Maandelijks archief: juli 2013

“Creatopia”: wanneer het licht uitgaat in een tolerantiecultuur

BlokkendoosEven samenvatten voor wie pas terugkeert van de planeet Mars: zowat een maand geleden werd een 23-jarige kleuterjuf van De Blokkendoos, een schooltje in de Antwerpse migrantenwijk het Kiel, van kindermisbruik beschuldigd. Sommige kinderen zouden zich thuis bizar gedragen hebben en spraken over “intieme spelletjes”. Er ontstond enorme heisa aan de schoolpoorten, waar vooral moslims zich niet onbetuigd lieten, omwille van deze “obsceniteiten” die tegen hun cultuur indruisen. Maar het gerecht vond geen spoor van dat zogenaamd kindermisbruik. Wel bleek dat het protest aangestuurd was door een paar heethoofden van Sharia4Belgium.

Nu de juf blijkt vrijuit te gaan en het geheel berust op vanuit bedenkelijke milieus aangepookte hysterie, zou men denken dat de school vierkant achter de leerkracht zou staan, en de ouders even herinnert aan de missie van het gemeenschapsonderwijs in een gelaïciseerde samenleving als de onze. Niet dus: de school ging overhaast dicht, de juf in kwestie keert in september niet terug. “Overgeplaatst” op haar eigen verzoek, zegt Frank Noten, directeur van het Antwerpse stadsonderwijs. Ja, dat zal wel. De school verandert zelfs van naam, en wordt nu Creatopia, kwestie van elke herinnering aan het incident uit te wissen. Dat was al lang zo afgesproken, zegt diezelfde Noten, tegelijk topambtenaar, een soort communicatie-adviseur à la Noël Slangen, en tussendoor ook nog zaakvoerder van een hotelketen.

Geen zinnig mens trapt in dat soort Orwelliaanse machinaties: het Antwerpse stadsbestuur is gewoon plat op zijn buik gegaan voor de intimidatie van een stel oproerkraaiers, die de genomen maatregelen als een schuldbekentenis zullen interpreteren. De leerkracht in kwestie en de schooldirectrice komen zelfs niet in beeld en zijn spoorloos, ondergedoken naar het schijnt, maar allicht ook een spreekverbod opgelegd omdat ze, doodgefrustreerd en ontmoedigd, wel eens politiek “foute” uitspraken zouden kunnen doen. Je zult maar zo’n kleuterjuf zijn, en voor de rest van je tijd bekeken worden als “die van de Blokkendoos met dat verhaal over kindermisbruik”.

 Praatbarak en pretcultuur

praatbarakAndermaal schijnt in deze kwestie de democratische rechtstaat op haar eigen grenzen te botsen. Het gaat om de vrijheidparadox in een liberale samenleving (dit woord uiteraard in de filosofische betekenis), waar menig cultuurfilosoof al mee worstelde: wat doe je met bewegingen en ideologieën die de vrijheid van mening willen afschaffen? Ze verbieden, en de eigen mooie principes even opzij zetten? Of ze toelaten, en diezelfde principes laten uithollen?

Met de opmars van de salafistische islam in Europa kraakt ons pluralistische cultuurmodel in al zijn voegen. Culturele diversiteit zit in de Europese genen, jawel, maar dit lijkt meer op een virale aanval die heel het immuunsysteem ontwricht.

Het feit dat er niet krachtdadig gereageerd wordt door de inrichtende macht van die kleuterschool, maar dat men integendeel met “praatsessies” de fanatici wil masseren, bewijst in welk stadium dat cultuurrelativisme al is terecht gekomen. Daar is een lang proces van mentale degradatie aan vooraf gegaan, waardoor zoiets als het gezond verstand het helemaal laat afweten.

Zo wordt de islam de ultieme uitdager van onze Westerse moderniteit. Goed dus dat hij er is, zo weten we wat er op het spel staat…

Al decennia lang is onze gemediatiseerde democratie verworden tot een hysterische praatbarak, een société du spectacle (Guy Debord, 1967) waarin het simulacre (Jean Baudrillard, 1981) regeert, het gerucht, en het gerucht-over-het-gerucht. Ik citeer hier twee filosofen met een respectabele ouderdom, die in tempore non suspectu de interne zwakte van onze communicatiemaatschappij al bestudeerden.

Ze legden de vinger op de kern van het probleem: we hebben geen empirisch instinct meer, daarom kan men ons alles wijsmaken. De televisie heeft ons kritisch apparaat drastisch beschadigd, het internet maakt het werk af. We leven in een zelfvoldane pretcultuur van meninkjes, talkshows en blogs, die allemaal een mediagestuurde waan-van-de-dag achterna lopen.  Iedereen scharrelt en kletst maar raak, ook en vooral de politieke klasse.

