De pijp van Magritte komt weer boven

Sinds het aamagritte_pijp.jpgntreden van paars, een goed acht jaar geleden, werd het surrealisme als ‘Belgische stijl bij uitstek’ aan het buitenland verkocht. Boodschap van de imagocampagne: we zijn de k(l)oterij van Europa, niets werkt bij onmagritte_pijp.jpgmagritte_pijp.jpgs, alles hangt aan elkaar als los zand, maar dat is nu juist onze charme. ‘Creativiteit’ heet dat: in België zou m.n. alles kunnen en niets moeten. Ook in de overzichtstentoonstelling ‘Visionair België’ (Brussel, lente 2005) rond het 175-jarig bestaan van dit land waren de gekke bolhoeden en de zwevende pijpen niet van de lucht, als tekenen van de plezante gekte die dit land kenmerkt. De bolhoed van Magritte, die al werd bovengehaald naar aanleiding van het Belgische E.U.-voorzitterschap, moest de hypothetische ‘doorsnee-Belg’ namelijk het gevoel geven dat wat zich rond hem afspeelt, niet echt kosjer is en allerminst transparant, maar toch een hoog vermakelijkheidsgehalte bezit. België is weliswaar een grap, maar dan toch een goeie,- de vrolijke gekte van het surrealisme straalt nu eenmaal af op onze té gekke instituties… en daar moeten we nog fier op zijn ook…

Meer

Openen in pdf

Advertenties

17 Reacties op “De pijp van Magritte komt weer boven

  1. De Smet Guy

    Alleen maar dit:

    Een toeval….Heeft Verhofstadt daar banden mee?

    Want zover ik weet was Magritte een KOMMUNIST ! ! !

  2. Vlaamse Patriot

    “Ceci n’ a JAMAIS été un pays” , vermits het om een staatskundige fictie gaat , een hologram BELZEIKE genaamd. Memente homine : “l’ union fait la fArce” Zou er één staat ter wereld zijn (een ECHTE dan) waarvan de nationale hymne GEEN titel heeft in de taal der taalkundige meerderheid ? Of heeft iemand al gehoord van “de Brabantsche” i.p.v. “la Brabançonne” ????? “Et pour les sale flamins la même chose”

  3. En wie kwam er daar zichzelf voorbijgevlogen? De Johan! Accoord dat het surrealisme als artistieke stroming op dit moment in België op een pathetische manier gerecupereerd wordt door de Belgische/Belgicistische politieke classe. Maar om daarmee de années folles tot een soort van cultureel-politieke complot van de Franstalige bourgeoisie te proclameren… die waren wel een Europees (en zelfs een “Westers”) phaenomeen, dat meer met de ineenstorting aller waarden te maken had die uit de Grote Oorlog vvoortvloeide. Heel begrijpelijk, overigens dat het eerste industrieel georganiseerde mensenslachthuis wat smetten op het blazoen der Europese beschaving had achtergelaten. Het Belgische surrealisme is in dat opzicht niet wezenlijk anders dan het Franse, of dan de meest surrelaistische staat in dien tijd (de Weimarrepubliek). Reeds in de Oostenrijkse keizertijd had Karl Kraus het sur-realistische caracter van de feulletonmaatschappij en het l’art pour l’art die het Wenen van het fin de siècle kenmerkten blootgelegd, en aangetoond dat haar onderliggende ontmenselijkende mechanismen tot een oorlog zouden leiden op nooit geziene schaal. Dit werd hier te lande al voor-uitgebeeld door James Ensor, en ik denk niet dat ge die een Waal gaat noemen, wel? Het expressionisme paste daar trouwens ook in, als de hunkering, de zoektocht naar een ideaal op de brokstukken van het recente verleden, al is het ongetwijfeld waar dat die schilders – op Permeke na – niet de erkenning kregen die zij verdienden. Maar ik vind dat ge Permeke cs. onrecht aandoet door ze buiten den hoofdstroom van de culturele transformaties in het toenmalige Europa te plaatsen, dat zou even dwaas zijn als zeggen dat Paul Van Ostaijen, fijnzinnig stadsintellectueel en revolutionair waarbij ge toch ook het bucolische bloed door zijn aderen hoort stromen, buiten de culturele ontwikkelingen stond omdat de Franstalige bourgeoisie geen Nederlands kon lezen. Wie heeft er trouwens de Beurscrash van ’29 wél voorzien? Mijn grootouders zaliger wisten in 1936 dat er een tweede wereldoorlog zou komen omdat zij, als handelaars in steenkool en stookolie, in dat jaar van de Amerikkaanse oliefirma Sinclair te horen kregen dat ze Europa ging verlaten om die reden. En hoe wisten die gasten dat, denkt ge? In 1939 kwam 90% van de Duiste olie van Amerikaanse bedrijven!

