo’n 4000 mandaten in totaal, die allemaal jaarlijks tot zo’n 15000 euro bruto aan steekpenningen opstrijken. Meer dan even ja knikken en stemmen moeten ze niet doen, en dan aansluitend dineren. Dure studiereizen, ook weer stevig begeleid van spijs en drank, wisselen af met deze vermoeiende bestuursdaden. U begrijpt dat het gegeerde mandaten zijn, en u begrijpt ook dat die intercommunales zichzelf graag in stand houden. Al een decennium dringt de Vlaamse energieregulator VREG aan op een fusie van die zeven baronieën, maar ze komt er nooit. Alle gelijkenissen met de Brusselse 19 gemeentes en hun zes politiecorpsen toevallig.

Oer-provincialisme

burgemeesterU begrijpt tenslotte ook waarom Vlaanderen zowat de duurste elektriciteitstarieven van Europa heeft. Dankzij het waanzinnige systeem van de groenestroomcertificaten (waar vooral grootbedrijven en verbrandingsovens beter van worden), én de provincialistische cultuur van de intercommunales waar lokale graaipolitici de Bourgondische tradities hoog houden.

En neen, China is niet de beste leerling van de klas inzake mensenrechten (al zinken alle vergelijkingen met bv. Saudi-Arabië in het niet). Maar in de perceptie van het Vlaamse boerenverstand is de Chinees nog altijd een lacherige, geniepige, en onbetrouwbare schlemiel, die honden in de pot draait. Geen zaken mee doen, hoogstens afhalen als nr 38. Dit zit diep: het Vlaamse oer-provincialisme teert op kleinpolitieke bekrompenheid der stamhoofden en hun medicijnmannen, maar ook op een angst voor iets wat groter is dan het dorpsplein.

Dat brengt ons tot de clou: State Grid mag dan wel geregeerd worden door spleetogen en de Chinese KP (en volgens onze Staatveiligheid zelfs hun Geheime Dienst); er zit wel degelijk een visie achter die alternatieve energie (wind en zon) planetair wil organiseren en distribueren. De VN zullen dat niet doen: hier is kapitaal, durf en know how voor nodig, anders geraakt die energie die de woestijnzon volop levert nooit tot bij ons. Dus wel ja: als die Chinezen met een minderheidsparticipatie (14%) Vlaanderen willen betrekken in dit groot verhaal –al doen ze dat natuurlijk niet uit filantropie-,  dan is het belachelijk om te doen alsof we op een eigen planeet wonen.

Dat hoeft niet in tegenspraak te zijn met het idee van kleinschalige stroomproductie, windmolens die wijken van elektriciteit voorzien, enzovoort. En iedereen die zijn daken vol zonnepanelen wil leggen en ‘off grid’ wil gaan, eventueel delend met de buren of de straat, mag dat.

Ik denk ook dat er een volstrekt gebrek aan kennis is over de Chinese mentaliteit en cultuur,- als trouw bezoeker van Satay House in Maleizen mag ik dat zeggen. Wat wij te weinig hebben, hebben zij in grote mate: geduld, overzicht, en zin voor complexiteit en synthese. We hebben het hier over de oudste geschreven cultuur ter wereld. Het Chinese schrift is met zijn 50.000 karakters de weerspiegeling van een wereldbeeld waarin het extreem bijzondere en het universele naar harmonie zoeken.

Het grid en Confucius

Jaja, zonder twijfel komt u nu ook af met Mao (die overigens heel dat schriftstelsel wou afschaffen), de Culturele Revolutie, en de hongerdood van miljoenen Chinezen. Of met de mensenrechten, Tibet en de vervolging van dissidenten.

Ik wil er allemaal in meegaan, maar als Vlaanderen zonder problemen wapens levert aan Saudi-Arabië (die via een omweg wellicht ook bij IS terecht komen), dan klinkt een afwijzing van de Chinese deal rond elektriciteitsdistributie en de inschakeling in een ambitieus, wereldwijd eco-net tamelijk hypocriet. We hebben trouwens al Electrabel verkocht aan de Fransen (uitgerekend onder impuls van onze steden en gemeenten, die in een verkiezingsjaar graag met wat geld wilden zwaaien), en dat vind ik eigenlijk voor onze veiligheid en volksgezondheid veel hachelijker. We bezitten niet eens de kerncentrales die op onze bodem staan, in alle eerlijkheid denk ik niet dat de Chinezen de infrastructuur zo zouden laten verloederen, ook al hebben ze nog veel werk in eigen land inzake milieukwaliteit.

burgemeester2

De grote Chinese wijsgeer Confucius zei het al: “Mensen struikelen niet over bergen, alleen over molshopen.” Wel, Vlaanderen is de molshoop waarover State Grid struikelde, en ik probeer me in te beelden hoe ze daar in Peking verbouwereerd kijken naar deze kluit met zijn 308 burgemeesters die zich allemaal het middelpunt van het heelal wanen. Een grid, stel u voor!

