Die Kunst der Fuge

 Steeds weer wordt in het universum van kunst en cultuur het begrip “vrijheid” gehypostasieerd. Onder de pathetische vraagstelling “Kan kunst de wereld veranderen?” poneerde de moderniteit een type van intellectueel dat aan de causale dwang der dingen zou kunnen ontsnappen, en als kunstenaar-profeet zelfs de geschiedenis (ten goede) zou kunnen beïnvloeden. Het genie als voluntaristisch weldoener. Nobelprijzen literatuur worden doorgaans gekoppeld aan een moreel hoogstaand engagement van de schrijver die zijn intellectuele vrijheid ten dienste stelt van democratische idealen, volksverheffing, mensenrechten, en noem maar op.
 Edoch, naarmate we de kunstwerken zelf intern gaan analyseren –en bij de ene lukt dat al beter dan de andere-, lijkt er van die vrijheid niet veel over te schieten: creatie wil zin, diepe zin, intense samenhang, logica. Is het perfecte kunstwerk geen volmaakte orde? De structuur van Bachs brein weerspiegelt zich in zijn werk, dat op zijn beurt de kosmische orde verklankt,- zo wil het de exegese. Maar dan gaat het niet meer over artistieke vrijheid doch, integendeel, over strenge wetmatigheden, die niet alleen in ons hoofd van toepassing zijn, maar ook in het universum.
 Er kan maar één orde zijn, de rest is knutselwerk. Kunst is daarom religieus, ik ken er geen andere. Wetenschap al evenzeer. Dawkins en Denett mogen vertellen wat ze willen: hun idool Charles Darwin was trouwens een diepgelovig man die de logica van de evolutie als iets “goddelijk” opvatte. Af en toe probeert iemand zelfs kunst en wetenschap in één metafysische canon te vatten. In “Gödel, Escher, Bach: an Eternal Golden Braid”, een boek uit 1979 van de natuurkundige Douglas Hofstadter, worden muziek en wiskunde als elkaars spiegelbeeld beschouwd, waarin het heelal zichzelf verklaart volgens een strenge logica die ons uiteindelijk bij het alfa en omega moet brengen,- de Bouwmeester.
 En daar wordt het pas interessant. De perfectie is niet perfect. Ook de muziek van Bach vertoont, net daar waar ze buitengewoon architecturaal en “kosmisch” oogt, hiaten en defecten. Of, om het in computertermen te stellen: bugs. Zelfs het strengste mathematisch axiomasysteem kan nooit waterdicht zijn. Iets wat Kurt Gödel in 1931 ook bewees via de zgn. “onvolledigheidsstellingen”: de wiskunde rammelt van binnen. Gaten in systemen kunnen alleen gedicht worden door hogere systemen,- een loodgietersbedrijf dat volgens Gödel tot in het oneindige kan doorgaan: God laat ons nooit de complete formule vinden. Geen vrijheid dus,- wel zwarte gaten en lacunes in de orde.
 Neem nu “Die Kunst der Fuge”, een verzameling van 14 fuga’s en 4 canons, in 1751 postuum verschenen en als het muzikaal testament van de meester beschouwd. Het hoogtepunt van muzikaal-abstracte architectuur. De Himalaya van de muziek. Streng, logisch, mathematisch. Maar waarom gaat in maat 239 van het laatste deel, nr. 14, opeens het licht uit? Dozijnen musicologen hebben er hun hoofd over gebroken. Zieke componist niet meer in staat om af te werken? Blad domweg verloren geraakt bij de drukker? Stukje partituur opgegeten door insecten? Welke orde maakte dat deze orde geamputeerd werd, als een boek zonder laatste pagina?
 Ik schoof heel het probleem als een theologisch hersenspinsel terzijde, tot mijn oog op een wetenschappelijk artikel in het weekblad Time viel, door de auteur zelf als een crazy story omschreven…