    En sorry, ik krijg het ook een beetje op mijn systeem van die “aardse” rhetoriek als het over Vlaanderen of de Vlaamse identiteit gaat. Mag ik er even aan herinneren dat de Zuidelijke Nederlanden, samen met het noorden van Italië de eerste bloeiende stedelijke beschavingen in de postclassieke periode hebben voortgebracht? Inderdaad heeft vierhonderd jaar bezetting en onderdrukking een aantal van de latere ontwikkelingen grotendeels aan ons voorbij laten gaan, soms ten goede, soms ten kwade, maar in elk geval zijn de culturele genen van “Vlaanderen” die van een souvereine stadsstaat eerder dan die van een boerenhof, zelfs al is er ondertussen een flinke laag “Vlaamse klei” bovenop komen te liggen.

    Tenslotte. Het is zonder twijfel waar dat de Franstalige politieke kaste Leterme zowel vreest als minacht, een gevolg van hun cultureel-politieke neocoloniale reflex, en eigenlijk een teken van politiek onvermogen en gebrek aan democratische zin. Maar daar stopt de solidariteit voor mij dan toch. Ik krijg ook eczeem van al die tjeverij aan Vlaamse kant – van Leterme tot dat geoxfordeerde autoritaire boerke Frankske van den Brouckventje. Of krijgen we alleen maar een Vlaamse stempel op ons gat als we dat soort tuig in onze armen sluiten? In vergelijking daarmee is Bart De Wever (en Godbetert dat ik niet aan zijne politieke kant sta!) een openhartig en welbespraakt intellectueel, die tenminste ook nog kan schrijven. Volgens mij was het meest relevante feit dat uit de Standaard-reeks over de regeringsvorming naar voren kwam juist het schrijnende intellectuele onvermogen, zowel aan Vlaamse als aan Waalse kant. en dat was ooit wel degelijk anders in la Belgique à (niet: de) papa.

    Dus kom van uw paard en lees uw teksten in het vervolg nog eens na. Andre Delvaux is een Vlaamse maar Franstalige cineast, geboren te Heverlee en nog maar onlangs overleden. De schilder dien gij bedoeld is Paul Delvaux.

    http://www.leninimports.com/paul_delvaux.html

    Ge zijt goed bezig, maar ge moet oppassen dat ge niet ontaard in een caricatuur van uzelf…

    Groeten van een Vrijgeest aan een Vrijgeest,

    Karin

  4. timmermans etienne

    Pf zeg,en ik die dacht dat we de pijp aan Maarten hadden gegeven,maar ik ben dan ook maar een Vlaams boertje .Zo zie je maar JS ,een foutje van u is genoeg voor een berg kritiek ,maar dat houdt u scherp .
    Ik zou zeggen nog van dat!

  5. staf de wilde

    dit artikel bevat al minstens 1 historische onjuistheid: dankzij de Gentse Brusselaar Paul-Gustave van Hecke waren de Vlaamse expressionisten zoals Fritz van den Berghe wel degelijk te zien in Brussel, van Hecke was voor een aantal van hen zelfs de belangrijkste sponsor en zijn verzameling kwam later grotendeels in het museum van Elsene terecht.

  6. Schitterend en inhoudelijk ontegensprekelijk vertoog.
    Détailkritiek hoort in de marge.
    U veroordeelt de dominantie van de francofonie.
    Maar, heeft de Vlaamse politieke kaste de grendel- en andere politiek zelf-emasculerende wetten niet gestemd?
    Is zij niet fundamenteel staatsbehoudend? Frans van cauwelaert : “Wij Vlamingen zouden alles kunnen bekomen; mochten wij de regeringen durvendoen vallen”

    Het zou leerzaam zijn mocht u volgend thema willen behandelen:
    Belgica ‘jacobina’ mali causa ?

