Bevrijd de straat, zet de maskers op.

Pleidooi voor een carnavaleske benadering van de boerka

Nu het boerkaverbod officieel van kracht is (in een paar steden zoals Antwerpen en Brussel bestond het al langer), past enige zelfkritische reflectie over dit bizar stukje wet, dat eigenlijk niets ten gronde oplost. Noch omtrent de plaats van de islam in onze westerse samenleving, noch de associatie van dat kledingstuk met de bedreiging van onze eigen waarden en normen.

Dat onze Europees-humanistische traditie hier in een spreidstand verkeert, is al jaren duidelijk: het recht op vrijemeningsuiting en de godsdienstvrijheid zijn in een spanning komen te staan tegenover het islamkritische discours, gekoppeld aan de filosofie van de Verlichting. Dat is minder een probleem voor gelovige Christenen of Joden, dan voor vrijzinnigen die elke godsdienst per definitie gelijkschakelen. De libertariër in mij heeft bovendien altijd geaarzeld, of een boerkaverbod wel in overeenstemming kan gebracht worden met het door ons gekoesterde vrijheidsbeginsel. Van mij mag iedereen namelijk op straat lopen in eender welke outfit,- bikini, naakt, in paramilitaire uitrusting (ook verboden!), met een kruiwagen vol bijbels, een opgerolde bladzijde van de koran in het achterwerk, en dus ook in boerka, waarvan ik de onderliggende symboliek desondanks verafschuw, onder het Voltairiaans motto: “je déteste ce que vous écrivez, mais je donnerai ma vie pour que vous puissiez continuer à écrire.”

En inderdaad, voor verdedigers van vrouwenrechten schijnt zo’n boerka heel ongemakkelijk te zitten, je ziet vrijwel niks, men zweet er zich in kapot. Brrr. Maar iemand die zich met Goede Vrijdag laat kruisigen op de Filippijnen hangt ook niet comfortabel, en wie houdt van SM-spelletjes flirt ook met de pijngrens, wat evenmin verboden is. Deze vrijzinnig-libertarische attitude speelt mee in mijn perceptie van wat Sam van Rooy, medewerker van Geert Wilders, overkwam. Wilders, de auteur van het Fitna-filmpje en uniek lid van de Partij Van de Vrijheid (!), kon het niet hebben dat Van Rooy ook eens een filmpje had gepleegd van gesluierde moslima’s in  een winkelcentrum te Scheveningen, en dat met bijpassende commentaar op het web had geplaatst. Ik zie hier nergens een reden om iemand terecht te wijzen, tenzij Wilders zelf. Intrinsiek is er een symmetrie inzake vrijheid: het is alles of niets. Van mij mogen die moslima’s daar rondlopen, én mag Sam van Rooy ze ook filmen, net omdat het een publieke ruimte betreft. De Partij Van de Vrijheid heeft dus een compleet verkeerde naam, want ze wil van alles en nog wat verbieden, ook de Koran bijvoorbeeld. Terwijl toch ook daar bovenstaande Voltaire-quote zou kunnen gelden. Het vrijheidsprincipe botst vandaag dus tegen allerlei obstakels, waardoor het zich abstract en ontoepasbaar maakt.

De oplossing van het dilemma ligt voor mij in een diepere uitwerking van de relativerende kracht die ons door de renaissance en het humanisme werden aangereikt – een herbronning dus-,  en die vreemd genoeg goed aansluit bij de ironie van het postmodernisme. Afbreken is de boodschap. Niet met bulldozers, maar met woorden en beelden. En niet met donderpreken of muilkorfwetten, maar met de lach. Heel het register van de speelsheid, de karikatuur en de parodie doorkruist de tomeloze, humorloze ernst van de islamcultuur, maar ook van het Hollands-zeurderige discours van Geert Wilders. Verbieden leidt tot niets, het roept alleen nog meer verboden op, en voor we het goed doorhebben zitten we in de wederzijdse gijzeling van een schrikdemocratie.

Misschien is de boerka-als-grap, het carnavalattribuut, het artistiek flou, een veel betere en verfijndere benadering van het probleem dan het simpele verbod.