Zo iets moet ontsporen, en wel op het moment dat één, in planetaire termen denkende sekte ons met de neus op de feiten drukt: vrijheid is niet risicoloos, en niet alle contradicties binnen een samenleving kunnen gladgestreken worden met praatsessies en wisselende uithangborden.

 De islam als uitdager

FreedomIk klink nu even dramatisch en cultuurpessimistisch, maar dit soort frontale aanvallen op onze democratie heeft in evolutionaire termen wel zijn nut, al was het maar om de decadentie ervan bloot te leggen en mensen wakker te schudden.

De cultuuroorlog, die eigenlijk niemand wil, is toch al een hele tijd bezig. Met elke moskee vergroot het moslimfundamentalisme zijn impact, mentaal én ruimtelijk. De overheid doet niets, integendeel, ze subsidieert de sharia-predikende imams in plaats van resoluut te gaan voor een onderwijssysteem dat het Westers pluralisme, de rechtstaat en de lekenmaatschappij uitdraagt. Af en toe gaat het bomalarm af in onze praatbarakken, maar daarna doen we weer rustig verder tot het volgende relletje.

Toch valt te verwachten dat de publieke opinie zelf, net via de Blokkendoos-incidenten, zal inzien dat de politiek-correcte bijziendheid niet deugt. Er zal dus moeten gekozen worden, democratie wordt weer een halszaak, en dat is misschien wel een heilzame therapeutische fase. Mijn stelling is deze: ofwel overleeft de Westerse cultuur deze aanval van massareligieus fanatisme, en dan zal ze er sterker uit komen, ofwel gaat ze ten onder, en dan verdient ze ook niet beter. Een Spengleriaanse visie dus: het is pompen of verzuipen.

Wie echter denkt dat we een Christelijk Avondland moeten verdedigen, loopt vijfhonderd jaar achter. Het gaat nu om het conflict tussen de “Traité sur la Tolérance”  (1763) van Voltaire en de sharia. Vrijzinnig-links stelt zich daarin veel te laks en inconsequent op: de kerken lopen leeg, maar elk gehucht moet zo nodig zijn gesubsidieerde moskee. Men struikelt over de Jezus-karikaturen en de blasfemische films, maar de profeet Mohammed mag niet afgebeeld worden, teneinde de “moslimgemeenschap niet voor het hoofd te stoten”. Terwijl dat nu juist wél moet gebeuren, kwestie van de lijnen duidelijk uit te zetten.

Ik erger me blauw aan dat gebrek aan vitalisme en cultuurbewuste strijdbaarheid. Alleen een consequent en onverkort verdedigen van de Verlichtingscultuur, gebaseerd op de principes van de kritische rede en het vrij onderzoek, kan een dam opwerpen tegen het redeloos fanatisme. Er moet in dat opzicht zelfs niet “gepraat” worden met de uitdagers.

Zo wordt de islam de ultieme uitdager van onze Westerse moderniteit. Goed dus dat hij er is, zo weten we wat er op het spel staat. Het optreden van iconische vrijbuiters en kamikazepiloten zoals Theo Van Gogh, Salmon Rushdie, en Ayaan Hirsi Ali is belangrijk maar niet voldoende. De reconquista moet van onderuit en massaal komen. Een vuist maken dus, jawel. Vooraleer we onze handjes laten afkappen.

Advertenties

Snowden vs Obama, of het vermoeden van de dubbele waarheid.

Members of German Piraten Partei (Pirates party) hold the portraits of U.S. President Obama and Snowden, a former contractor at the National Security Agency (NSA),  during a protest in Berlin's Tiergarten districtZopas nam ik het nog op voor klokkenluider/hacker Edward Snowden, de man die door Obama wordt opgejaagd en nog steeds op zoek is naar asiel na zijn onthullingen over het Amerikaanse Prism-programma en het wereldwijde pottenkijken van de CIA in alle mogelijke privé-communicatie.

Ik schreef het stuk vanuit een snelle, rebelse reflex, maar zonder me te realiseren dat er helemaal aan de overkant ook een waarheid schuilt: namelijk het feit dat er op die manier terroristische aanslagen verijdeld worden. Heu, leve Prism dus?

