De discrete onzin van vaderlandslievende boekjes

Zopas verscheen het boBarnardekje van Benno Barnard en Geert van Istendael (met kleine v, noblesse oblige) “Een geschiedenis van België voor nieuwsgierige kinderen, en hun ouders”.

Ik had er al eerder in gegrasduind, en had sterke twijfels over de informatieve waarde van deze kerstboompromotie. Na lezing van de ronduit onnozele en hagiografische “kritiek” in De Standaard van vandaag, neemt die scepsis nog toe. Dat zal de bedoeling niet geweest zijn van recensente-van-dienst Jelle Van Riet (wiens echtgenoot Helmut Lotti de boekpresentatie opluisterde, puur toeval hoor!), maar ik heb nu eenmaal een hekel aan recensies die er uitzien als vriendendiensten.

De schaduw van B plus

Barnard en Istendael dus. Natuurlijk kennen we deze Vlaams-Hollandse versie van Statler en Waldorf al een hele tijd. De verdiensten van de twee tricolore (k)narren voor het Belgische vaderland zijn niet gering. Tijdens de voorstelling van het boek zong Helmut Lotti de Brabançonne, en dat zet uiteraard de toon. Beide literatoren zijn lid van de B+ lobbyclub, een fijn allegaartje van oude adel, nieuwe rijken, een klad proffen en schrijvers van tweede en derde garnituur, die zich expliciet uitspreken voor méér België.

In wezen zijn het ongeneeslijke, ouderwetse romantici die geen oog hebben voor maatschappelijke en politieke dynamiek. Barnard ziet België nog steeds als de reïncarnatie van de Oostenrijks-Hongaarse monarchie (jawel), en van Istendael heeft het steeds maar weer over “de schoonheid van het Belgisch labyrinth”. Beiden leven in een semi-literaire fantasiewereld die via dit soort boekjes een schijn van echtheid krijgt.

Ze leven in een andere tijd, die van de Belle Epoque tijdens het interbellum, toen de Brusselse bourgeoisie zich vergaapte aan de escapistische konterfeitsels van Delvaux en Magritte. Kunst die het Belgische malgoverno als het ware sacraliseerde tot een Imperium van Koning Absurdum en Koningin Nonsense. Tot in de jaren ’90 pronkte Verhofstadt met de bolhoed van Magritte, als nationaal icoon. Tot de paarse ballon ontplofte en slechts losse flodders naliet. We ruimen ze nog steeds op.

Het Dexia-debâcle, het feit dat we het duurste land van Europa zijn, Electrabel/Suez, heel de financieel-economische verstrengeling van de haute finance met het Belgische hof, de communautaire knoeiboel, de rotte compromissen,- het gaat allemaal aan onze bevlogen amateurgeschiedschrijvers voorbij. Of net niet: ze juichen het toe, onder het motto “hoe vettiger, hoe prettiger”. Beiden zweren bij de versleten beeldvorming van België, als een surrealistisch kunstwerk waarin niets klopt en alles wankelt, maar dat we niettemin “mooi’ moeten vinden en zelfs als imago naar het buitenland moeten uitdragen. Dat we daarbij de internationale risée zijn, en beschouwd worden als een gedegradeerde asfaltbaan tussen Nederland en Frankrijk, nemen ze er graag bij.

Uiteraard hebben de twee ook niets op met de Vlaamse beweging of met het Vlaams-republikeinse streven, zoals de B+ club het ook voorschrijft. Steeds maar weer wordt door de heer Barnard Vlaams autonomisme, separatisme, racisme en xenofobie door elkaar gehaald, waarbij tonnen mest over de hoofden van de zwartgele fascisten neerkomen. Subtiliteit is aan deze poëet niet besteed, politieke nuance nog minder.

Wafeltjestaal

En dan de pedagogische insteek van het boekje. Op zich is het uiteraard een nobel initiatief om kinderen wat historische kennis (en veel belangrijker nog: historisch inzicht) aan te bieden. De aanleiding voor het boek zou ontstaan zijn toen het zoontje van Barnard op 10 november van school thuis kwam, met de mededeling dat hij de dag daarop vrijaf had, zonder te weten waarom.