    Hubert de Sy

  7. Anastasia V.

    Beste Johan Sanctorum

    Dit is de eerste tekst die ik van U krijg na het Gravensteen-debâcle. Een sterke tekst, politiek zeer geladen en cultuurhistorisch onderbouwd, wat die muggenzifter van een Staf De Wilde, met zijn pissige lezersbrieven, ook moge beweren. Dit soort teksten is essentieel in de anatomie van de Belgische kwaal.
    Karin V. heeft natuurlijk gelijk, dat die dolle twintiger jaren een Europees fenomeen zijn, maar in België hebben ze toch een heel aparte invulling gekregen, juist via de adoptie van het (picturale) surrealisme tot burgerlijke esthetica en salonkunst, waarop dan de anomalieën van de Belgische staat konden gegrondvest worden, en de continuïteit van de elites. Dat schraal, lunatiek erotisme van die Delvaux, dat is toch verschrikkelijk. Je zou denken dat die man nog nooit in de kont van een echte vrouw heeft geknepen.
    Ik vind het toch zo opmerkelijk dat U altijd aan een vorm van zelfdestructie doet. U deconstrueert alles wat U zelf bent. Want U behoort natuurlijk OOK tot dat vermaledijd surrealisme, een beetje in de trant van Bréton zelfs, met Uw bizarre gedachtenconstructies, gewaagde conceptuele combinaties, en radicale conclusies. Ik denk bv. aan dat fascinerend essay over de onzin van de literatuur en het einde van het boek. Wat ook het einde van de filosofie zou betekenen. Dus Uw mentale dood… Misschien wil U wel ‘ondergaan’, in de zin die Nietzsche eraan gaf.
    Enfin, ik bewonder U enorm als persoon en intellectueel. Het was natuurlijk niet zo verstandig om in die Gravensteengroep te gaan. En strategisch gezien was U er achteraf beter ook niet uit gegaan, al was het maar om die Vermeersch verder het vuur aan de schenen te kunnen leggen. Maar een filosoof hoort niet strategisch te denken, en alle grote geesten staan uiteindelijk alleen.
    Ik hoop alleen maar dat dit nog lang mag duren. Als U wil, tracteer ik U ter vertroosting graag op een uitgebreide beurt in mijn alkoof, maar dat zal aan zo’n diepzinnig denker wel niet besteed zijn…

    Maria-Magdalena
    (alias Anastasia, studente filosofie, Gent)

  8. Ai Monglei

    Wie het kleine foutje niet eert, is het betere gedachtengoed niet weerd. (Vlaemsch naturalisme ?)

  9. ook al opgevallen dat de 3 nationale persoonlijkheden die bovengehaald worden om België te verkopen aan buitenlandse investeerders allen franco-belgisch zijn?