Vredelievend als we zijn, en in de Belgische logica van het compromis en het water-in-de-wijn, zouden we Snowden en Obama elk “een beetje gelijk” kunnen geven. Maar dat is intellectueel gemakzuchtig en sociaal laf. Veeleer ga ik ervan uit dat ze elk allebei voor het volle pond gelijk hebben, de klokkenluider én de president, terwijl hun visies toch niet naast elkaar overeind kunnen blijven. Twee onverenigbare uitersten, A en niet-A, volgens de Aristoteliaanse logica verboden,- maar toch gelijktijdig opererend in een geldige redenering. Een breinkraker voorwaar. Dan maar gewoon de ontknoping afwachten, en het gelijk toebedelen aan de overwinnaar, wat mensen doorgaans doen, en ook in de natuur geldt als survival of the fittest?

Ook dat is uitermate gemakzuchtig. Laten we eens echt een wereld exploreren waarin A en niet-A beide “waar” zijn, en welke gevolgen dat heeft voor de binnenkant van ons gestel. Zijn we in staat om complexer te leren denken, te leren omgaan met een meerwaardige logica, zonder koud en warm te vermengen tot lauw?

Oorlog en vrede

Het voorbeeld dat ik aanhaal, Snowden versus Obama, gaat nog over politiek, en zou men in de pkoppelolemische sfeer kunnen situeren, met de opmerking dat het begrip waarheid hier niet van tel is, enkel de meningen daarover. In de speltheorie bestaat er inderdaad de kans op een gelijkspel, een “gedeelde waarheid”. Maar in de elementaire fysica, meer bepaald de kwantummechanica, volstaat het primaire denken van de homo sapiens niet meer, en worden we geconfronteerd met deeltjes die op twee plaatsen tegelijk zijn, of met een elektrische stroom die tegelijkertijd naar twee verschillende kanten stroomt. Het onzekerheidsprincipe van Heisenberg uit het begin van de 20ste eeuw heeft, ondanks zijn naam, het probleem van de onkenbaarheid (iets niet kunnen waarnemen) verlegd naar dat van de echte dubbele werkelijkheid. De natuur zelf lijkt veel complexer dan ons brein kan bevatten, en dus vereenvoudigen we er maar op los.

De twee simpele methodes om onverenigbaarheden uit de wereld te helpen, nl. het compromis (elk de helft) enerzijds, en het conflict als godsoordeel (the winner takes it all) anderzijds, zijn sociaal-evolutionaire oplossingen die geen bevrediging schenken. De oorlog brengt uitkomst, schenkt de waarheid als trofee, maar vereenvoudigt ook fataal: de verliezer “heeft ongelijk” en verdwijnt van het toneel. Zo heeft de homo sapiens het van de Neanderthaler gehaald en de geallieerden van Hitler. Maar de twijfel sluipt, naderhand, het geëlimineerde keert als spook terug. We vermoeden dat er “iets” anders is, een diepere waarheid die innerlijk tegenstrijdig is, en zich altijd opnieuw manifesteert.

Nergens wordt dat bestaan van gelijkwaardige tegenstrijdigheden zo intens beleefd als in de seksualiteit. De man/vrouw-tegenstelling lijkt complementair en “harmonieus”, maar tegelijk herhaalt ze zich ritueel steeds opnieuw, als een gevecht waarin de extremen zich trachten staande te houden. Elk koppel begint aan een hopeloos gevecht tegen de antithese. Seks is nooit af, ze is repetitief en niet-oplossend. Er is de illusie van de vereniging, die stopt met het hoogtepunt. De pornografie beeldt dat karikatuur maar helder uit: altijd begint het spel van lullen en kutten opnieuw, en na elke roes en bevrediging wordt opnieuw de dubbele waarheid vastgesteld en herbegint het paringsritueel van vooraf aan. Het kind, als vrucht, zou men als bezegeling van de eenheid kunnen opvatten… ware het niet dat ook in dat kind, eens volwassen, zijn/haar geslacht zich als een extremiteit manifesteert, een apparaat van de onmogelijke éénwording. En hup, daar gaan we weer..

De liefde als oorlogsspel, en de oorlog als liefdesspel: er zijn tonnen literatuur over geschreven, maar het blijft even dubbelzinnig als de kwantummechanica. De vluchtweg in de dood van Tristan en Isolde, het grote minnepaar, toont juist aan dat de finale roes, de eenmaking, niet eeuwig kan zijn. Beide extremen kunnen hun tegengesteldheid niet opheffen, want dat zou eindigen in een compromis, het huwelijk, de pantoffelsleur van huisje-tuintje-keukentje. Dus blijft er enkel de dubbele zelfmoord over.