Inderdaad, 11 november, wapenstilstand. Ik weet niet waar de spruit van Benno school loopt, maar de mijne weet wél wat die datum betekent, en moet tot overmaat van ramp de complete Coburg-dynastie van buiten kennen, van Leopold I tot Filip. Dat die eerste wereldoorlog ook de aanzet werd tot het Vlaamse activisme, waarbij de verbroken belofte van Albert I aan de Vlamingen de eerste stoot was tot een anti-Belgische radicalisering, gevolg door de eerste repressiegolf, Berufsverbot voor flaminganten, uitlopend in de collaboratie,- die historische logica leren ze uiteraard niet op onze schoolbanken. En dat past ook niet in het tricolore plaatje van Barnard en van Istendael.

Maar minstens even erg is de neerbuigend-kinderachtige taal waarmee de vaderlandse geschiedenis aaneen wordt gepraat, als uit de mond van de kerstman. Hosties worden “de wafeltjes die het lichaam van Christus voorstellen”, en Alva was blijkbaar een “loser”. Tja. Alsof kinderen alleen nog de Vlaams-Engelse tussentaal machtig zijn, en alles in Brusselse wafels omrekenen.

Ook de opzettelijke verwarring (of is het echt onwetendheid?) tussen de Belgen waar Julius Caesar het over had in zijn “Commentarii de Bello Gallico”, (zijnde de Keltische bewoners van Noord-Gallië in de 1ste eeuw voor Christus, tussen de Rijn, de Seine en de Marne, tot en met Zuid-Engeland),  en de staatsburgers van het huidige België, ruikt naar een geschiedschrijving à la Henri Pirenne, de ondertussen beruchte officiële historiograaf en intimus van Albert I, die de waarheid op bestelling opleukte tot een legendarische fantasie voor vorst en vaderland.

En dat brengt ons weer tot de essentie van deze patriottistische kinderbijbel: een genante restauratiepoging voor een regime dat sowieso op zijn laatste benen loopt. Het désinformeert zoveel als het informeert, en inspireert nergens tot historische kritiek of zelfs maar enige ironie. Vroom whishfull-thinking wordt afgewisseld met leugentjes-om-bestwil en een flinke dosis flou artistique. Dit past in de rij waar het sprookjesboek van Koningin Fabiola te vinden is.

Vaderlandslievende boekjes deugen zelden. En vooral als dichters lessen in geschiedenis willen geven, is het oppassen geblazen.

Johan Sanctorum

Advertenties

19 Reacties op “De discrete onzin van vaderlandslievende boekjes

  1. Mady Vermeulen

    Troost je, Johan. De enigen die het B-plus gezever leuk vinden zijn de B-plus adepten. Zonder het nog steeds oppermachtige, middeleeuwse instituut waaraan ze zich vastklampen betekenen ze niet meer dan de vijf letters waaruit B-plus bestaat.

  2. Een briljante recensie van een recensie. Had je het ‘boekje’ (300 pagina’s, maar kom) ook gelezen, o, schaamteloze Sanctorum, dan had je geweten dat het helemaal niet anti-Vlaams is en de Vlaamse Beweging alle eer geeft die haar toekomt. Arme Beweging, die een hysterische dorpsgek als jij in haar rangen telt, zoals al mijn flamingantische vrienden met plezier zullen beamen – van Matthias Storme tot Karl Drabbe. Want in die Beweging lust niemand jou, behalve de mislukte voorzitter van de fascisten. Ju ju… en dat uit de pen van de man die mij smeekte hem toch bij De Standaard te introduceren!

    • Brosgroen Eikenhout

      Beroerde Benno, ben je aan ’t azen op drie B’s ? Baron Benno Barnard ? Schaam je, o, beroerde Barnard.

  3. Beste Benno

    Je moest eens weten hoeveel mensen ik tegenkom die jou niet lusten. Maar laat dat nu het punt niet zijn. Ik had toch meer inhoudelijk weerwerk verwacht. Met schimpscheuten als “dorpsgek” kom je al lang niet meer weg.
    En jawel, ik heb je boekje wel degelijk gelezen. Maar net niet gekocht. Het scheelt weer een stukje van een boom.

