Snowden vs Obama, of het vermoeden van de dubbele waarheid.

Members of German Piraten Partei (Pirates party) hold the portraits of U.S. President Obama and Snowden, a former contractor at the National Security Agency (NSA),  during a protest in Berlin's Tiergarten districtZopas nam ik het nog op voor klokkenluider/hacker Edward Snowden, de man die door Obama wordt opgejaagd en nog steeds op zoek is naar asiel na zijn onthullingen over het Amerikaanse Prism-programma en het wereldwijde pottenkijken van de CIA in alle mogelijke privé-communicatie.

Ik schreef het stuk vanuit een snelle, rebelse reflex, maar zonder me te realiseren dat er helemaal aan de overkant ook een waarheid schuilt: namelijk het feit dat er op die manier terroristische aanslagen verijdeld worden. Heu, leve Prism dus?

Vredelievend als we zijn, en in de Belgische logica van het compromis en het water-in-de-wijn, zouden we Snowden en Obama elk “een beetje gelijk” kunnen geven. Maar dat is intellectueel gemakzuchtig en sociaal laf. Veeleer ga ik ervan uit dat ze elk allebei voor het volle pond gelijk hebben, de klokkenluider én de president, terwijl hun visies toch niet naast elkaar overeind kunnen blijven. Twee onverenigbare uitersten, A en niet-A, volgens de Aristoteliaanse logica verboden,- maar toch gelijktijdig opererend in een geldige redenering. Een breinkraker voorwaar. Dan maar gewoon de ontknoping afwachten, en het gelijk toebedelen aan de overwinnaar, wat mensen doorgaans doen, en ook in de natuur geldt als survival of the fittest?

Ook dat is uitermate gemakzuchtig. Laten we eens echt een wereld exploreren waarin A en niet-A beide “waar” zijn, en welke gevolgen dat heeft voor de binnenkant van ons gestel. Zijn we in staat om complexer te leren denken, te leren omgaan met een meerwaardige logica, zonder koud en warm te vermengen tot lauw?

Oorlog en vrede

Het voorbeeld dat ik aanhaal, Snowden versus Obama, gaat nog over politiek, en zou men in de pkoppelolemische sfeer kunnen situeren, met de opmerking dat het begrip waarheid hier niet van tel is, enkel de meningen daarover. In de speltheorie bestaat er inderdaad de kans op een gelijkspel, een “gedeelde waarheid”. Maar in de elementaire fysica, meer bepaald de kwantummechanica, volstaat het primaire denken van de homo sapiens niet meer, en worden we geconfronteerd met deeltjes die op twee plaatsen tegelijk zijn, of met een elektrische stroom die tegelijkertijd naar twee verschillende kanten stroomt. Het onzekerheidsprincipe van Heisenberg uit het begin van de 20ste eeuw heeft, ondanks zijn naam, het probleem van de onkenbaarheid (iets niet kunnen waarnemen) verlegd naar dat van de echte dubbele werkelijkheid. De natuur zelf lijkt veel complexer dan ons brein kan bevatten, en dus vereenvoudigen we er maar op los.

De twee simpele methodes om onverenigbaarheden uit de wereld te helpen, nl. het compromis (elk de helft) enerzijds, en het conflict als godsoordeel (the winner takes it all) anderzijds, zijn sociaal-evolutionaire oplossingen die geen bevrediging schenken. De oorlog brengt uitkomst, schenkt de waarheid als trofee, maar vereenvoudigt ook fataal: de verliezer “heeft ongelijk” en verdwijnt van het toneel. Zo heeft de homo sapiens het van de Neanderthaler gehaald en de geallieerden van Hitler. Maar de twijfel sluipt, naderhand, het geëlimineerde keert als spook terug. We vermoeden dat er “iets” anders is, een diepere waarheid die innerlijk tegenstrijdig is, en zich altijd opnieuw manifesteert.