Het bipolaire brein (en lichaam)

Noch oorlog, noch vrede, noch conflict, noch verzoening, noch het duel, noch de paring kunnen hermade oertegenstelling doen oplossen, tenzij illusoir, voorlopig. We zullen ermee moeten leren leven, maar hoe?

In de reeds vermelde column, getiteld “Elke gedaanteverandering is een wedergeboorde”, speelde ik met het idee van een meervoudige identiteit en het handhaven van verschillende levens door elkaar, binnen één persoon. Het verklaart waarom iemand niet “consequent” is, en zichzelf zogezegd tegenspreekt. Meer dan als een list en een vorm van sociale mimicry, een kameleonattitude, poneer ik dan de mogelijkheid om een meervoudige en “rijkere” persoonlijkheid te ontwikkelen, oprecht maar complex, hetgeen vandaag nog altijd als pathologisch en eventueel zelfs een bron van criminaliteit (Jekyl & Hyde) wordt beschouwd.

Maar in het geval van Obama en Snowden, en het gelijktijdig “waar zijn” van tegengestelde extremen, lijkt die dubbele identiteit de enige mogelijkheid om met de dubbele waarheid om te gaan. In de middeleeuwse scholastiek behoorde het tot de vaste oefeningen van aanstaande filosofen om twee aan elkaar tegengestelde stellingen beurtelings te verdedigen. Niet alleen retorisch, maar ook existentieel, vanuit een echt “geloof”. Ik zie dat vandaag maar weinig denkers en wetenschappers doen. Enkel de tactische bocht, het van opinie veranderen uit opportunisme, wordt nog beoefend.

Terwijl de traditie van de dialectiek uitgaat van een tegenstrijdigheid in de dingen zelf, niet alleen in de woorden. Te beginnen met de Griekse filosoof Herakleitos en diens veel misbegrepen uitspraak “De oorlog is de vader van alle dingen”. Waar het om gaat is, dat we de tegenstrijdige werkelijkheid tot dubbele waarheid accepteren en daar intern ook virtuoos mee omgaan. Verwar dit vooral niet met relativisme of het democratische idee van “elk zijn waarheid”: het gaat echt over de mogelijkheid om binnen de zgn. paradox te leven, de oorlog als het ware binnen zijn eigen brein te laten afspelen. De grote verdienste van de dialektiek is, dat ze het conflict tussen de extremen terugbrengt naar de plek waar het thuishoort: in ons hoofd. Iedereen is zijn eigen andere, en elke persoonlijkheid biedt plaats voor een ja en een neen, wit en zwart, links en rechts, plus en min. Niet in fusie, maar dynamisch, polair.

De alchemistische figuur van de hermafrodiet, samengesteld uit de oerelementen zwavel en kwik, waaruit de steen der wijsheid ontstaat, is geen Platonisch kristal waarin de tegenstellingen zijn opgeheven, maar het symbool van een actief bipolair brein. Dit brein denkt niet enkelvoudig en klassiek-logisch, maar eerder in een totaal nieuwe syntax van de kwantummechanica. Ik zie het als een hypothese, een vermoeden, meer dan als een dogma of principe.

Het spreekt vanzelf dat deze wording van het bipolaire brein de oude politieke cultuur schaakmat zet, en alle bestaande sociale verhoudingen dooreen schudt. Men zou kinderen moeten leren dat de waarheid dubbel én onrelativeerbaar is, dat “dubbel denken en spreken” geen stoornis is, en dat elke vorm van partijdigheid slechts geldig is als men tegelijk met evenveel overtuiging de andere kant omarmt.

Vandaag wordt dit nog gezien als “verscheurdheid” en “gespletenheid”, of in morele termen zelfs, als leugenachtigheid, maar misschien wordt deze vorm van wijsheid wel een modus vivendi die ons van de ondergang redt. Ik zal dus klokkenluider Snowden blijven verdedigen, en tegelijk ook zijn vervolgers, hoe hachelijk die positie sociaal en intellectueel ook moge zijn.

Dat men deze wijsheid heeft afgebeeld als hermafrodiete man/vrouw-dubbelheid, bevestigt tenslotte het vermoeden dat de seksualiteit altijd al de intuïtieve basis is geweest waarop wij worstelen met de coëxistentie van onoverbrugbare tegengestelden. Als iedereen man en vrouw tegelijk is, wordt de copulatie een permanent intern gebeuren, en wordt denken eindelijk een autonome, lustvolle én gevaarlijke dagtaak. Met dank aan Nietzsche en diens Fröhliche Wissenschaft.