    JS

  4. Helemaal eens, Johan, maar ik vrees toch dat je je omtrent Pirenne vergist. 2 puntje: Pirenne was de man die de bronnen vond en blootlegde waaruit bleek dat de Vlaamse Steden en later Brabant tot grote bloei kwamen. Hij was ook de man die de Vernederlandsing van Gent accepteerde en vervolgens naar Brussel vertrok, maar hij was afkomstig uit Verviers. Hoewel veel van zijn onderzoek nu door zijn opvolgers is bijgesteld, blijft hij – ook voor de Vlaamse historiografie – als ijkpunt en vertrekpunt van belang. Elke keer als men laatdunkend op hem neerkijkt, moet ik wel reageren. Voor het overige is de oefening in Nationalisme, belgisch nationalisme uw zweet niet waard.

  5. Het antwoord van BB confronteert ons met de ware aard van deze geplaagde geest. Ik heb het boekje niet gelezen (en zal het ook niet doen) niettegenstaande de samenwerking met Van Istendael wiens wrange humor ik vaak kan pruimen.

    De persoonlijke uithaal naar JS door BB illustreert het boosaardige karakter van deze Vliegende Hollander wiens ziel nergens rust vindt. Is het gebruikelijk dat auteurs recensenten afblaffen als hun product afgekeurd wordt ? Of belonen met een kistje wijn als het geprezen wordt ? Wat een misplaatste reactie, maar ja, het vat geeft niet meer dan het inhoudt.

    BB toont zich in zijn niet-geargumenteerde reactie als een gebelgd en gefrustreerd mannetje, dat er trots op is te kunnen uitpakken met de term fascisten. Jongen, in NL heb je daar wellicht nog succes mee, in VL is dat afgezaagd en inhoudloos.

    Met vriendelijke groeten.

  6. Ik ben het niet over de hele lijn eens met J. Sanctorum. Zoals hogerop al gezegd, heeft Henri Pirenne wel degelijk een aantal historisch onderbouwde stellingen naar voor gebracht, ook al was hij een volbloed francofiele Belgicist (en tegen de vernederlandsing van de Gentse universiteit hoor, M. Haers).
    Maar Sanctorum argumenteert tenminste, en plaats zijn kritiek in een historisch en politiek perspectief. Barnard scheldt alleen. Slechte verliezer. Zielig hoor.

    Anne

    • Dat valt dus maar te bezien. Want Pirenne wilde niet aan wat een rest-universiteit zou worden meewerken. Als je van Verviers bent sta je er anders tegenover. Misschien had hij andere keuzes kunnen maken. Ik heb begrepen dat hij er niet aan wilde meewerken, maar dat het ook zijn meug niet was. Het is voor belangrijk te zien dat iemand die regelrecht tegen de Vlaamse politieke opinie ingaat, Vlaming is ook nog eens een keertje anders bejegend wordt en dan iemand die er verder niet veel over wenst te zeggen. Als Elio tegen de Vlamingen en tegen die ene partijvoorzitter zit te brullen, tja, dan is dat van een ander kaliber.
      Nog een ding, na WO I was Pirenne, volgens Adriaan Verhulst bijna een prins in dit land. Wellicht heeft hem dat ook mee gedreven zich uit te spreken tegen de universiteit. Maar juist gezien zijn positie was het wellicht succesvol geweest als hij zich echt verzet had. Voor zover ik het werk van Brice Lyon over Pirenne nog voor ogen heb, denk ik dat hij de evolutie te onafhwendbaar achtte om er zich tegen te verzetten.

  7. Als er één zaak is waar linkse jongens en dito Nederlanders in het bijzonder niet tegen kunnen, dan is het wel kritiek op hun eigen producten, ook al bulken die niet steeds maar nogal dikwijls van onbekwaamheid en een overduidelijk gebrek aan inzicht en intellectuele eerlijkheid. Tot zover de geschiedkundige kennis van Benno Barnard.

