Het helpt natuurlijk als je eerst Schauvliege schoffeert en dan Guy Verhofstadt in de jury hebt

Over de literatuur als boekhoudersschap

Eerst heette het Mortierdat deze jury ondermaats was en niet in staat om zijn talent te beoordelen. Daarna, bij de bekendmaking van de AKO-laureaat, liet Erwin Mortier optekenen dat diezelfde jury “hem beter begrepen heeft dan de andere”. Wat is het nu, beste Erwin? Is de enige kwaliteitsmaatstaf van een literaire jury de Mortiergezindheid? Denk je nu echt dat de middenas van het universum door jouw navel loopt, en dat de waarheid zich verbuigt onder invloed van jouw grenzeloze gravitatie?

Wat er ook van zij, de auteur van Godenslaap wil zo snel mogelijk een gesprek met cultuurminister Joke Schauvliege (door hem eerder in De Morgen, tamelijk onsubtiel en kinderachtig, als Schouwvliegje betiteld), om nu eindelijk eens dat fiscaal statuut van de auteur aan te kaarten. Mortier wil zelf geen belastingen betalen maar wil wel graag meer belastinggeld gereserveerd om de literatuurindustrie te stimuleren.

Nu ben ik de laatste om een kunstenaar te willen zien hongeren op zijn zolderkamer. Toch lijkt het nieuwe materialisme van het schrijversgild, evenals de gretigheid waarmee er naar overheidsgeld gelonkt wordt (zie de eis van de sector om beginnelingen een soort ambtenarenstatuut te geven, om nog maar te zwijgen van het “geef ons meer geld”-geblaat van Dirk van Bastelaere in het tijdschrift nY), te refereren naar een zeer oude wortel van het schrijversschap, namelijk de boekhouding. Van in het oude China tot onder Karel de Grote waren schrijvers in de eerste plaats door de overheid aangestelde klerken, die slechts mettertijd, eerder uit verveling, naast de reguliere magazijnnotities ook persoonlijke krabbels maakten. Misschien werd dat door de hofdames wel gesmaakt, en ontstond zo het type van de hofdichter, een soort belcanto-nar die zich in zangwedstrijden mocht uitleven. Jaja, toen al regende het prijzen, waren er glunderende winnaars en mokkende verliezers.

Dit maar om te zeggen dat Mortiers gekoketteer met jury’s, zijn enorme hang naar succes en status (de gespeelde bescheidenheid van de laureaat, die gelukzalig mompelde “ach, we doen het niet voor het klatergoud”, deed dat nog frappanter uitkomen, zoals Caesar tot drie keer toe de keizerskroon weigerde), ons weer herinnert aan wat Sloterdijk schreef over het cynisme van de moderne intellectueel en zijn verslaving aan de macht. Het aura van de dichter is de verdubbeling van het aura van de politicus, die er zich achter verstopt, want politici zijn de dag van vandaag niet populair. De hang naar zekerheid en de institutionele cocon is onrustwekkend groot in het artistiek-intellectuele circuit. Ik zou graag eens een schrijver beloond zien die het establishment te kakken heeft gezet, maar dat is natuurlijk een contradictie vermits het establishment zelf de prijzen uitdeelt.

Voor de rest heeft Erwin Mortier een vlekkeloos PR-parcours gereden: het hautaine geschimp op het Schouwvliegje heeft hem de sympathie opgeleverd van juryvoorzitter Guy Verhofstadt, en het naarstige lobbywerk van diens broer Dirk. De als “voluntarisme” verklede doordrammerij van de ex-premier indachtig, zou het me niet verwonderen dat de rest van de jury hem gewoon zijn zin heeft gegeven. Daarbij blijf ik, zoals al vroeger gezegd, de verschijning van de luiers verversende moeder-minister een verademing vinden in het landschap van de kakmachines en de zelfverheerlijkende peptalk allerhande.