Een stevige scheut dorpspolitiek, een vleugje sinofobie, en de schrik om 4000 mandaten in rook te zien opgaan: ziedaar de essentie van de Eandis-klucht. Straks verwacht Shangai een breed lachende delegatie uit de Scheldestad om alles weer glad te strijken, want oeps, staat heel die Antwerpse haven toch zeker wel vol met Chinese containers.

“Lacherige, geniepige, en onbetrouwbare schlemielen”, hoe zouden ze dat schrijven in Chinese karakters?

Dat heb je met politieke genieën: we begrijpen ze niet (of met vertraging)

wever

‘De enige bijdrage die de Vlaamse beweging vandaag nog kan leveren aan een onafhankelijk Vlaanderen, is ophouden te bestaan.’ Deze uitspraak liet N-VA-voorzitter Bart De Wever optekenen in De Morgen, oktober 2012, vlak voor de gemeenteraadsverkiezingen. Ik vond dat een krasse uitspraak, maar N-VA-militanten in mijn omgeving verzekerden me dat het hier een vrijblijvende boutade betrof van het politieke genie Bart De Wever, en dat we misschien gewoon niet slim genoeg waren om dat meteen te snappen.

Ook de toenmalige politieke secretaris en erevoorzitter van de Vlaamse Volksbeweging, ene Peter de Roover, was graag bereid die uitspraak te relativeren als een goed bedoelde provocatie: ‘Wat hij zegt op de achterbank van een taxi, is misschien bedoeld als een uitdaging’ (Radio-1, 23/10/12), aldus De Roover, en: ‘Ik mag hopen dat ze niet tot een verkrampte reactie leiden bij de Vlaamse Beweging.’

Boodschap begrepen. De rest van de VVB hield de kiezen op elkaar, want er stond iets groots te gebeuren, dat niet mocht verstoord worden door verzuurde kritikasters die het historische momentum niet aanvoelen. En effectief: de N-VA behaalde een klinkende overwinning, Bart De Wever werd burgemeester van Antwerpen, een plek van waaruit hij ons zou blijven verrassen met uitspraken, suggesties en eclatante commentaren die het Antwerpse niveau ver overstegen.

Daarna kwam zwartgele zondag, de parlementsverkiezingen waarin zijn partij 33% behaalde, want de Vlaams-nationalisten waren die curieuze uitspraak van de voorzitter al lang weer vergeten en stemden de N-VA in de regering, die weliswaar het communautaire verhaal “in de koelkast” zou steken, want anders kregen ze Michel en zijn MR niet over de streep. Toen heette het dat eerst België socio-economisch moest gesaneerd worden, uiteraard zonder de PS, maar in 2018 zou je eens wat beleven. Opnieuw zag ik al die N-VA-militanten knikken, terwijl er aan de zijlijn maar een handvol critici aan het hoofdschudden waren, waaronder politicoloog Bart Maddens.

La Flandre profonde

DeRooverMettertijd vielen er geregeld van die uitspraken uit de lucht,- de media hadden er een vette kluif aan-, waarbij het N-VA-directorium, en meestal de voorzitter zelf, de klassieke Vlaamse beweging op haar plaats zette: ze moest zich moderniseren, stoppen met archaische praat over onafhankelijkheid, en beseffen dat daar ‘geen draagvlak’ voor was in Vlaanderen. Ondertussen kwam vooral de neoliberale lijn van de partij uit de verf, later aangevuld met het veiligheidsdiscours, want het Vlaams Belang lag op vinkenslag. De old school Vlaams-nationalisten werden bediend met one-liners die soms een vage belofte inhielden, maar dikwijls ook een berispende toon over politieke logica, realisme en wereldvreemd idealisme. Hoger vernoemde Peter De Roover, ondertussen N-VA kamerlid, werd nu uitgestuurd tot diep in la Flandre profonde om de Vlamingen te laten kennis maken met de politieke logica van de 21ste eeuw.

Kritische opmerkingen rond de toch wel hemelbestormende personencultus rond Bart de Wever, werden weggehoond, ook vanwege lieden die zich als flamingant lieten voorstaan. Met alles kwam de partij weg, en elke uitspraak van de voorzitter, die langzamerhand het statuut van Delphisch Orakel had gekregen, diende in ‘de juiste context’ geplaatst. Telkens Bart De Wever zijn mond opendeed, zoog hij camera’s en micro’s aan, maar trad ook een heel apparaat in werking van ‘duiders’ en ‘vertalers’, van partijbonzen tot militanten, die de woorden van de voorzitter correct interpreteerden. Want dat heb je met politieke genieën: we begrijpen ze niet zonder exegese. En zo werd dit, horresco referens, een soort profane religie rond een onaantastbare goeroe.