Nergens wordt dat bestaan van gelijkwaardige tegenstrijdigheden zo intens beleefd als in de seksualiteit. De man/vrouw-tegenstelling lijkt complementair en “harmonieus”, maar tegelijk herhaalt ze zich ritueel steeds opnieuw, als een gevecht waarin de extremen zich trachten staande te houden. Elk koppel begint aan een hopeloos gevecht tegen de antithese. Seks is nooit af, ze is repetitief en niet-oplossend. Er is de illusie van de vereniging, die stopt met het hoogtepunt. De pornografie beeldt dat karikatuur maar helder uit: altijd begint het spel van lullen en kutten opnieuw, en na elke roes en bevrediging wordt opnieuw de dubbele waarheid vastgesteld en herbegint het paringsritueel van vooraf aan. Het kind, als vrucht, zou men als bezegeling van de eenheid kunnen opvatten… ware het niet dat ook in dat kind, eens volwassen, zijn/haar geslacht zich als een extremiteit manifesteert, een apparaat van de onmogelijke éénwording. En hup, daar gaan we weer..

De liefde als oorlogsspel, en de oorlog als liefdesspel: er zijn tonnen literatuur over geschreven, maar het blijft even dubbelzinnig als de kwantummechanica. De vluchtweg in de dood van Tristan en Isolde, het grote minnepaar, toont juist aan dat de finale roes, de eenmaking, niet eeuwig kan zijn. Beide extremen kunnen hun tegengesteldheid niet opheffen, want dat zou eindigen in een compromis, het huwelijk, de pantoffelsleur van huisje-tuintje-keukentje. Dus blijft er enkel de dubbele zelfmoord over.

Het bipolaire brein (en lichaam)

Noch oorlog, noch vrede, noch conflict, noch verzoening, noch het duel, noch de paring kunnen hermade oertegenstelling doen oplossen, tenzij illusoir, voorlopig. We zullen ermee moeten leren leven, maar hoe?

In de reeds vermelde column, getiteld “Elke gedaanteverandering is een wedergeboorde”, speelde ik met het idee van een meervoudige identiteit en het handhaven van verschillende levens door elkaar, binnen één persoon. Het verklaart waarom iemand niet “consequent” is, en zichzelf zogezegd tegenspreekt. Meer dan als een list en een vorm van sociale mimicry, een kameleonattitude, poneer ik dan de mogelijkheid om een meervoudige en “rijkere” persoonlijkheid te ontwikkelen, oprecht maar complex, hetgeen vandaag nog altijd als pathologisch en eventueel zelfs een bron van criminaliteit (Jekyl & Hyde) wordt beschouwd.

Maar in het geval van Obama en Snowden, en het gelijktijdig “waar zijn” van tegengestelde extremen, lijkt die dubbele identiteit de enige mogelijkheid om met de dubbele waarheid om te gaan. In de middeleeuwse scholastiek behoorde het tot de vaste oefeningen van aanstaande filosofen om twee aan elkaar tegengestelde stellingen beurtelings te verdedigen. Niet alleen retorisch, maar ook existentieel, vanuit een echt “geloof”. Ik zie dat vandaag maar weinig denkers en wetenschappers doen. Enkel de tactische bocht, het van opinie veranderen uit opportunisme, wordt nog beoefend.

Terwijl de traditie van de dialectiek uitgaat van een tegenstrijdigheid in de dingen zelf, niet alleen in de woorden. Te beginnen met de Griekse filosoof Herakleitos en diens veel misbegrepen uitspraak “De oorlog is de vader van alle dingen”. Waar het om gaat is, dat we de tegenstrijdige werkelijkheid tot dubbele waarheid accepteren en daar intern ook virtuoos mee omgaan. Verwar dit vooral niet met relativisme of het democratische idee van “elk zijn waarheid”: het gaat echt over de mogelijkheid om binnen de zgn. paradox te leven, de oorlog als het ware binnen zijn eigen brein te laten afspelen. De grote verdienste van de dialektiek is, dat ze het conflict tussen de extremen terugbrengt naar de plek waar het thuishoort: in ons hoofd. Iedereen is zijn eigen andere, en elke persoonlijkheid biedt plaats voor een ja en een neen, wit en zwart, links en rechts, plus en min. Niet in fusie, maar dynamisch, polair.