    Deze poëet is niet te beroerd om als broodschrijver in Knack te orakelen over een “cordon sanitaire” alsof zulks een taalkundig culinair hoogstandje zou zijn. De brave man begrijpt nauwelijks Frans maar doet wel alsof hij lid is van de academie Française. Tot zover de integriteit van Benno Barnard.

    Nu hij uit zijn Talmoedisch perspectief het aandurfde de gevaren van de islam in het openbaar te bespreken, waarvoor hij nota bene wél onze waardering verdient, meende hij op een Nederlandse islamkritische blog toch nog te mogen commentariëren dat de NVA véél kritischer staat tegenover de islam dan het VB. Tot zover de objectiviteit van Benno Barnard.

    Alleen maar om als erudiet, intelligent en gewichtig over te komen deinst hij er niet voor terug een begrip aan een andere taal te ontlenen zonder de de draagwijdte of inhoud ervan te begrijpen maar het toch te gebruiken in zijn geschriften. Kent hij het eenvoudige woord schutskring niet? Tot zover de talenkennis van Benno Barnard.

    Is het kwaadaardigheid of eenvoudig pure domheid van deze Nederlander? Het lijkt wel of hij inderdaad spuwt op alles en iedereen die Vlaamsgezind is. Die is volgens mijnheer Barnard steeds hysterisch en in het geval van Sanctorum ook nog eens een dorpsgek. Tot zover mijn respect voor Benno Barnard. Schoenmaker, blijf bij uw leest!

  8. Flauw van Barnard om zo ad hominem te reeageren op de critiek. Ik heb het boek nog niet gelezen, kan er dus niet over oordelen, maar deze poging tot slag onder de gordel doet me vrezen dat er inderdaad niet veel meer zinnigs over te vertellen valt. Het niveau van het debat tussen onze onze heren intellectuelen heeft blijkbaar zij dieptepunt nog altijd niet dereikt…

  9. bereikt

  10. Marc Bergmans

    Benno Barnard weet zo verdomd weinig van Belgische geschiedenis af dat hij het onlangs klaarspeelde om, in een radioprogramma over de stad Wenen, tegenover de historicus en publicist Philipp Blom te verkondigen dat Charlotte van Saksen-Coburg, zus van Leopold II en weduwe van de onfortuinlijke would-be-keizer Maximiliaan, haar laatste levensjaren doorbracht in “wat thans het Museum voor Midden-Afrika is”. (Ontkennen is zinloos, Benno, het is allemaal netjes ingeblikt in Klara’s geluidsarchief.)

    Als iemand anders, Johan Sanctorum bijvoorbeeld, een dergelijke bok had geschoten, dan zou hij ongetwijfeld door Barnard genadeloos worden afgestraft – maar zie, “de reinen is niets onrein” en als je Benno Barnard heet, kan het allemaal. Dat Tervuren niet Meise is, en het Museum voor Midden-Afrika wel wat anders dan het kasteel van Bouchout (en ook iets anders dan de nationale Plantentuin, die vermoedelijk voor verwarring in Benno’s brein heeft gezorgd) – een kniesoor die daarop let! Maar het zegt wel iets over de schijneruditie van een tongheld die de pretentie heeft, kinderen de beginselen van de Belgische geschiedenis bij te brengen.

    Wat overigens die sneer aan het adres van “de voorzitter van de fascisten” (zie reactie hierboven) betreft: als ik me niet vergis was nog niet zo lang geleden een zekere Benno Barnard maar wát blij dat “de fascisten” (zoals het hem thans weer belieft hen te kwalificeren) bereid waren een paar zware jongens ter beschikking te stellen om als zijn lijfwacht op te treden tijdens en na een confrontatie met de aanhangers van Sharia4Belgium. Nogmaals, de reinen is blijkbaar niets onrein. Van hypocrisie gesproken!

  11. luc dufourmont

    Ik koop het boek voor mijn kindjes en kust hier verder (bijna) allemaal mijn kloten!