Daarom vormen de fameuze Mohammed-cartoons een mijlpaal in onze Westerse cultuur, ik schat ze even hoog als de Mona Lisa en het tentoongestelde fietswiel van Duchamps. Telkens gaat het om een veelbetekende knipoog, een lach die veel meer aantast dan alle verboden samen: de hedendaagse kunst wijst ons een weg naar een bevrijdende ontbinding van alle zekerheden.

Gezichtsbedekkende kledij is verboden in de publieke ruimte, behalve met carnaval. Dan verdwijnt blijkbaar ook het veiligheidsargument (maskers worden nogal eens gebruikt bij gewapende overvallen). Maar dat carnaval is rekbaar: zoals het liedje van Kamagurka en Herr Seele luidt, “In het heelal is ’t alle dagen carnaval”, is het infiltreren van de publieke ruimte met bizarre, onduidbare, zelfs angst oproepende toestanden schering en inslag. We doen niet anders dan de zotheid cultiveren.

Bij wijze van experiment defileerde vrijdag j.l. Standaard-journaliste Lieve Van de Velde in boerka op de Antwerpse Meir, en bracht in de weekendkrant verslag uit van haar bevindingen (“ongemakkelijk-verstikkend- roept agressie op – men ziet niets en wordt van alle kanten bekeken…”), zonder zich uiteraard te kunnen verplaatsen in de mind map van een gelovige moslima die dat gevoel misschien geweldig vindt.

Op het einde van haar relaas, komt ze tot volgende merkwaardige conclusie: “Mensen lijken gehecht aan een relaxed straatbeeld, een beeld dat ze kunnen vatten en plaatsen. Een boerka past daar niet in. Dat zou het besluit van deze korte wandeling kunnen zijn.”

Hoe interessant haar travestie-experiment op zich ook was, de conclusie lijkt niet te kloppen. Want onze publieke ruimte wordt nu juist gekenmerkt door een overaanbod van prikkels, die helemaal niet rustgevend zijn, doch verwondering wekken, onrust, soms zelfs angst.

Lof der Zotheid

Uitgerekend die Antwerpse Meir, waar Lieve haar gesluierde catwalk deed, is een geliefkoosde uitvalsbasis voor allerlei bizarre happeningtoestanden en performances, soms ook commerciële promotiestunts. In mei van dit jaar leurden vijf als bomen verklede reclame-acteurs met spaarpunten om bomen te planten. Het initiatief ging uit van enkele koekjesfabrikanten. Een paar weken geleden landde op de aanpalende Keyzerlei een “luchtschip” waaraan alle Sinjoren zich konden vergapen: het bleek te kaderen in een kunstproject “Aeroflorale”, door de stad Antwerpen besteld. Een luchtschip vol ruimtemannetjes: alle media speelden het spel mee, het leek wel een ludieke versie van The War of the Worlds, het beruchte hoorspel waarmee Orson Welles in 1937 de Amerikanen de daver op het lijf joeg.

Maar dé boosaardige Vlaamse kunstenaar-straatperformer is natuurlijk Benjamin Verdonck, de man die op diezelfde Antwerpse Meir tijdens de soldenperiode met enorme tassen zeulde, haast als een Christus die onder het kruis bezwijkt. Of die tijdens de eedaflegging van Barak Obama met een megafoon afwisselend ‘Yes, we can’ en ‘No, we can’t’  stond te roepen. Hij klampt mensen aan, verontrust, draagt helemaal niet bij tot een “relaxed straatbeeld”.

Kijken de toeschouwers ervan op? Jazeker. Wordt er gelachen? Jawel, maar men voelt zich soms ook ongemakkelijk door de dubbelzinnigheid, men fluistert, of men loopt gegeneerd weg. Eén keer werd Verdonck ook ingerekend door de politie wegens ordeverstoring. Hij is de kruising van uiteenlopende archetypes zoals de nar, de provocateur, de demonstrant, en zo weer de kunstenaar-entertainer.

Waar blijven de kunstenaars, architecten, performers, die zich, in het zog van de Deense cartoonist,  aan een deconstructie van de islamsymbolen wagen?

