Maandelijks archief: april 2009

Vive le roi & drink Coca-Cola!

 

Belgavox, of de nieuwe opstoot van oud-Belgisch patriottisme

Het is weer zbelgavoxover: de culturele sector, of althans een deel daarvan, krijgt een nieuwe opstoot van patriottisme, zo tegen de verkiezingen aan. Dat kan geen toeval zijn: om de separatistische demonen te exorciseren, is er niks zo geschikt als een liedje van Will Tura of Clouseau. Vooral het lichte lied dus, conform de ondraaglijke lichtheid van België zelf. Een en ander moet culmineren in het evenement “Belgavox – een volksfeest voor heel het land”, waarin “meer dan vijftig Belgische artiesten op 17 mei onder het Atomium zingen om de eendracht van België te bepleiten.”

In de coulissen treffen we sponsors aan zoals het ABVV, naast de Nationale Loterij (een staatsinstelling dus), en commerciële geldschieters zoals Belgacom, Delhaize, Douwe Egberts en Coca-Cola. Dat laatste brouwsel drink ik sowieso nooit, de rest staat definitief op mijn zwarte lijst. En niet alleen de mijne, naar ik mag hopen.

Het verbaast me telkens weer -en dat was ook op de 1.10-concerten zo-, hoe pop-artiesten zich verliezen in het flou van de feel-good-shows, Sportpaleisachtige massa-euforie, persoonlijke marketing, goedkope emo-filosofietjes rond “samenhorigheid”, commerciële incentives, en tenslotte de regelrechte politieke manipulatie die hen ontgaat. Achter de gecultiveerde Manneken Pis- en Atomiumfolklore zit een behoorlijke dosis onnozelheid en gebrek aan kritische massa bij de ondersteunende artiesten. We hadden in het voorjaar al een charme-offensief van de Europese Commissie, die een aantal dichters bereid had gevonden om “de Europese grondwet te herschrijven”. Vandaag is het dus de beurt aan de Belgicistische lobby, discreet gesteund door het Hof, om bij te dragen tot “de versterking van de solidariteit, de dialoog, het respect, het samenhorigheidsgevoel en de multiculturele diversiteit in België. De vzw wil bovendien helpen bij het versterken van de Belgische identiteit”. Let op deze typerende, volgehouden verwarring: sociale solidariteit blijft à la fin identiek met Belgisch nationalisme. Bij geen van de bevlogen artiesten komt de gedachte ook maar op dat het ondemocratisch wanconstruct België de oorzaak is van de institutionele impasse. En dat regionale autonomie en solidariteit, ook op mondiaal vlak, perfect kunnen samengaan. Zelfs een grote staatshervorming, absoluut noodzakelijk voor wie België nog enige kans wil gunnen, is voor de Belgavox-barden geen optie: dit initiatief ruikt duidelijk naar neo-unitaristische nostalgie.

Dat de gebroeders Kolacny tot de stuwende krachten behoren achter dit initiatief, is dan ook niet toevallig: ze smukten in het verleden met hun meisjeskoor al de feestjes ten paleize te Laken op. Dat het allemaal moet uitmonden in “een groot volksfeest”, is ook al een verspreking: als de Belgische dynastie iets te vieren heeft, worden er ook krakelingen naar de meute gegooid, en een “groot volksfeest” georganiseerd. Kortom: heel dit gedoe oog als een belegen Ancien-Régime-charade, waarmee de oude elites die o.m. Fortis aan Frankrijk verpatsten met het oog op een ratache (een gedachte die de Belgische Revolutie in 1830 zelf al beheerste), het naiefste deel van onze gitaarpopulatie voor hun kar spannen.

Dat het merendeel van de publieke opinie in Vlaanderen deze indoctrinatie afwijst, zal de kloof tussen cultureel establishment en massa alleen maar vergroten. De culturo’s van de Brusselse Dansaertstraat leven onder een stolp, ze zijn hun contact met de maatschappelijke onderstroom allang kwijt.

Zich wellicht bewust van de intellectuele zwakte en de Artistenmetaphysik (dixit F. Nietzsche) die onder het Belgavox-geroep schuilgaat, voelde mijn goede vriend en filosoof Lieven De Cauter zich geroepen om correcties aan te brengen, onder het motto “Ons project voor België gelijkt in niets op het oude, unitaire project van de Franstalige burgerij”.

Dat is een leuke gedachte. Alleen zou de gedreven mensenrechtenactivist zich bewust moeten zijn van de manipulatieve bedoelingen achter zo’n “volksfeest”. Wat is dat toch met intellectueel-progressief Vlaanderen en de Belgische mythe? Waar is het republikeins-democratisch project gebleven? Als ik onder De Cauters petitietekst weer alle namen van het tricolore gezelschap zie prijken, gedecoreerden of kandidaat-lintjesdragers, waaronder de onvermijdelijke barones Anne Teresa De Keersmaeker, weet ik het zeker: het feest kan niet meer stuk, vive le roi. Et un Coca pour tout le monde.

 Johan Sanctorum

Het ritselt weer onder de toonbanken

Onderstaande Open Brief, rond de politiek-correcte censuur in Vlaanderen, verscheen op donderdag 9 april in De Standaard. Het feit dat zwaargewichten zoals Etienne Vermeersch hem tekenden, belette deze “kwaliteitskrant” nochtans niet om zelf aan censuur te doen en passages te schrappen (in het rood aangeduid) zonder enige ruggespraak met de initiatiefnemers. Ook de URL (verwijzing naar deze webpagina) viel op mysterieuze wijze van het blad. Hier dan de complete tekst.