De alchemistische figuur van de hermafrodiet, samengesteld uit de oerelementen zwavel en kwik, waaruit de steen der wijsheid ontstaat, is geen Platonisch kristal waarin de tegenstellingen zijn opgeheven, maar het symbool van een actief bipolair brein. Dit brein denkt niet enkelvoudig en klassiek-logisch, maar eerder in een totaal nieuwe syntax van de kwantummechanica. Ik zie het als een hypothese, een vermoeden, meer dan als een dogma of principe.

Het spreekt vanzelf dat deze wording van het bipolaire brein de oude politieke cultuur schaakmat zet, en alle bestaande sociale verhoudingen dooreen schudt. Men zou kinderen moeten leren dat de waarheid dubbel én onrelativeerbaar is, dat “dubbel denken en spreken” geen stoornis is, en dat elke vorm van partijdigheid slechts geldig is als men tegelijk met evenveel overtuiging de andere kant omarmt.

Vandaag wordt dit nog gezien als “verscheurdheid” en “gespletenheid”, of in morele termen zelfs, als leugenachtigheid, maar misschien wordt deze vorm van wijsheid wel een modus vivendi die ons van de ondergang redt. Ik zal dus klokkenluider Snowden blijven verdedigen, en tegelijk ook zijn vervolgers, hoe hachelijk die positie sociaal en intellectueel ook moge zijn.

Dat men deze wijsheid heeft afgebeeld als hermafrodiete man/vrouw-dubbelheid, bevestigt tenslotte het vermoeden dat de seksualiteit altijd al de intuïtieve basis is geweest waarop wij worstelen met de coëxistentie van onoverbrugbare tegengestelden. Als iedereen man en vrouw tegelijk is, wordt de copulatie een permanent intern gebeuren, en wordt denken eindelijk een autonome, lustvolle én gevaarlijke dagtaak. Met dank aan Nietzsche en diens Fröhliche Wissenschaft.

Advertenties

14 Reacties op “Snowden vs Obama, of het vermoeden van de dubbele waarheid.

  1. Een prachtige bedenking, die ik al een paar weken zat te voeren; hoe accepteer je twee zaken die elkaar uitsluiten.

  2. Eenvoudig, je accepteert ze allebei. Zie het probleem niet zo. Ik weet zeker dat er heel veel aanslagen zijn voorkomen door afluisteren, maar ik weet ook zeker dat het een immens hypocriete inbreuk op hun eigen zogenaamde ‘westerse’ waarden is en als zodanig verwerpelijk. Dat iemand dat aan de kaak stelt is terecht. Dat overheden afluisteren om terroristische aanslagen te voorkomen is ook terecht.

    • Dus blijft de vraag, Petrossa, wat je ermee aanvangt, met twee werkelijkheden die je niet kan verzoenen. Dat is immers het probleem van de logica, dat je A invers niet kan pakken als je A al hebt. Maar zomaar accepteren dat de veiligheid belangrijker is dan de vrijheid, valt mij toch moeilijk…

  3. Het belangrijkste is om alleen je daar druk over te maken waar je een kans hebt om het te veranderen. Er is geen enkele kans dat wat welke burger dan ook hier ook meer het geringste detail aan kan veranderen dus dan laat je het voor wat is: Realiteit.

    LIjkt mij nou pas echt logisch.

    • Bart Haers

      Realisme? Okay, maar dan verandert er niets. Het komt erop aan dat men wel eens een afweging moet maken en moed aan de dag leggen. Vrijheid weegt zwaarder dan veiligheid.

      • Tsja. Ik heb ook liever dat de wereld in vrede leeft en niemand honger lij(d)(dt) maar de Realiteit is nu eenmaal dat ik of wie dan ook dat kan laten gebeuren.
        Vrijheid was je kwijt de dag dat je werd geboren en een BurgerSpionageNummer kreeg. Waar we hier over praten is graduaties van (on)vrijheid. Persoonlijk contreer ik me dan liever op die stukjes (on)vrijheid die ik kan beinvloeden dan bevlogen idealisme.