Kijk, in die zin vraag ik me af waar de boerka blijft, en waarom Benjamin Verdonck zich niet eens aan deze explosieve materie waagt. Misschien is de boerka-als-grap, het carnavalattribuut, omgeven door artistiek flou, een veel betere en verfijndere benadering van het probleem dan het simpele verbod. Ik pleit voor de straat als zinnige confrontatieplek, die uitnodigt tot speelse vervorming en deconstructie. Ook, en misschien vooral, van de boerka. Niet alleen wordt de originele symboliek aangetast en van andere inhouden voorzien,- er zijn ook talloze associaties mogelijk met vormelijke analogieën zoals het klassieke spook, het ruimtepak, de Antwerpse modecreaties waar je soms van achterover valt: hoe bedenken ze het?

Deze speelse provocatie is een onweerstaanbare stijlfiguur in onze Westerse iconologie. We deconstrueren beelden, iconen, symbolen, begrippen, personen, in karikaturale voorstellingen die na het lachen weerom doen nadenken. Dat de islam daar niet mee om kan, is een veel sterker bewijs dat hij in onze samenleving niet integreerbaar is, dan het feit op zich dat hij vrouwen in een soort gesloten tentje laat lopen. Waar blijven de kunstenaars, architecten, performers, die zich, in het zog van de Deense cartoonist,  hieraan wagen? Een minaret die bovenaan in een knoop eindigt; een gebedsstonde naar Mekka die bij nader toezien een groep naar hun contactlenzen zoekende paters blijkt; mode-ontwerpers die flirten met de boerka of niqab, maar dan in doorkijkversie, of met ingebouwde TV-ontvanger, of vanonder kort en op hoge hakken. Of wat als enkele westerse meisjes zich in boerka zouden mengen onder een groep moslima’s, en een afwijkende lichaamstaal gebruiken? Of wat als ik op een camping een overmaatse boerka opzet tegen de ellendige Belgische zomer?

Ik kan er zo nog een massa bedenken, maar het lijkt me twijfelachtig of de huidige Vlaamse cultuurscène, nog steeds gebiologeerd door een steriele multiculdoctrine, klaar is voor dit soort politiek-incorrecte deconstructies. Ze missen kansen. Door te spelen met het spectrum tussen humor, travestie, parodie, verwondering en horror, ontstaan in de publieke ruimte carnavaleske bellen die de huidige antithesen ver overstijgen. We moeten onze sterkte durven tonen, en die zit in de vrolijke wetenschap. Het is dan aan de moslims zelf om te leren lachen, zoals verlichte Christenen ook met Monty Pythons kruisdoodparodie kunnen lachen. De zelfspot is de hoogste graad van vrijheid. Wie hier zelfs de onderste trede niet durft te begaan, veroordeelt zichzelf tot levenslange gevangenschap.

Volgend jaar is het 500 jaar geleden dat Desiderius Erasmus zijn “Lof der Zotheid” schreef. Misschien dit werk eens herlezen?

Johan Sanctorum

Advertenties

18 Reacties op “Bevrijd de straat, zet de maskers op.

  1. Nemo Xeno

    Mooie tekst, Johan. Inderdaad een heel mooie introductie tot de 500-ste verjaardag van ‘Lof der Zotheid’… Btw : was het niet in 1511 dat dit stuk werd geschreven door Desiderius Erasmus van Rotterdam?

    Humor als duimafdruk van een cultuur en beschaving die zichzelf kan relativeren, dus.

    Niet alleen de Islam, maar ook het V-Vlaanderen zou zich met wat meer zelfspot kunnen bevrijden van allerlei balast en samen met het “10 remedierings-punten voor V-Vlaanderen” – zoals op de website van Res Publica beschreven – zou dat echt wel voor vrolijk vuurwerk kunnen zorgen….

    Op dan toch naar de Confetti-Revolutie?!

  2. Lachen, humor, ironie, zelfspot, relativering: het is allemaal een beetje veel gevraagd van een moslim. Te mooi om waar te kunnen zijn. Het is in de islam toch zo’n “tierischer Ernst”, om in de Karnavalscène te blijven.