  12. Geachte heer Bergmans, wat ontzettend, ik heb me vergist in het kasteel van Charlotte van Saksen-Coburg! Ik val door de mand als een bedrieger! Hoe vreselijk, vreselijk pijnlijk! Want zoals algemeen bekend is een gewichtig criterium van iemands eruditie en kennis van de Belgische geschiedenis de correcte woonplaats van Charlotte van Saksen-Coburg. U bent dus een groot historicus en ik een hopeloze knoeier. Nog een geluk dat ik enkel schrijf over de periode tot 1713 (en dus niet over de Belgische entiteit stricto sensu), en dat alle tekst is nagevlooid door een paar kritische beroepshistorici… – Wat het verhaal over die lijfwachten betreft: dat blijf ik niet uitleggen. Moge het u bevredigen, meneer Bergmans, te denken dat ik heimelijk fascistische sympathieën koester.

    Ten aanzien van de meeste anderen: uw profeet Sanctorum schrijft een recensie over een recensie. Hij springt hoog, hij springt laag, maar het boek heeft hij niet gelezen, een eenvoudige tekstanalyse maakt dat direct duidelijk voor wie het wel kent. Dat u dat kritiekloos accepteert, en niet verder komt dan wat traditioneel boers gescheld op mijn verder irrelevante nationaliteit, ontbloot maar weer eens het modderige karakter van de sanctoriaanse sekte. Geluk ermee.

    Ah, j’avais oublié… Lucky9, ce n’était pas toi qu’on a foutu dehors chez le fameux site néerlandais sur lequel tu débites des conneries ici?

    • Marc Bergmans

      Geachte heer Barnard,

      Ik heb, dat geef ik ruiterlijk toe, inderdaad uw jongste boek niet gelezen – en zal dat vermoedelijk ook nooit doen; het leven is te kort. Ik ben natuurlijk opgelucht te horen dat u alleen geschreven heeft over de periode tot 1713. Anderzijds is het mij niet ontgaan dat u (als ik de door JS gerecenseerde recensie mag geloven) bij uw geschiedschrijving wel een heel opmerkelijke ‘terminus a quo’ hanteert, namelijk 200 miljoen jaar geleden. Wow, mijn respect voor het kleine België neemt overhand toe. 200 miljoen jaar geleden! Ik wed dat ándere landen toen nog helemaal niet bestonden.

      Wat het tweede punt betreft: ik heb nergens beweerd, en gelóóf vanzelfsprekend ook niet, dat u heimelijke fascistische sympathieën zou koesteren. Goed lezen is de boodschap! Wat ik (geen Vlaams Belang-kiezer zijnde) wel beweer is dat u, uitgerekend ú, ten aanzien van het VB en zijn mislukte voorzitter een zekere nuancering zou kunnen betrachten i.p.v. uitentreuren het ‘argumentum ad hitlerum’ te hanteren.

  13. Erna Destickere

    Als ik de eerste regels las van zijn reactie dacht ik nog: nou, Barnard geeft eindelijk eens toe dat zijn kennis geschiedenis verre van vlekkeloos is.
    Maar dan gaat het weer helemaal fout en het eindigt ermee dat hij alle lezers van deze blog als een sekte beschouwt.
    Treurig, zo’n schrijver.

  14. Monsieur Barnard,

    Ta gueule connard! Est-ce de la méchanceté de votre part ou de la bêtise pure et simple?

    Pauv’ con bataviste, réveillez vous!

    Mes respects!

  15. Rene Schaerlaeken

    `Ons lied is kort en broos` (Felix Timmermans) Zo eveneens het leven.
    Al goed dat we om een subtiel verschil van mening mekaar niet dodelijk verminken, onder het uitstoten van kreten als Allahu Akbar. Gelukkig zijn we redelijk verlichte breinen, of misschien toch net niet !?

  16. Eric Janssens

    Barnard zou zich beter houden aan interviewtjes in het gezellige familieblad Humo, alwaar hij gretig ingaat op de journalistieke suggestie om drie bladzijden lang Filip Dewinter onderuit te halen, terwijl het eigenlijk zijn bedoeling was de Islam op de korrel te nemen.
    Wie zich door Humo-reporters op dergelijke droevige wijze een flapoor laat aannaaien kan onmogelijk op consideratie rekenen.