  10. Johan Borremans

    Uw webstek is verrassend demythologiserend. Toch bent u niet altijd nauwkeurig, me dunkt, en gaat u soms wat kort door de bocht. Het Belgische surrealisme is pas na de Tweede Wereldoorlog salonfähig geworden bij de Belgische boureoisie. Tot in het interbellum bleven ze bij voorkeur trouw aan kunstenaars uit een vorige generatie die in een meer aanvaardbare stijl werken, zoals Pierre Paulus de Châtelet (van de Waalse haan), Emile Fabry of Jean Delville (l’Homme-Dieu van het Groeingemuseum in Brugge), om er maar enkele te noemen. De eerste werken van surrealistische kunstenaars werden door de Brusselse Koninklijke Musea voor Schone Kunsten (dus door de belgicaine staat), pas aangekocht na de Tweede Wereldoorlog. Vlaamse expressionisten werden wel degelijk al vanaf de jaren twintig in het Brusselse kunstmilieu gelanceerd. Belgische musea, waaronder de voornoemde, namen al eind de jaren twintig werken van Vlaamse expressionistische kunstenaars in hun zalen op. Die Vlaamse expressionisten zijn trouwens ook van een oudere generatie dan de Belgische surrealisten. De abstrace Belgische schilders vonden hun weg naar de musea zoals de surrealisten pas na de Tweede Wereldoorlog. Ook Magritte heeft ooit abstract geschilderd, zoals Jozef Peeters, Victor Servranckx of Marthe Donas. Na WO II staan Magritte en Delvaux in de ogen van de Brusselse bourgeoisie die het reilen en zeilen in dit land bepaalt in weerwil van de schijn, voor een ‘alles bij elkaar’ nog aanvaardbare kunst, dat het economisch liberale maar ethisch en cultureel conservatieve Brusselse milieu, niet dat van de Beulemansen, maar dat van de Duponts en de Cohens (so to say), toch nog boven de schoorsteenmantel wou zien hangen. In het interbellum zat Magritte een tijd in Parijs, en daar werd zijn kunst niet graag gezien door Breton, de Franse paus van het surrealisme. Delvaux kwam maar pas omstreeks 1935 tot het surrealisme. Deze kunst lag in België toentertijd wel niet zo goed in de markt. Het milieu van het surrealisme is echter wel degelijk zeer Franstalig en geniet ook van de bescherming van het Franstalige, ‘Latijnse’ milieu. Latijns staat hier voor een ‘esprit’, een taal en een ras. Zo kon Scutenaire ‘werken’ op een ministerie, dat wil zeggen hij hoefde daar niets te doen en kon zijn baas zelfs ostentatief negeren, aangezien hij bescherming genoot van een of andere Waalse minister. Ik kan mij inbeelden tot welke taalrol degene behoorde die het werk van deze hardnekkige en opportunistische communist mocht overnemen, naast de eigen taak, opdat het surrealistische genie zich aan grote zaken kon wijden waar domme boerkens niet aan toe zijn. Ik beeld mij dan namelijk graag in dat die ambtenaar die er naast zijn werk ook nog dat mag bijnemen van het genie Scutenaire, un flamin was. Deze mentaliteit is mij ook uit de eerste hand bekend, als getuigenverslag. Een familielid dat een tijdlang in het Paleis van Justitie heeft gewerkt in de oorlogsjaren (hetgeen voor alle duidelijkheid geen collaborerende activiteiten impliceert) wist dat je daar vanaf een bepaald niveau gewoon niet meer hoefde te werken. Een van de kantoorchefs bijvoorbeeld, besteedde zijn dag aan het van links naar rechts verplaatsen van de objecten op zijn kantoortafel. Nog hogere bazen komen te laat aan, blijven niet lang, gaan weg. Doen niets. Als dat niet surrealistisch is ! Het surrealisme berust misschien op het onderscheid dat in la Belgique werd en nog steeds wordt gemaakt, tussen een steeds groter aantal superieure rassen die hier rondhangen, en dat éne enkele inferieure ras dat men van de Belgische kaart wil weggommen.

  11. Carpe diem

    Het is een hele opluchting te lezen dat U uw steun blijft geven aan de Gravensteengroep. U maakt volgens mij echt iets los in Vlaanderen. Ik kom alvast iedere dag op uw site speuren naar nieuwe scherpe teksten die in één adem lezen. Je bent voor mij de Geeraerts (van de Gangreens) onder de filosofen.

  12. Apropos. Waar is dat vorige stukje over het Gravensteen naar toe? Dat over het paard van Troje.

  13. Verhofstadt vergelijken met Magritte, wie van de 2 zou het als een blamage beschouwen ?

    Ik zou niet zo verheven doen. Als ik Verhofstadt bezig zie, dan moet ik steevast denken aan Eddy Wally, The voice of Europe en omstreken.
    Mediageil, totaal geen voeling met de werkelijkheid, ne smile van ‘links’ tot ‘rechts’, compleet uit de toon, grootheidswaanzin, verkoopt flauwe kul aan de lopende meter,….. en toch DOET IE HET. Niemand houdt van hem, maar HIJ is wel dé man, wel ?

    Martens en Tindemans waren van dezelfde strekking : Alles doen om aan de macht te blijven; bukken jongens en gepakt worden door francofone collega’s en dan nog Merci zeggen, want we zen toch in beeld geweest, hé !

    Het Belgicisme is aant verwateren en het zal nog wel even duren, want de francofone suprême verzet zich als een duveltje in wijwater, maar een onafhankelijk Vlaanderen zit eraan te komen. Kweet niet of ik het nog zal meemaken.

    En wat die francofone paleispolitiekers betreft, die bestaan zeker en vast, maar hun gekonkelfoes gaat steeds minder door. Het deksel sluit zeer slecht op het potje. Zie maar de recente schandalen rond het koningshuis. Dat had in de jaren 80 nooit gepakt, dan hadden ze Vaessen allang dood naast zijn auto gevonden.