  3. “Als antireligieuze kunstenaars zoals Grayson Perry zeven achtste van alles wat godsdienst is bekritiseren, waarbij ze een uitzondering maken voor de islam, dan brengen ze geen kunst voort die voor zeven achtste vrij is, of die voor zeven achtste ingaat tegen de heersende cultuur. Ze brengen kunst voort die feitelijk islamistisch is. Dat ze dit uit angst doen, en niet uit overtuiging, verandert niets aan de aard van hun kunst.” (Christopher Caldwell, De Europese evolutie, 2009, p. 197)

    Van mij mag die tweede s in ‘islamistisch’ gerust weg.

  4. Uiteraard is ermee lachen het beste wapen. Ik kwam er ooit een tegen in Antwerpen en vroeg haar (of was het hem?) of hij dakloos was dat zij (of hij) in een tent de straat op moest.
    Ik blijf sindsdien dit stuk uitrusting steevast een tent noemen, net zoals ik de hoofddoek een (val)helm noem. Guido Naets lijkt de kracht van humor te onderschatten. Kunnen ze er niet mee lachen, ze worden wel uitgelachen en wie laatst lacht…

  5. Lachen met de Islam kan gevaarlijk zijn, en dat is een dimensie waarover Sanctorum het hierboven NIET heeft. Remember de makers van de Southpark-uitzending waarin de profeet als beer wordt opgevoerd? Zij werden nadien met de dood bedreigd en konden voor een keer NIET lachen. Het spijt me, Johan, met de Islam valt niet te spotten, het is een doodernstig fenomeen dat enkel doodernstig (via politiek, zoals Wilders het doet) kan aangepakt worden. Doodernstig of niet, that’s the choice. Voor die keuze stond ook Matt Groening, en wat deed hij? In geen enkele van zijn Simpson-afleveringen wordt de Islam onderuit gehaald, terwijl de spotternijen met calvinisme, hindoeïsme, jodendom etc. legio zijn. Matt Groening weet ook wel dat lachen met de Islam je bijzonder duur te staan kan komen. Theo van Gogh wist dat niet, en die onwetendheid heeft hem het leven gekost.

  6. Nemo Xeno

    @ Eric @Johan

    Ge hebt wel een punt, Eric.

    Ik vind persoonlijk dat mensen veel beter zouden moeten leren om respect voor elkaar op te brengen en te zoeken naar de overeenkomsten én zodoende te kijken in wat hen bindt met elkaar. Je kan steeds gericht zijn op alle verschilpunten en daarop dood-focussen.

    Anderzijds is het toch maar een veeg teken dat alle andere godsdiensten een zekere graad van zelfspot tolereren (daar gaat nu net ‘humor’ over : t.w. beseffen dat elke cultuur en beschaving ergens een bult in het tapijt genereert en waarmee je dan best wel kan mee lachen en als bultmaker sta je dan best in de eerste rij van de lachers). Als dat niet kan dan schort er iets aan diegenen die nooit kunnen lachen. Die nemen zich té au sérieux… Ik denk dat Johan deze kaart hier wilt trekken. Met de Lof der Zotheid heeft desiderius Erasmus van Rotterdam heel het Romeinse Christendom belachelijk gemaakt. En gelijk had hij!

    Maar intussen weet ik ook niet waarvoor enkele maanden geleden in Frankrijk bvb. die crusifix in die urine goed voor was dan enkel om te willen shockeren. Ik vind dat ook ergens een gemaakte fout door Geo Van Gogh.

    Finaal vind ik het verkeerd om te spotten met de diepste levenszingevingswaarden waar bvb. ongeneeslijk en/of doodzieke en kreupele mensen zich aan vastgrijpen, hopend op een betere wereld in een soort hiernamaals.

    Maar mij schokeer je niet met een kruisbeeld in een pispot.. Urine is totaal steriel en er bestaat zoiets als urinetherapie… waarvan de grondgedachte helemaal zo gek nog niet is… En finaal was Jezus ook tevens een mens van vlees en bloed en … Dus zou ik nooit verontwaardigd reageren maar er een uitleg aan geven waarmee je de ultieme spotters ‘te kakken’ zet (om in het ‘register’ te blijven).