Zal Godenslaap de eeuwigheid halen, zoals de jury het stelt? Ik weet het nog zo niet. Ik heb eerder het gevoel dat de echte eeuwigheid van morgen vandaag in de anonimiteit huist, het klodderwerk van de eenzame wroeter. Behalve een euvel is marginaliteit misschien ook wel een zegen, een schuilplek. Een auteur die door een (ex-) premier wordt gelauwerd, dat kan nooit goed aflopen. Ook Claus en Verhofstadt waren boezemvrienden, maar van Claus gelooft niemand dat hij nog een decennium langer meegaat. Kunstenaars en macht, ze trekken elkaar aan, maar het eeuwigheidsgehalte blijkt telkens weer ver van de salons, de Academie en de prijzen te liggen. Dat ziet er dus niet zo goed uit voor Erwin. Dan toch maar beter eens stevig doorbomen over dat BTW-tarief…

Johan Sanctorum

Advertenties

22 Reacties op “Het helpt natuurlijk als je eerst Schauvliege schoffeert en dan Guy Verhofstadt in de jury hebt

  1. Frank De Vos

    Ronduit schitterend

  2. Sluitspiertoerist

    ik lees graag boeken van schrijvers die “anders” georienteerd zijn ; deze prijs zal hopelijk in de bruine an(n)alen van 2009 vermeld worden.

  3. geweldig ! De spijker op de kop.

  4. Het stond in de sterren geschreven dat Mortier moést gelauwerd worden na het aan het handje lopen van een bepaalde politieke zuil. Valse insinuaties en beschimpingen vielen velen ten deel. Dié mensen hebben zich echter véél verdraagzamer gedragen na het zien van het fragment van de prijsoverhandiging. Met een deel van de 50.000EUR kan Mortier best een cursus over verdraagzaaamheid volgen.

  5. Geld opent alle deuren, achterwerken van politici kussen levert prijzen op.

  6. Gerard Eggermont

    Ik zou het zéér onbetamelijk vinden van mijzelf om in verband met onze ontwapenende ‘luiers verversende minister-moeder’ hier de voor de hand liggende titel van ‘Strontvliege’ te gebruiken. Deze titel zou echter wel degelijk op zijn plaats zijn voor de specimen die op het onwelriekende goedje azen. Maar vooral, wie ben ‘ik’…

  7. Waren Plato, Socrates (…) door de overheid aangestelde klerken?

  8. Socrates, beste Serge, schreef helemaal niks, dat was een straatloper. Plato wel, die bouwde voort op de gedachten van zijn leermeester, stichtte een Academie, en daar liep het al mis…. (hij was voorstander van een sterke, hiërarchisch geordende Staat).
    Overigens heb je wel een punt wat de Griekse filosofen betreft, zeker de ‘presocratici’.
    Sanctorum vind ik overigens een tamelijk Socratisch denker. Een lastverkoper ahw, hinderlijk voor het establishment. Socrates moest uiteindelijk de gifbeker drinken, rond Sanctorum heerst er vandaag blijkbaar een totale mediaboycot. De methodes veranderen, de principes van de macht zelf daarentegen…

  9. Misschien kan Mortiertje voortaan beter voorlichtingsboekjes voor de overheid gaan schrijven. Dan kan hij zelf op basis van zijn diploma en leeftijd de loonschalen nagaan.

  10. Bart Plouvier

    Alle jaloers gezeik ten spijt, Mortier is het beste wat literair Vlaanderen vandaag in huis heeft. Dat hij zich ook nog eens met zijn pen inzet voor collega’s die goed werk leveren maar het zonder AKO-euro’s en zonder sociaal vangnet moeten stellen, dat siert hem. Kritiek op hóé hij dat doet is muggezifterij. Ook verder is al dat gedoe rond zijn persoontje, hoe hij is en wat hij zegt, van minder dan bijkomstig belang. Als auteur ben ik altijd een beetje ‘verliezer – ik kwam ook dit jaar niet in aanmerking – maar mij zul je niet horen kakelen over foute jury’s en vermeende politieke samenzweringen.