Lees meer

Advertenties

8 Reacties op “Die Kunst der Fuge

  1. Ik keek uit naar dit stukje. Net voordat het werd aangekondigd had ik een week of twee dagelijks geluisterd naar The Art of Fugue uitgevoerd door het Emerson String Quartet: zie http://www.amazon.com/Bach-Art-Fugue-Johann-Sebastian/dp/B00008O8B3

  2. Jens Incognito

    Een repliek op Die Kunst der Fuge

    Mozarts Lacrimosa
    “Dingen lopen fout omdat ze moeten fout lopen”

    Mozart schreef zijn allerlaatste noten muziek voor de compositie van het Lacrimosa uit
    het Requiem. Het werk bleef onvoltooid en toch kennen we een voltooid requiem, van
    Mozart. En van niemand anders dan Mozart zelf. “Hoe kan dat? Dit is toch onzin?” hoor ik
    u al zeggen. Süssmayer was zo in de ban van zijn leermeester dat hij er in geslaagd is
    om Mozarts Requiem op een wijze af te werken zoals alleen Mozart zelf het zou gekund
    hebben en meteen stel ik me dan de vraag: werkte Mozarts geest verder via zijn
    bevoordeelde leerling?
    Ik stel me ook de vraag of alles wel moet afgewerkt zijn of worden. De mooiste gotische
    toren ter wereld is misschien wel de Sint-Romboutstoren van Mechelen. Iets meer dan de
    helft is afgewerkt. Deze toren staat er als een majesteit, als een held, respect
    afdwingend en zou het ook zo geweest zijn moest hij afgewerkt worden? Iets niet
    afgewerkt zien, horen, lezen, tasten of proeven, is dus niet per sé noodlot. Het kan net
    heilzaam zijn. Het is zoiets als een vrouw in een bikini die mooier kan zijn,
    verleidelijker dan gewoon naakt… De menselijke geest moet mee kunnen de plot
    bedenken, individueel en heel eigen voor zich.
    Dingen lopen fout omdat ze moeten fout lopen is zwartgallig. Dingen lopen goed omdat
    ze goed moeten lopen kan ook gezegd worden. Niet alles is fatalistisch al loopt er hoe
    dan ook een einde aan alles ondanks dat er geen einde is. Wiskundig en dus à la Bach is
    er geen einde en misschien ontbreekt precies daarom die laatste bladzijde. Er is geen
    punt aan de lijn want een lijn is oneindig en zo vragen we ons af waar Die Kunst der
    Fuge eindigt en fascineert het ook zo. Daarom is die Sint-Romboutstoren zo
    adembenemend in zijn strakke harmonische en toch onderbroken lijn omdat ze
    onzichtbaar doorloopt in ons brijn en een absolute perfectie bereikt. Zo ook Die Kunst
    der Fuge. Bach schrijft niet omgekeerd en wijst niet de weg naar Satan, hij wijst de weg
    naar de Volmaakte Schoonheid die we allen als kind in ons dragen. Ze wordt misvormd
    door het leven en toch is ze altijd aanwezig in een verlangen dat we moeilijk kunnen
    uiten. Wie een bijna-dood-ervaring kende weet het misschien wel dat er een absolute
    schoonheid bestaat en die is de Goddelijke Schoonheid. Satan levert alleen valse
    schoonheid om de mensen in zijn val te lokken en uit te monden in een spiraal van
    gruwel en lelijkheid: onze moderne tijd is zijn product. Bach daarentegen levert hoop
    op nog beter, nog mooier en zo ook Mozart en al die andere grote genieën die hun
    talenten niet ten dienste stelden van de vernietigingsdrang. Zij blijven overleven, over
    de dood heen en blijven verbazen, ze zijn een wegwijzer naar de Volmaaktheid. Leve de
    onafgewerkte Kunst der Fuge…

    Jens Incognito.

  3. Brecht Arnaert

    Johan,

    Ik ga met geen enkele zin, woord of letter van dit artikel akkoord. Ik nodig je uit tot debat daarover.

    Beste groeten,

    Brecht.