    En nog effe dit : als je de sluier en de boerka wilt begrijpen dan moet je dat leren zien vanuit hun cultuur. Het is nogal dom om bvb. een stam van Native Americans te willen gaan begrijpen vanuit ons Westers referentiekader (met een oud-Westers heidens Keltische bril zou dat al beter lukken). Dhr. H. Blumer stond het symbolisch-interactionisme voor, t.w. een manier van schouwen waarbij bvb. een antropoloog zijn eigen referentiekader opzij schuift en betracht om mee te denken en mee te voelen met de andere. D.w.z. de juiste vragen te stellen zoals bvb : welke betekenis hebben woorden en voorwerpen voor die groep zelf en hoe duiden ze dat zelf in hun cultuur. In de islam bestaat een binnen- en buiten-muur-kultuur. Binnen de muren zijn de vrouwen de baas. Een boerka is inderdaad een soort ‘tent’, in in-huizing van een wandelende mens in wat zij de ‘buitenwereld’ noemen… Spanjaarden moeten na het middagmaal de straat op want dan is het huis van de Spaanse dames (moeders, schoonmoeders, dochters, schoondochters en de kinderen). De heren moeten dan naar het ‘casino’ (dat is hun gemeentelijk bruin cafeetje en niet wat wij hieronder verstaan : lap, daar heb je al de begrippenverwarring). Dat cultureel feit hebben ze overgenomen van de Moren (de islamieten, zeg maar). Maar zeg dat niet te luidt naar de Spanjaarden toe 😉

    Zo kunnen vrijzinnigen betekenissen toekennen aan kristelijke symbolen die binnen hun vrijzinnige levenskader bespottelijk overkomen maar die door kristenen zelf nooit als dusdanig worden gezien maar enkel ‘zin’ krijgen binnen hun zingevingssysteem en aldaar een heel specifieke betekenis hebben. Vrijzinnigen en kristenen leven in totaal verschillende universa… en dat spreken van een gemeenschappelijke taal verandert daar niets aan.

    Het enige probleem met de islam is dat ze missionerend is (zoals het romeinse christendom : ‘chiristenheid’ is hierbij iets anders) en de voornaamste problemen met godsdiensten in het algemeen is dat ze soms enorm discriminerend zijn naar bepaalde personen en groepen toe toe. En daar moet terecht ook kritiek op kunnen gemaakt worden.

    Moskeeen : ja, dat moet kunnen. Roeptorens : neen! En kerkklokken dan. Finaal hoeft dat ook niet. Voor de enkelingen die nog naar de H. Mis gaan weten toch wel hoe laat die eredienst begint, of niet soms?

    Zou het niet beter zijn om wat meer energie te steken om elkaar te leren waarderen en een heuse Godsvrede op te bouwen i.p.v. elkaar ‘dood te willen kijken’? Uiteraard is dit een retorische vraag!

    De hogerstaande foto krijgt een andere betekenis als diezelfde boerkadrager naast andere tenten stond en dit naast de stadsmuren… Het is maar hoe je zaken wenst voor te stellen en welke keuzes je in het leven maakt om andere mensen een Canvas aan te bieden, een kijk op de wereld.

    Maar ergens begrijp ik de onderlaag van Johans’ voorstel wel.
    Maar die zelfspot moet dan best van henzelf komen, zoals Desiderius Erasmus van Rotterdam als een katholiek priester de draak stak met zijn eigen kerksysteem en de ‘gang van zijn oversten’.

    De grote humanist Erasmus was een R.K. priester. Wist u dat niet? Trek het maar na!

  7. Nemo Xeno

    Correctie & aanvulling :

    Anderzijds is het toch maar een veeg teken dat alle andere godsdiensten een zekere graad van zelfspot tolereren …

    én de islam daar tot op heden niet in lijkt te slagen …

    (daar gaat nu net ‘humor’ over : t.w. beseffen dat elke cultuur en beschaving ergens een bult in het tapijt genereert en waarmee je dan best wel kan mee lachen en als bultmaker sta je dan best in de eerste rij van de lachers).