    • @Bart P.,

      Als een titel zoals “Godenslaap” het beste is wat het Nederlands vandaag in petto heeft – De AKKO(p)rijst vertegenwoordigt niet louter Vlaanderen -, dan vrees ik dat ik het slachtoffer ben van een oneindige zinsverbijstering meester. Ik apprecieer uw pogingen om The AKKO-MAN te worden (waarom won er geen vrouw !?), maar ik begrijp uw lof voor meester Mortier nog niet zo goed. Literaire ernst is ambivalent, maar niet overbodig. Kan u wat meer uitleg geven ?

  11. In afwachting van het moment dat het omnidimensioneel tot mij doordringt vond ik dit een artikel dat handelt over een (oneindig) belangrijk onderwerp waar niemand omheen kan huppelen, Socratesk of niet : onze Nederlandstalige literatuur, en haar twijfelachtige dan wel twijfelachende reputatie, toekomst of geen toekomst.

    In verband hiermee, en retrospectief, kreeg ik een paar dagen geleden een lichte aanval van misselijkheid, toen ik in De Standaard las dat niet minder dan G. Verhofstad nu de voorzitter is van een jury die beslist over één van de bekendste literaire prijzen van het Nederlandse taalgebied. Hoe komt die man in dat gekwadrateerde comité, PQRST ? Met jullie welnemen, wie had ginder die reusachtige braadpan voor hem klaargezet, en wie speelt het vet ? Wie is het vuur of speelt ermee, en wie zal wat blussen als de boel in brand vliegt ? Welke tsunami zal voor die bluswerken groot genoeg zijn, en wie zal er beven ? En hoeveel gaat ons dat straks allemaal kosten, met respect ? Of is het allemaal zo mistig en virtueel geworden dat het er niet meer toe doet ?

    Naar mijn bescheiden mening hoort meester Verhofstad niet thuis in die jury, noch op de koord van AKKO. Dat is iets voor het vernietigende niveau van Nietzsche. Of beter : kan mijnheer V. alstublieft voor een periode van twintig jaar enkele superclusters van sterrenstelsels van die jury vandaan blijven, tot hij geschikt is ? Ik vind de Nederlandstalige Literatuur iets te belangrijk voor nog maar een schijn van corrupte Weltschmerz, en al helemaal voor slechts een schaduw van anachronistische, belachelijke cumulatieve oprispingen. Zulk een voorzitter kan alleen een ware kenner van de wereldliteratuur zijn, – is dat nog niet duidelijk ? -, tenzij inderdaad per uitzondering een soort genie dat zich hopelijk hier ergens in het Nederlands schuilhoudt ? Voorlopig ken ik zelf dergelijke kenners noch genieën (en/of voldoende), dus kan iemand mij enkele voorbeelden daarvan geven ?

    Verder ga ik volledig akkoord met het blootleggen van de stinkende nexus van literatuur, geld en macht. In feite is het de Lezer die dat moet doen, door alleen literatuur als een raket naar de oneindigheid te sturen, en niet de neerslag van, bepaalde soorten slaap ? Hoe kan de lezer deze nexus afstraffen als een andere nexus, die van unieke schrijfsters of schrijvers, nergens te bespeuren valt ? Gezien het een netwerk betreft bouwt iedereen mee aan dat uniciteitsnetwerk, ook droomloze u’s en ik’s, ook bij herhaling ?

    Moeten we wachten op het eerlijke moment, ach dat oneindig eerlijke moment bijvoorbeeld, waarop deze prijs één of meerdere jaren niet wordt uitgereikt omdat niemand het gewenste niveau haalde, waarna de echte winnaar het verdubbelde, driedubbele of nog hogere bedrag rechtmatig in ontvangst neemt, of het deelt als zij of hij het niet nodig heeft ? Ik ben er zeker van dat geduld de Nederlandstalige literatuur vandaag meer zou opleveren dan gelijk welke prijs, en dat zij haar onverwacht, definitief kan wakker schudden omdat dan eindelijk de Grens ook definitief wordt doorbroken.

    Eergisteren heb ik verwoede pogingen ondernomen om een exemplaar van het winnende boek van E.M. in te kijken, maar het is mij niet gelukt. Uitverkocht, doorverkocht, ingekocht. Ik las enkele pagina’s van twee andere boeken van hem, die mij absoluut niet overtuigden. Ik probeer het later opnieuw. Ik hoop dat ik mijn voorspelling moet herzien. Arrogantie inclusief, indien van toepassing.