  4. Gunter Cauwenberghs

    Tja, of ik het met heel de inhoud blindelings eens ben is veel gezegd maar ik kan me wel in de tekst inleven.
    Ik ben het met de genuanceerde kritiek van Jens eens omdat hij de dingen positiever stelt. Het feit dat dingen fout lopen of onafgewerkt zijn / blijven, opent ook nieuwe perspectieven en schept creativiteit. Ook dingen die de mens of natuur vernietigd heeft in zijn geheel of gedeeltelijk kunnen toch weer scheppend werken. Een belangrijk deel van de moderne economie is te danken aan de vergane culturen van de Grieken, Romeinen, Egyptenaars, Maya’s en noem maar op. Is er dan een einde gekomen aan die vergane culturen of leven ze eigenlijk nog steeds verder, al is het dan in een andere dimensie. Zoiets kunnen we ook zeggen van (veel te jong) overleden genieën wiens werk decennia, eeuwen en langer overleeft en toonaangevend blijft. Misschien moest daarom Mozart, net als zovele scheppende krachten op gelijk welk vlak, het lot ondergaan van een veel te vroege dood.
    Ik geloof in het lot, dat het nu een goed of slecht lotsvoorval mag zijn. Het is wel mijn idee dat het lot eerder persoonsgebonden is en in mindere mate groepsgebonden alhoewel. Zie de natuurrampen, oorlogen, aanslagen en wat nog die dood en vernieling zaaien. Het lot heeft dus een positieve en een negatieve kant. Om van Bach nu een Satanszoon te maken omdat zijn Kunst der Fuge onafgewerkt is… Dat is er toch wel over. De meest ‘goddelijke’ muziek is precies door ondermeer Bach en Mozart geschreven en mensen die behept met Satan zijn, kunnen dergelijke hoogstaande kwaliteit niet leveren. Het is immers in volledige tegenspraak met al hetgene waarvoor het ziekelijke satanisme staat.
    Misschien haalt u teveel dingen in een tekst bij elkaar en dat maakt het minder duidelijk voor nogal wat lezers. Die Kunst der Fuge, perversiteiten, vernieling door de toekomst die het verleden bepaalt… Het is wel complex en mogelijk net te ver gegrepen. Want als dat zo zou zijn dat de toekomst het heden en dus ook het verleden bepaalt of stuurt, dan is er geen toekomst want dan is die de tegenwoordige tijd vermits ze al in actie is. We krijgen geen antwoord op die vragen en misschien ontbreekt daarom die laatste pagina muzieknoten… Wie zal het juiste antwoord weten?