Ik heb pakken vrienden én vriendinnen verloren, die o.m. op Facebook in de aanval gingen tegen iedereen die vragen stelde bij de zelfgenoegzaamheid waarmee de N-VA als een tank zonder kijkgaten voort denderde doorheen het Belgische politieke landschap. Met partijstatuut nr 1, dat over Vlaamse onafhankelijkheid, achter slot en grendel. Wie De Wever aanviel, of zelfs maar voorzichtig bekritiseerde, werd in bepaalde middens weggezet als een verrader en neen, ik ga niet nog eens naar Erdogan verwijzen, maar bij deze toch.

Nu pas, na de fameuze quote in L’Echo waarin de N-VA-voorzitter laat weten dat het wellicht ook niet voor 2018 zal zijn, en de zich aankondigende defenestratie van hardliners Hendrik Vuye en Veerle Wouters, schijnt er ergens een nikkel te zijn gevallen aan de partijbasis en in de beweging.

Egmontitis

Afbeeldingsresultaat voor Bart De ValckDe Vlaamse Beweging is ‘gechoqueerd, ‘razend’ en ‘ontgoocheld’ over het opzijschuiven van Vuye en Wouters, kopt Knack, en zo ziet het er inderdaad naar uit. Pieter Bauwens, hoofdredacteur van Doorbraak en Bart De Valck, VVB-voorzitter, fulmineren dat het een lieve lust is. Naar het schijnt ging Bart De Valck De Roover zelfs ei-zo-na te lijf in de VRT-coulissen, na het mini-debat in de Zevende Dag. Mijn gevoel: dit is een duidelijk geval van Egmontitis, zijnde de ontlading van opgekropte frustratie bij mensen die misschien al te lang veel goodwill hebben betoond of, –laten we een kat maar een kat noemen-, in dit geval zich geïntimideerd voelden door het politieke genie van Bart De Wever. Vlamingen zijn grosso modo nog altijd niet in staat tot kritische instant-reflexen en polemische alertheid. Ze slikken en verteren, tot de appendix openbreekt en de sluitspieren het laten afweten.

In een Open Brief (De Morgen, 20 september 2016) drukken Pieter Bauwens (Doorbraak), Bart De Valck (Vlaamse Volksbeweging) en Bernard Daelemans (Meervoud) hun ‘ongerustheid’ uit, en smeken de N-VA om de beslissing rond Vuye en Wouters te herzien. De vraag wordt opnieuw gesteld naar de intenties van de partij, en andermaal lijkt dit veeleer op een radeloze roep van verlaten gelovigen in de woestijn:

“Waarom investeert de N-VA niet, samen met de Vlaamse Beweging, in een concreet stappenplan naar Vlaamse onafhankelijkheid? Op die vraag komt nooit een antwoord.”, aldus de briefschrijvers. Terwijl het antwoord al vervat lag in de boutade van De Wever, die bovenaan dit artikel prijkt, en die door interpreten als De Roover werd herverpakt.

Ware die Open Brief vier jaar eerder gepubliceerd, dan had ik het een adequate repliek en een sterk signaal gevonden. Nu klinkt het veeleer als een roep van de bijbelse Job (“Mijn Heer en God, waarom hebt ge me verlaten?”), gevolgd door wat ketters geroezemoes. Egmontitis dus, een interne variant van het welbekende kaakslagflamingantisme.

De in 2012 door de N-VA al doodverklaarde Vlaamse Beweging moet nu resoluut de navelstreng doorknippen en zelf werken aan een republikeins draagvlak, met de kernvraag: “Hoe richten wij de Vlaamse staat in”? Zij moet zelf in het centrum van het debat gaan staan, in plaats van politieke uitspraken te “duiden” of te becommentariëren. De dromers en de believers moeten terug uit hun schuilplaatsen komen, de pragmatici mogen beschikken. Niet de partij, wel de beweging is de essentie, zo niet loopt men vast in de Machiavellistische machtslogica die zich vandaag dankzij de verlamde sluitspieren van de N-VA over Vlaanderen uitstort.

Om misschien nog maar eens het Catalaanse voorbeeld aan te halen: in Catalonië zijn het niet de partijen die de eis tot autonomie trekken,- ze volgen veeleer de stroom die door de volksbeweging wordt gemaakt.

Iets om over na te denken, werk aan de winkel, dames en heren republikeinen.