  12. Bart Plouvier

    Dag Jan,
    Denkt u echt dat ik schrijf met de AKO-prijs in mijn achterhoofd? U houdt er vreemde ideeën over het schrijvers op na.
    Ik ben geen germanist, ik heb nauwelijks school gelopen. Ik baseer mijn oordeel over het werk van Mortier op 50 jaar leeservaring. Dat ik zelf al 30 jaar schrijf en de materie redelijk goed beheers, speelt ook mee. Maar, zo’n oordeel blijft natuurlijk altijd enigszins subjectief. Toegegeven.
    Feit is dat, wie welke prijs ook krijgt, er altijd figuren opstaan die het met de jury oneens zijn. Dat is hun goed recht, maar juryleden, waar ze ook zetelen, zijn niet per definitie dom, bevooroordeeld of omkoopbaar.
    Waarom er geen vrouw wint, daar kan ik geen zinnig antwoord op geven. Wat ik wel weet:het toekennen van de prijs aan Brigitte Raskin (wie….?) was de grootste vergissing/stommiteit die een jury ooit begaan heeft.
    Dit berichtje is het laatste wat ik ik aan deze polemiek toevoeg. Ik heb andere dingen aan mijn hoofd. Schrijvers moeten hard werken.

  13. Beste Bart,

    Ik heb niet beweerd dat u met AKKO in het achterhoofd schrijft. Vreemd mag u dus mijn mening noemen ; dat is voor mij overigens een compliment.

    Ik ben ook geen Germanist – universiteiten zijn voor domoren, om maar eens iets echt vreemd te schrijven, let’s hit the earth -, en mijn oordeel over Mortier is op zo goed als niets gebaseerd (Huh ? :-), tenzij alles wat of wie ik ben. Dat oordeel blijft staan, tot ik het moet veranderen.

    Ikzelf heb ook nog een miljard andere dingen aan mijn hoofd, maar dat wil niet zeggen dat ik dit niet belangrijk genoeg vind om verder te reageren.

    Wat hard werkende schrijvers betreft : we zijn hier wel bezig met schrijven, dus dit zijn geen “andere dingen”. Graag uw argumenten ten voordele van Mortier. Met respect.

  14. Dag Bart,

    Ondertussen heb ik het boek van Mortier kunnen inkijken. De eerste pagina’s hebben mij verrast. Dit is geen gewone roman. Het is iets anders, iets beters, ik weet nog niet precies wat. Als gevolg hiervan herzie ik mijn mening over Erwin Mortier, en stijgt mijn appreciatie Bart voor uw commentaar. Ik schort mijn oordeel over Godenslaap en zijn schrijver op tot ik het volledig heb gelezen. Gezien het uitstekende niveau zal dat nog even duren.

    Graag zou ik nu ook willen weten of Johan Sanctorum deze roman volledig heeft gelezen. Indien dat niet zo is, denk ik wel dat de conclusies voor hem nu ook duidelijk zijn. Een roman kan belangrijker worden dan de auteur ervan, wat die daarvoor of daarna ook doet of laat, en omgekeerd nadien.

    Nog een kleine technische vraag voor Johan, in verband met deze website. Ik had al een paar keer een lange commentaar geformuleerd, waarna ik “verzend reactie” klikte. Vervolgens kreeg ik het bekende foutbericht dat ik eerst mijn naam moest invullen, en kon ik niet meer terug naar mijn lange commentaar. Alles was verdwenen, en ik moest weer helemaal opnieuw beginnen. Oef ! Kan de ontwerper van deze website daar technisch iets aan verhelpen Johan ; bijvoorbeeld een optie bij die foutmelding inprogrammeren, waardoor de commentaar behouden blijft ? Want ik veronderstel dat er al meerdere mensen zijn geweest die net zoals ik het zelfde probleem kregen, en die weer helemaal opnieuw moesten beginnen.

    Dank bij voorbaat Johan.