  8. Humor in aanwezigheid van ’n religie die niet eens afbeeldingen kan verdragen? Laat me niet lachen! Gevaarlijke vrijetijdsbesteding overigens want, zoals algemeen geweten hebben mohammedanen een lontje van hier tot in Timboektoe.

    Baarmoeders zijn spotgoedkope wapens om hun territoriumdrift te botvieren door aanwending van provocatie. Boerka’s zijn bewust gekozen of patriarchaal opgelegde symbolen en hebben niets te maken met de weigering een parasol, paraplu of regenjasje te gebruiken.

    De klokken hadden niets met religieus fanatisme te maken zeker in tijden toen polsuurwerken niet bestonden en indien ze zouden hebben bestaan quasi niemand ze zich zou hebben kunnen veroorloven.

    Beiaarden ontstonden als instrument tot kunstbeoefening en niet om te indoctrineren met het monotoon torenhoog uitbazuinen van een fanatiek superioriteitsclaim.

    Het is inderdaad aan de moslims om te leren lachen zoals het ook aan de islamieten is om geweld en religieus imperialisme af te zweren. Binnen een millennium of twee, misschien?

    De islam is vandaag een kolkende stoofpot waar een toegevoegd theelepeltje humor vlugger verdampt dan dat het water in de zee vloeit.

  9. Hilde Franckaert

    Sinds wanneer en waar is de boerka Islamitisch?
    Die boerka is een uitvindsel van seksistische moslim mannen die hun ‘minaret’ niet kunnen bedwingen en een reden uitvinden om dat niet te moeten doen.

    Het is de uiterste vrijheid van de moslim man (warme Arabische cultuur) om onder het mom van hun mannelijkheid alle vrouwen te mogen verkrachten en te bepotelen als ze er een zien zonder carnavals -bedekking.
    De boerka is een ‘excuus Truus’ voor hun primitieve dierlijke driften en lusten.
    De boerka is een condoom om te voorkomen dat de ‘Allah-boom’ een erectie krijgt, waardoor een ejaculatie geoorloofd is!
    ‘Hou me tegen of ik schiet!’
    ‘T’is haar schuld dat ik me niet kon bedwingen.’

    De moslimcultuur staat trouwens bol van het afschuiven van de mannelijke verantwoordelijkheid.
    Waar geen verantwoordelijkheid is, komt chaos en geweld.
    Waar geweld en chaos is, moet er dictatuur zijn om die te bedwingen en te beheersen!

    De moslimcultuur speelt tegelijk de oorzakelijke factor van het probleem en diegene die dat probleem oplost.
    M a w, dit is maffia.
    En maffia is: ‘ geef me geld om je te beschermen, want ik zorg er zelf voor dat er geweld op je wordt gepleegd als je dat niet doet’.

    De rol van dit soort boerka-vrouwen is de bevestiging dat zijzelf de het probleem en de oplossing zijn onder het mom van allerlei drogargumenten.
    De Islam wordt als alibi gebruikt om de schuld op de andere te steken.
    Het is de schuld van de ongelovigen, van de christenen, van het oversektste Westen, de joden, de vrouwen, enzovoort.

    Het eergevoel van de meeste Moslims is een verkapte trots, die even erg is als de trots van de Nazi’s.
    Ironisch genoeg is het net dit soort hoogmoed en superioriteitsgevoel dat door Liberalen, socialisten en andere multi-moslim-culturalisten, bestreden wordt.
    Een nationalistische cultuur met het masker van een godsdienst.
    Maar, ‘ elke godsdienst moet gerespecteerd worden!’
    Want, ‘wij moeten verdraagzaam zijn, omdat Hitler het niet was’ en vooral, ‘vanwege Hitler.’

    Hitler is het morele chantagemiddel dat de ‘linkse culturalisten’ gebruiken voor het tolereren van de Islam en zijn uitwasemingen zoals de boerka.