    En het gaat hier niet om exacte wetenschap, of Delvaux 5 jaar eerder of later dan WOII opgevist werd, het gaat om de inhoud, het gedachtengoed, de strekking van het verhaal.

    Doe voort en zie niet om…

  14. Wat een domme triomfantelijke republikeinse taal ! Het achterlijke Vlaanderen houdt wel degelijk nog steeds van z’n koning. Het houdt van Verhofstadt, hoewel die Vlaanderen én België letterlijk aan Frankrijk heeft uitverkocht, met alle sadistische gevolgen vandien (u weet hoe Fransen zich gedragen tegenover niet-Fransen). Recente peilingen hebben dat weer uitgewezen, dat de ontslagnemende eerste minister als een held wordt beschouwd terwijl zijn voornaamste verwezenlijkingen bestaan uit het terugbetaalbaar maken van de ombouw tot vrouw en het homohuwelijk, enfin, uit een aantal ethische dossiers dus en wel omdat Franstaligen véél te conservatief zijn om die ethische dossiers zelfs maar te willen aanpakken. De bekentenis over Elio di Rupo’s homoseksuele gedrag hebben ze letterlijk uit zijn mond moeten trekken, hoewel hij alles op alles heeft gezet om het te kunnen blijven ontkennen: hij weet immers hoe in zijn kringen (de francité, de latinité en de mafia) wordt gedacht over homoseksualiteit; het is allemaal goed maar het MAG niet uitkomen want dat is niet fatsoenlijk en niet Latijns. Iedereen die vijf minuten met een Franstalige heeft gesproken weet dat hij te maken heeft met huichelachtige aanmatigende trutten die van hoog tot laag denken als vorsten in het Ancien Régime. Ze spreken de taal van de Sade en de Liaisons dangéreuses en zijn volstrekt niet in staat tot volwassen gedrag. Huppeldepup zie ons staan ! Daar komt het op aan. Vlamingen zijn mensen die zich eindeloos in slaap laten sussen en geruststellen tot het te laat is. De dwaasheid van de Galaten !

  15. Beste Karin,

    Toen ik uw kritiek grondig doorlas kreeg ik tot mijn spijt de indruk dat het mogelijk niet Johan was die zichzelf voorbij snelde, maar u. Ik probeer dit voorzichtig te formuleren, want ook ik wil niet in de val van projectie stappen. Uw kritiek schijnt een zekere eruditie te impliceren betreffende het Surrealisme. Het laatste over die kunststroming is echter zeker nog niet gezegd, vooral niet over haar verband met de politieke, historische of hedendaagse realiteit. Noch het Surrealisme noch haar verbanden kan men reduceren tot een aantal argumenten pro en contra, gestaafd door even zoveel historische feiten waarvan de waarheid en relevantie ter analytische discussie moeten blijven staan. Waarom roept u bijgevolg in uw tweede zin Johan’s tekst veralgemenend uit tot een proclamatie van een Bourgeois Francofoon gekke-jaren-complot ? Waar vond u dat terug ? Dat lijkt mij een ongepaste Hineininterpretierung. Nog ongepaster lijkt mij het minimaliseren van de Holocaust tot „wat smetten op het Europese Blazoen“. Ik ben niet zeker dat u daar met uw „eerste industrieel georganiseerde mensenslachthuis“ naar verwijst, maar de al dan niet gewilde overeenkomst is te treffend om u vrij te pleiten. U weet wat men vlak na de gruwel van de vernietigingskampen schreef, in zoveel woorden : poëzie en literatuur is voortaan onmogelijk. Het blijft nog steeds de vraag of die mensen niet gelijk hadden. U koppelde daar vervolgens „in dat opzicht …“ aan. Mij lijkt het niet onverstandig omzichtig met zulke opzichten om te springen. Er is in die vernietigingskampen heel wat meer gecrasht dan beurzen ooit zullen kunnen.

    Wat de overige details in dispuut betreft : ik heb eveneens geen André Delvaux in Johan’s tekst gevonden. Als de tekst inmiddels gecorrigeerd is, is dat ook in orde. Ik had perfect geweten over welke persoon het ging. Mocht zulk een uitschuiver hebben plaatsgevonden, dan let men best op waar de glijbaan ligt. Die is overal aanwezig.