  5. Jan Braeken

    Met respect, ik ben geen voorstander van een terugkeer naar het archaïsche, ziekelijk gevoelloze materialistische determinisme door de omkering daarvan in de tijd, en door het creëren van postmodernistische netwerken daar rond. Dat zou alleen maar een Westcultureel, in zichzelf gekeerd en uiteindelijk zichzelf vernietigend eindigheidsdenken voortzetten, dat de wereld al enkele decennia financieel in zijn greep houdt. Het mondiale eindigheidsdenken, de planetaire eindigheidsobsessie van 2010 zal volgens mij als een zichzelf waarmakende voorspelling ten onder gaan in een steeds kleiner wordende spiraal van zelfdestructie, wanneer het zich blijft vast rijden in een inherent contradictorische, oneindig grote cirkelredenering, “om indruk te maken”. Is dat het grenzeloos en verpletterend complex holisme als eenvoudig, voltooid en begrepen voorstellen, al was het maar gewenst of verbeeld ? Wordt in dat geval de tijd als laatste redmiddel opgevoerd ? Verwordt de tijd dan niet tot een vals, virtueel boegbeeld op een zwalpend schip bemand met de laatste, krankzinnig geworden mens ? Ik hoop dat die eindigheidsobsessie zich omkeert in een nieuw paradigma, dat misschien het grootste, laatste en logischerwijze oneindige paradigma zal zijn : de oneindigheid zelf. In het verleden hebben we met twee woorden de illusie gecreëerd dat er een “begin” en een “einde” is aan zowat alles en iedereen, terwijl niemand in de praktijk precies kan aanduiden noch bewijzen waar precies, en wanneer, die woorden voor welke gebeurtenis of fenomeen dan ook plaatsgrijpen. Voor mij is het duidelijk dat er geen begin en geen einde is aan gelijk wie of wat. Bach, waar ik niet van hou, en Leonardo da Vinci bijvoorbeeld, die naar het schijnt regelmatig werken onvoltooid liet (en loopjes nam met de ethiek), kunnen voor mij geen voorbeelden van oneindigheid zijn als zij reductionistisch en deterministisch geïnterpreteerd worden. Het gebruik van de vreemde, onnatuurlijke hypothese van de Big Bang om dat te doen, in feite een “suddenly-soap” die ik niet kan vatten, samen met de huidige stand van de morfologie, de filosofie en de literatuur, mag geen hulpeloze poging meer zijn om het eindigheidsdenken krampachtig en tevergeefs in stand te houden. Indien dit artikel in de richting van dat laatste evolueert, – hetgeen de laatste foto daarin waar ik niet goed van ben suggereert -, dan voorspelt dat nog meer problemen met respect en openheid.
    Verder vrees ik dat teveel erotiseren genialiteit onbewust en projectief uitsluit. Dat is niet nodig. We zijn allemaal genieën in wording, en deze finaliteit tegenhouden is onmogelijk. Heidegger versterkte in die zin hopelijk de zinloosheid (of het absurde) van het zelfstandige, op zichzelf staande, geïsoleerde en bevroren begrip “niets” door het te verdubbelen met een dynamisch werkwoord, met de suggestie dat het in immobiele staat onbewust maar actief vernietigt. Een waarschuwende bescherming tegen het alles verwoestende nihilisme ?

  6. Leuk, de geschiedschrijving als enige volmaakte wetenschap, want steeds vertekkend vanuit de toekomst om het beeld van het verleden te bepalen…

    Ik moest bij het lezen van dit stuk onwillekeurig denken aan de compositie van Der Ring des Nibelungen – niet alleen omwille van de evidente overeenkomst met de inhoud, zelfs de goden ontkomen niet aan hun noodlot – maar ook en vooral aan de manier waarop dit werk tot stand is gekomen. Wagner begon met het schrijven van het laatste deel, en ging zo steeds verder in de tijd om zijn verhaal te kunnen vertellen. Een duidelijkere illustratie van het gegeven dat het einde van het verhaal de voorwaarde voor het bestaan van het begin is kan je je niet indenken. Merkwaardig, Wagner is niet jong gestorven en heeft zijn compositie kunnen voltooien en heeft ze uitgevoerd gezien.

    En wat doe je met dat andere merkwaardig figuur, Christus. Op aarde gekomen als in wezen een “Umwerter aller Werte” en ter dood gebracht door de gevestigde orde – kijk, kijk, zelfs op jonge leeftijd. Zou God in wezen een soort Wotan zijn die via Zijn Zoon de vrije wil introduceert en zich zo aan het noodlot tracht te onttrekken?

  7. Scherpzinnge opmerking van Paul Cordy, die ook op de achtergrond van mijn tekst speelt. Inderdaad heeft Wagner de geschiedenis van achter naar voor herdacht, van het einde naar het begin, in zijn tetralogie van de Ring. Siegfried is de held wiens lot vastligt, en die dat toch probeert te ontlopen.
    Ik heb dit essay dan ook van een nieuw onderschrift voorzien: “Een metafysische tragikomedie”. Dat is ook het antwoord op de reactie van Brecht Arnaert: het betreft een duel tussen de mens en zijn (nood)lot, waarop Nietzsche en Heidegger een zeer verschillend maar ook complementair antwoord hebben gegeven: de boosheid (Zarathustra) versus de “Gelassenheit”. Ik herken me beslist in de eerste figuur van rebel die zich te pletter loopt.
    Maar Don Juan kan misschien bemiddelen…

    Johan Sanctorum

  8. Jacobus Bellamy

    De strategie tegen het noodlot of god is inderdaad nihilistisch en van tijdelijke aard. De natuur en niets dan de natuur is baas.