  10. Sanctorum pleit voor spot met de Islam, niet voor islamitische zelfspot. Hij weet dat pleiten voor islamitische zelfspot zinloos is, gewoon omdat moslims zijn teksten niet zullen lezen. Moslims lezen over het algemeen geen geestige noch geestelijke teksten, en dat is net het probleem. Moslims zitten voor eeuwig vastgeroest aan hun absolute ideologie met haar absolute en eeuwige waarheden, en daarmee valt niet te spotten, noch door moslims noch door niet-moslims. Ik blijf dus ook bij mijn punt: de Islam kan niet met spot, enkel politiek, dus doodernstig bestreden worden. En Wilders doet dat goed, Breitnik deed het verkeerd (die laatste speelde enkel in de kaart van zijn vijanden, die hij nu extra politieke slagkracht bezorgt).

  11. Raoul De Smet

    Eindelijk nog eens een ludieke, vrolijke tekst, Johan! Ik vind de reactie van Eric naast de kwestie. Hij ziet blijkbaar het onderscheid niet tussen spot met rare gewoonten en kleding enerzijds en het bespottelijk maken van personen of overtuigingen anderzijds.Wat Johan hier duidelijk wil maken is dat wij in onze cultuur het ernstige en het angstaanjagende traditioneel relativeren door toneel te spelen: is de farce niet een eeuwenoude, gezonde uitlaatklep voor spanningen? Een remedie tegen het oersaaie leven onder de regeltjes van politieke partijen en ideologieën? Leve Erasmus en alle ernstige carnavalfans! Raoul.

  12. ’t Is grappig en pijnlijk tegelijk.

  13. Nemo Xeno

    Na herlezing moet ik toegeven dat Johan hier meer dan één punt maakt. “Met de lach”, én subtiel en liefst nog door die mensen zelf -die effe in staat zijn zichzelf gade te slaan en ergens het ‘relatieve’ ook eens in te zien van datgene wat ze voorstaan. – worden de puntjes op de “i’ gezet (om deze ‘i’ te laten ademen).. en het dus sterk lijkt op ‘chaos’. Dat is nu net dé truc.

    Humor heeft in die zin iets van de getolereerde ‘slappe lach’.

    Humor is inderdaad het ontladen van een ‘teveel ernst’ binnen een samenleving

    Humor is een uitlaatklep die elke cultuur – die zichzelf respecteert – dient in te bouwen.

    Als er op een hogedruk-ketel te veel druk komt te staan, gaat de pot dampend fluiten. Dat is wat de ‘humor’ is in een samenleving.

    De Fransen kunnen dat goed. Denk aan de acteur Louis de Funèse : in bijna al zijn films eerste klas-driftkikker-directeur (of dan toch iemand met een graad), hyperchauvinistisch maar dat steeds duidelijk én grotesk “erover is” en waarmee nu net doorheen zijn films de draak wordt gestoken…

    De Humorenleer van weleer heeft ook iets te maken met typetjes, hun karakters en de manier waarop hun lichaamsvloeistoffen zich naar buiten uit gaan manifesteren.

    Humor is een manifestatie van het overdrevene wat men dan in de openbaarheid (en niet bedekt) de vrije loop laat en waarmee men dan de spot drijft (of mag drijven).

    Tijdens de vasten zelf werd vroeger steeds nog een carnavalsdag ingebouwd…

    Mensen die zichzelf op een streng dieet zetten zouden dat beter ook doen.

    Nu zijn er fuiven, dancings en andere ‘uitlaaklep-manifesttaties’ )van vrijdag op zaterdag en van zaterdag op zondag…).

    Humor heeft een zelfgenezend – dan toch een harmoniserende – functie. En dat moet ‘blijven kunnen’.

    Als dat gestopt wordt is dat ansich een katalyserend teken aan de wand dat het grondig fout loopt.

    De Nar speelt ook ergens die rol.

    De Humor en de Nar zijn in feite dan ook “systeembevestigend”.

    Zo doen ‘brood en spelen’ (zoals voetbal) iets gelijkaardigs maar dan op een ander vlak.

    JS zegt het allemaal op zijn manier.