    Wat karikaturen van onszelf betreft tenslotte wil ik u er op wijzen dat ook daar projectie loert. Ik ken u niet Karin, maar vrijdenkers hoeven elkaar niet te beledigen op basis van twijfelachtige interpretaties om zichzelf te bewijzen. Doen ze dat wel, dan zijn ze minstens wat de finesses van de taal en het gevoel betreft nog stevig gevangen, en wordt ook de correcte interpretatie van het begrip “denker” nog moeilijker dan zij al is.

    Vriendelijke groeten aan iedereen op dit schitterende forum.

    Jan Braeken

  16. Beste Jan,

    Geen probleem hoor dat ge mij ook onder handen wilt nemen, maar ge zijt toch wel nummer drie als het erop aankomt zichzelf voorbij te schieten. Waar heel dat gedram over de Holocaust in uw brief op slaat is mij volstrekt onduidelijk; ik had het over de Grote Oorlog; iedereen die een beetje de geschiedenis kent weet dat dat WOI is, niet WOII. En dat deze wereldoorlog de eerste geïndustrialiseerde mensenslachting was is een gemeenplaats uit onze cultuurgeschiedenis. Overigens heeft die Grote Oorlog een zeker zo grote aardschok met zich meegebracht wat het vertrouwen in “vooruitgang” en “beschaving” betreft als de Holocaust. Om maar te zwijgen van het feit dat er zonder deze “doorbraak” wellicht geen Nazi-Duitsland noch WOII waren geweest…. “Enkele smetten op het blazoen” was uiteraard sarcastisch bedoeld. Los van het misverstand wil ik wel kwijt dat ik moe wordt van mensen die menen dat iemand een morele misdaad begaat als hij zelfs maar een heel klein beetje met de Holocaust zou durven lachen. Norman Finkelstein heeft de anatomie van die morele verstijving zodanig meesterlijk blootgelegd dat ik volsta met naar hem te verwijzen. Ten slotte: is volgens mijn eerste interventie Johan’s telst een francophoon complot? Waar haalt ge dat? Ik heb alleen gezegd dat de “roaring twenties” ofte années folles niet tot een francophoon complot te herleiden zijn.

    En gelukkig weet ik wel zeker dat Johan Sanctorum heel wat beter met ongezouten critiek om kan dan sommige van zijn lezers schijnen te vrezen. En zo hoort het ook als ge zo’n groot bakkes hebt. Dat hij het nog lang moge roeren!

    Vriendelijke groet,

    Karin

  17. Beste Karin,

    Ik apprecieer uw reactie. Op mijn beurt geen probleem om nummer drie te zijn. Nummer vier en vijf staan te wachten, en die zullen noch u noch ik alleen zijn, maar wij allemaal, en dikwijls. Ik zag echter geen gedram in mijn reactie, gezien het mij niet alleen volstrek duidelijk was dat de Grote Oorlog en de grote slachting, mèt die grootste aardschok, inderdaad verwees naar WO I, maar ook dat een mensenslachting verschilt van een mensenslachthuis zoals u schreef. Dat laatste verwees voor mij naar een afgesloten bouwwerk zoals een kamp, en gezien WO I en II niet discontinu waren zoals ik eveneens wist en u nu zelf nogmaals aangaf, blijft mijn interpretatie samen met uw specifieke formulering overeind. Gemeenplaatsen noch de schrijvers ervan zijn vrijgesteld van formulerende onnauwkeurigheden die ongewilde interpretaties veroorzaken, maar lezers zijn ook niet vrijgesteld van onnauwkeurige interpretaties. Dus ook mea culpa. Het is geenszins mijn bedoeling gelijk wie “onder handen te nemen”. Daarvoor zijn mijn handen te klein. Over dat sarcasme ga ik twee seconden zwijgen.

    U zegt dat u moe wordt van mensen die er “moreel” niet tegen kunnen dat er een beetje met de Holocaust wordt gelachen. Ik heb de indruk dat de realiteit van de Holocaust niet tot u is doorgedrongen. Dat is niet omdat u een uitzondering bent. Die realiteit kan tot niemand doordringen die niet in de kampen heeft gezeten. Men dient dus een grote terughoudendheid aan de dag te leggen wat uitspraken daarover betreft. U hebt echter nog geen vermoeden van hoe moe ík ben en van wat allemaal, en hoe razend ik word van diegenen die niet een “beetje” met die vernietigingskampen lachen, maar constant lachen omdat ze geen benul hebben van de Holocaust.