  15. Om te voorkomen dat in geval van technische obstructies het bericht niet kan worden verzonden, kan men best een tijdelijk tekstdocument openen en naderhand de te publiceren tekst simpelweg kopiëren.
    Dat bespaart een hoop chagrijn.
    Net zoals willen spreken over een boek met nuffig en gekunstelde woordspinnerij dat al ruim negen maanden te koop was, om dan wat oprispingen te ontlasten.

    Van de uitzending over de prijs onthou ik het beeld van een ter plaatse klaarkomende weduwe Claus.

    In die zin was het nog waar ook wat de Hannibal Lecter van de Vlaamse literatuur toen zeide: ‘Godenslaap is slechts een traan in Het Verdriet Van België’

  16. Pingback: J. M. Barroso atsakė europarlamentarams apie naująją Komisiją ir energetiką » Mano Lietuva – interneto tinklaraštis

  17. Bart Plouvier

    Ik kan het natuurlijk toch weer niet laten om te reageren.Wie schrijft moet ‘iets doen’ met taal. Wie dat doet wordt al te gemakkelijk van ‘gekunstelde woordspinnerij’ beticht. Ikzelf heb een hekel aan de heersende soberheidscultuur binnen de literatuur; aan de zeikerds die geen mooi adjectief kunnen verzinnen en dus lullen over ‘de taal uitbenen tot op het bot’. Zielig.
    “Van voornoemd fenomeen, dat kwezelkunstig wantrouwen ten opzichte van overmaat, die onnatuurlijk gekweekte afkeer van met buitensporigheid beladen letterlussen, van zulk een fundamentalistische kwaal ben ik immers gespaard gebleven. Dat niemand mij het waarom daarvan vrage, want anders zoude ik dienen te antwoorden: ‘Daarom.’” Pjeroo Roobjee.

  18. Beste Bart,

    Voelt u niet zo aangevallen. Het is mijn leeservaring dat het werk van Erwin Mortier zich altijd laat kennen door de te nadrukkelijk ambachtelijke franjes en tierlantijntjes – hij had z’n boek ook net zo goed ‘winterslaap’ kunnen noemen. Wat mij betreft mag het meer opwaaien in de lyriek, driftig schuimen en speekselen als een verbale grijpgrage tango. Dat je Pjeroo Roobjee in deze aanhaalt is meer dan terecht, en stemt me eensgezind. Roobjee blijft hors categorie.

  19. Bart Plouvier

    Hier komt er nog een over de soberheidsziekte die de Nederlandse letteren teistert: “…bij het becommentariëren van elkaars werk hebben Nederlandse schrijvers het al te vaak over ‘mooi klein schrijven’, over ‘de taal tot op het bot uitbenen’ en ‘er staat geen woord te veel in’. […] Misschien is het wel zo dat een tekst waar zogenaamd ‘geen woord teveel in staat’ ons in zijn kaalheid te zeer doet denken aan de totale overbodigheid van de literatuur, en kan een boekwerk als een barokke kathedraal er op z’n minst de schijn van noodzaak aan geven”. A.F.Th.

  20. Hello, ik ben een fan van zowel Mortier als Plouvier en Roobjee… Het erge(rlijke) is dat tegenwoordig iedereen over alles een mening moet hebben en die mening ook nog zo nodig wereldkundig wil/kan maken via Internet… Wees braaf en lees een boek!
    Grts
    Eddy

    • Jan Braeken

      Tja Eddy,
      Enerzijds ga ik akkoord met die compulsieve meningen (waarvan de meesten overigens al te dikwijls geen meningen zijn volgens mij, maar slechts een snel samenraapsel van letters, vlagen van vage gevoelens, of uit de lucht gegrepen fantasieën. Anderzijds kunnen we nu toch ook niet alle meningen gaan verbieden, onder het voorwendsel dat iedereen maar braaf moet zijn en lezen. Is dat niet wat paternalistisch ? En no offence, maar zijn het niet net die paternalisten die ook wel eens stevig “compulsief” uit de hoek kunnen komen ?:-)
      Toch fijn dat je hier nog reageerde, want het was weer heel stil geworden rond dit artikel.
      Groeten,
      Jan