  14. Goed idee. Maar daarna gaan die Moslims weer klagen (of meer) wegens “spot”, met alle mogelijke gevolgen van dien!

  15. Weekje rondgetoerd door de Peloponnesos. Cafeetjes zaten vol mannen. Heel uitzonderlijk een vrouw. Allemaal orthodox katholieken. Niks moslims.
    Gelachen en gespot dat we met hen hebben. Maar als ze zelf niet tot zelfspot komen, zal hun mentaliteit niet veranderen. Het is dus aan hun vrouwtjes om hen be-lach-elijk te maken.
    Al zijn er ook van die dames die blij zijn dat ze van hun vent vanaf zijn en hem dus met plezier op zo’n terras deponeren.Want babbelen over gevoelens en over psyche kunnen ze er amper mee. Daar knelt het schoentje. Vrouwen zijn geen assepoezen die een muiltje moeten passen en verder hun bakkes houden. Mannen moeten een schoen werpen naar hun spiegelbeeld.
    En dat bekom je niet door De Islamiet of De Orthodox Gelovige aan te pakken, want dan sluiten velen de rangen rond een gemeenschappelijke noemer en krijg je egelstellingen: wij versus hen.
    Dat doe je wel door van binnenuit met cartoons en kolder en tv-series te wijzen op paradoxen, contradicties en onhoudbare waarden en normen. FC De Kampioenen voor niet-seculiere culturen: het is als een couscousdieet voor BDW.

  16. “De libertariër in mij”

    Wat bedoelt u precies met “libertariër”, meneer Sanctorum? Op annickverbauwen.wordpress.com/2011/07/21/de-parabel-van-de-vis-en-de-mossel hebt u het onder uw pseudoniem ‘Annick Verbauwen’ over het ‘koude neoliberalisme’ van Bart De Wever. Bedoelt u ‘libertariër’ zoals het ‘libertair’ van Lijst Dedecker? Of bedoelt u eigenlijk ‘libertijns’ (zoals een Jean-Pierre van Rossem, een libertijnse socialist)? Libertariër zijn, maar het niet hebben voor neoliberalisme, is eigenlijk een contradictie.

  17. Wat ’t Pallieterke hier komt doen begrijp ik niet maar het zal me worst wezen want de inhoud is zoals men in het Engels zegt “to the point”.
    Sanctorum mag verklaren wat hij wil maar ik denk dat het laatste politiek taboe omtrent politiek correct taalgebruik er wel iets mee te maken heeft.
    Misschien kan Bart het slechts 86 pagina’s tellende vlugschrift “de democratie voorbij” van Karsten en Beckman eens lezen. Het werd uitgegeven bij Aspekt onder ISBN 13:9789059114524

  18. Marc Schoeters

    Ik zit hier in een stadje in de Karpaten. De bergen van Dracula. Dat maakt een mens minder bloeddorstig. En de zon schijnt zo heerlijk dat alle meisjes met hun benen bloot lopen. Dat maakt een mens vrolijker.
    Het is moeilijk in de Transsylvaanse smeltkroes aan de Islam te denken. Hier was vroeger Turkse overheersing maar daar werd grondig en mee afgerekend. Hier vind je orthodoxen, katholieken, joden, oud-communisten en nog een paar andere gelovige strekkingen. Maar geen mohammedanisme. Ik vrees dat dat een probleem van West-Europa is en blijft. Het is daarom hoogst waarschijnlijk dat ik over een paar jaar verkas naar Oost-Europa.
    De zelfspot ligt hier voor het oprapen. Zo zei een Roemeen in Boekarest vorige week tegen me : “40 procent van de Roemenen is crimineel. En 70 procent is idioot. Ik weet het – dat is samen meer dan 100 procent. Maar dat komt omdat sommigen allebei zijn – namelijk de politie en de politici.”
    Pas als ik een mohammedaan hetzelfde zou horen zeggen over zijn eigen groep – met in plaats van “de politie en de politici’ bijvoorbeeld “de fatwah-strijders en de imams” – pas dan zou er opnieuw wat hoop zijn. Nietzsche schreef dat hij alleen een god kon aanvaarden die met zichzelf lacht. Maar over Allah en zijn adepten koester ik weinig hoop. John Cleese (van Monty Python) heeft eens gezegd dat hij nooit of nooit een film “The Life of Ahmed” zou durven maken.
    Maar zoals gezegd – veel zon en veel blote benen. Hier – in het enige echte overgebleven Europa.