 De “Gounod/Dillen-affaire” toont aan dat we ons in een feitelijke toestand van censuur bevinden.

Het verhaal is ondertussen bekend: een voortreffelijke Mitterrand-biografie, onder meer op Klara en in NRC-Handelsblad bejubeld, getekend Vincent Gounod, bleek in werkelijkheid van de hand van VB-politicus Koen Dillen. Waarna weldenkend Vlaanderen helemaal van de wijs geraakte, en ervoor zorgde dat het boek nauwelijks nog te verkrijgen was in het normale circuit. In Nederland ligt het wel open en bloot in de etalage. Gaan we terug naar de tijd van de sexshops?

Het voorval legt een diepere malaise bloot binnen het cultureel/academisch universum in onze contreien. Het fameuze “cordon” rond één bepaalde partij, waarvan we het strategisch nut in het midden laten, heeft er blijkbaar voor gezorgd dat boeken niet meer hoeven gelezen te worden om er een oordeel over te vellen. We willen hier de welles-nietes discussie niet voeren of die ene Antwerpse ‘linkse boekhandel met een duidelijk profiel’ het boek nu achteraf uit de rekken haalde of niet (daarover lopen de versies sterk uiteen). Feit is dat de Mitterrand-biografie van Koen Dillen niet racistisch of xenofoob of negationistisch is, maar gewoon een hoop heisa veroorzaakt omdat de auteur met het etiket “fout” op zijn hoofd rondloopt, waardoor hij zich gedwongen voelde om een pseudoniem te gebruiken.

Vlaanderen schijnt opgedeeld te zijn in een politiek-correcte helft die toegang krijgt tot de media, vlot een uitgever vindt, het obligate BV-kransje bemant; en anderzijds een schimmig continent van onbespreekbare, verboden, uit de publieke sfeer geweerde politisch-unfähige mensen, zoals dat onder de nazi’s heette. Dat de boekensector zich hier van zijn braafste en meest conformistische kant toont, is ook duidelijk. Bij de meeste boekhandels en grote ketens is de fameuze Mitterand-biografie, sinds Gounod zich als Dillen ontpopte, enkel “op bestelling” verkrijgbaar. Dat is een feitelijke toestand van censuur, waarbij zelfs de heilige koe van de commercie wordt geslacht (Dillens boek zou ondertussen een kaskraker kunnen zijn) om onze ziel van smetten te vrijwaren. Het is bekend dat boek.be, organisator van de Antwerpse Boekenbeurs, nog steeds een index hanteert van ongewenste auteurs en verboden uitgeverijen.

“De linkse kerk in Vlaanderen heeft vandaag nog altijd een probleem met intellectuele diversiteit,” concludeert Dillen terecht. Inderdaad. Het begrip “controverse”, absoluut nodig in een volwassen democratie, verstuift hier compleet. Zelfs al strookte zijn boek niét met de politieke weldenkendheid, zelfs al was het zo “fout” als wat, ook dan, juist dan zou het boekenwezen het moeten omarmen, omdat het tegenspraak zou oproepen en reacties provoceren. Zoiets heet polemiek, in Vlaanderen een hachelijk punt.

Om die reden wensen wij eveneens een lans te breken voor de vrije verkoop van Filip Dewinters pamflet Inch’ Allah. Dit houdt geen stellingname in over het boek, de auteur of zijn partij. Maar zolang een publicatie niet tot geweld oproept – wat het boek van Dewinter niet doet – is iedere feitelijke censuur een lachwekkende vertoning van politieke onvolwassenheid.

Wij willen ons, van links tot rechts, formeel van die censuur distantiëren. Vlaanderen mag langzamerhand wel eens ontwaken uit zijn politiek-correcte sluimer om eindelijk kennis te maken met de kunst van de dialectiek.

Ludo Abicht, docent filosofie

Vital Baeken (“Vitalski”), schrijver

Benno Barnard, schrijver

Gerard Bodifee, auteur

Mimount Bousakla, politica

Hugo Coveliers, advocaat

Thierry Debels, auteur-publicist

Saskia De Coster, schrijfster

Eric Defoort, historicus

Leo de Haes, uitgever

Gust De Meyer, hoogleraar KUL

Peter De Roover, publicist

Willem Elias, gewoon hoogleraar VUB

Derk Jan Eppink, publicist-politicus

Valerie Lempereur, uitgeefster

Bart Maddens, politicoloog

Marc Platel, journalist

André Posman, artistiek directeur De Rode Pomp-Gent

Godfried-Willem Raes, muziekmaker – filosoof

Jean-Pierre Rondas, producer VRT Radio Klara

Johan Sanctorum, filosoof-auteur

Matthias Storme, jurist

Johan Swinnen, professor VUB & Artesis Hogeschool

Frank Thevissen, communicatie-expert

Jef Turf, ex-journalist, publicist

Luc Van Braekel, blogger

Jan Van de Casteele, hoofdredacteur Doorbraak

Gie van den Berghe, ethicus

Luc van Doorslaer, academicus-journalist

Marc Vanfraechem, blogger

Geert van Istendael, schrijver

Wim van Rooy, publicist

Jan Verheyen, filmmaker

Jos Verhulst, publicist

Etienne Vermeersch, moraalfilosoof

Jurgen Verstrepen, politicus

Julien Weverbergh, uitgever

 

Zie ook:

http://www.visionair-belgie.be/Artikels/Censuur.htm