    Voor alle duidelijkheid, ik ben niet die overgevoelige moraalridder met Post-Holocaust idiosyncrasieën, maar ik ben ook geen zot in een steen die wanhopig op zoek is naar een hamer om mijn hoofd in te slaan, opdat ik eindelijk kan voelen. De rol van marmeren zottin zal u mij zeker besparen. Niemand is daarvoor geschikt. Als Finkelstein intelligent genoeg was om een blijkbaar hemeltergende “morele verstijving” zodanig “bloot te leggen” dat zij kon veralgemeend worden, dan kunnen we ons de vraag stellen waarom we die verstijving vandaag nog zo weinig zien. Ik heb ze hier op straat in ieder geval in geen vijftien jaar gezien. De terechte oud-morele uitsterving die ik vandaag zie blijft onze nieuwe ethiek wel blokkeren. We kunnen dat niet op rekening van eventuele diepvrieskwaliteiten van Finkelstein schrijven. Dat zou een reductie zijn. Neen, men moet Finkelstein niet misbruiken. Het was zelfs voor de moegetergde Finkelstein gemakkelijk genoeg vanuit de zetel bepaalde extreme morele dilemma’s en emotionele blokkades na gruwelijke omstandigheden zodanig op te schonen, bij te slijpen en emotioneel af te vlakken dat hij er boeken over kon schrijven en geld mee kon verdienen. Iets anders is het om zelf in een Lager te gaan werken en de onbeschrijflijke gruwelijkheden gedurende dodelijke maanden zelf te ondergaan, om vervolgens zichzelf tegen prikkeldraad onder stroom de dood in te jagen. Diegenen die dat deden kunnen nu niks meer schrijven, nooit meer lachen en voor eeuwig moreel verstijven. Blijkbaar kon Finkelstein én schrijven, én een zodanig soepele moraal bezigen dat anderen er knettergek van werden. Finkelstein deed dat niet om er moe van te worden dat mensen met de Holocaust lachen. Zijn geschriften hadden een heel ander doel. De conclusie is dus anders. Men moet zelfs zeer ongevoelig zijn om zich jaren en jaren met afschuwelijke verhalen en getuigenissen van de Holocaust bezig te houden als men niet in die kampen heeft gezeten. Ook dat beseffen weinigen. En er zijn nog minder mensen die weten waarom sommigen zo lang zo ongevoelig kunnen zijn. Dat kan alleen als men zo lang pillen neemt. Althans dat is mijn hypothese. Sarcasme bij massamoord kan daar een signaal van zijn. Ik zeg wel kan.

    Het francofoon complot. Ik kan u alleen maar vragen uw eigen tekst opnieuw te herlezen, en de zaken niet opnieuw te simplifiëren. U hebt wel degelijk meer gezegd dan “complot”, en wel degelijk verwezen naar de tekst van Johan.

    Wat uw zekerheid over Johan’s incasseringsvermogen betreft : ik hoop dat u daaraan twijfelt. Ik heb ook de indruk dat hij zeer veel kan hebben, maar niemand weet wanneer. U noch ik weten niet en nooit wanneer dat incasseringsvermogen zo “oneindig” groot is dat alles kan. Zelfs Johan weet dat niet. Ik meen dat niemand zijn of haar incasseringsvermogen kent, en diegenen die denken het te weten zijn diegenen die zich onkwetsbaar wanen. U wil niet die persoon zijn. U wil ook niet de volgende zijn die gelijk wie op het verkeerde moment zodanig raakt dat u hem of haar de afgrond in duwt. Ik vind voorzichtigheid geen luxe. Het is existentieel.

    Tot slot nog dit. Ik heb tot nu toe ook “ongezouten” kritiek op u geleverd. Dat is niet omdat ik iets tegen u heb. Ik heb slechts een paar details uit uw commentaar bekritiseerd, en met de overige was ik het eens, waarvoor dank. U bent ook degene die mij aangezet heeft om deze kritiek te schrijven. De eer komt dus u toe. Neemt u vooral geen voorbeeld aan mij, want ik ben arrogant. Ik meen één persoon te kennen die dat niet is. Dat is Imre Kertész. Hij is een overlevende van de Holocaust.

    Beste groeten Karin.

    Jan