        Zo kan ik voorkomen dat ik in de gevangenis kom, heb ik voorkomen een loonslaaf te worden, heb ik maling aan wat ‘men’ van mij vind, volg ik geen enkele trend, behoor tot geen enkele club enz. Daardoor kan ik binnen de grenzen van de wet doen en laten wat ik wil. Dat is voor mij vrijheid genoeg.

        Dat ergens een computer trefwoorden uit mijn uitingen zit te vissen zal me dan een worst wezen. Leuk vind ik het niet, maar er zijn ergere dingen om je druk over te maken.

  4. Rina Gubanski

    Mooi verwoord. Uitspraak van G.J.P.J.Bolland : “Wie aan de waarheid gelooft, is nog niet wijs, en wie er aan twijfelt is ook niet wijs; in de wijsheid blijken geloof en twijfel tesamen verkeerd tot eenheid.”

  5. wim van rooy

    Mulisch probeerde ooit de ‘tegelijke’ waarheid van de tegendelen op te lossen in zijn magnum opus ‘De compositie van de wereld’, maar volgens echte filosofen was Mulisch een parafilosoof.

    • Ik vond die gedachte-oefening van Mulisch anders best interessant. Maar inderdaad, als de logica neen zegt, dan is het neen.

  6. In het jaïnisme bestaat zo’n waarheidspluralisme: syâdvâda, “misschien-isme”, of anekântavâda, “niet-één-kant-isme”.

  7. Weer eens een heel goed stukje! Dank je

  8. Karina Uyttersprot

    wie logisch denkt zal altijd in paradoxen verstrikt raken, wie waarheid wil vastpinnen zal altijd te kort schieten. Er zijn geen goeien en geen slechten, de aloude indianen en cowboys cliches hebben hun ongelijk bewezen. Aanslagen verijdelen doe je door te kijken naar wat je gemeen hebt, in non-dualiteit, door het andere in de andere een plaats te geven aan de onderhandelingstafel. Het lijkt levensbedreigend, maar het is het niet. Maar dan moeten inderdaad alle partijen die bereidheid hebben. Aanslagen komen er als je mensen in de verdrukking duwt, als je hen steeds maar met je eigen ogen bekijkt, met je eigen denken, grammatica benadert.. Voorwaar een moeilijke oefening, maar wel een die altijd opnieuw mogelijk is. Wie naar veel mensen luistert, leest, kijkt, ziet hoe complex en veelvoudig de dingen zijn, ben je met 5 in je tuin, dan is de waarheid op dat moment wat die 5 aan tafel samen bedisselen, goed wetend dat er elders nog een paar miljard anderen mogelijks nog anders denken. En inderdaad morgen kan die er alweer anders uitzien. Ik geloof vast in een multi culturele, vreedzame mogelijkheid van samenleven ja, kijk naar Jordi Savall, de man par excellence die uitersten verenigt door wat die uitersten gemeen hebben, de muziek. Er moeten paden zijn waarlangs je alle paradoxen van een bepaald moment toch kunt omzeilen of anders benaderen. Er is meer dan het pure denken en eenheid hoeft niet “onze eenheid” te zijn of een perfecte. Eenheid kan ook haken en ogen hebben, zonder saai te zijn, integendeel kan juist een bron van verwondering zijn, van jezelf in vraag stellen. O ego’s der wereld, durf te twijfelen.

  9. Beste auteur .. ga eens praten met een transgenderist :). Die kan je alles vertellen over 2 waarheden …

  10. Snowden vs. Obama lijkt mij in geen enkel opzicht met dialectische tegengestelden te maken te hebben, noch in de ‘werkelijkheid’ noch in het ‘denken erover, de logica (in zoverre die val elkaar verschillen).
    Wel onderschrijf ik de optie voor “dubbele waarheid” ipv de Aristotelische contradictie. Ook die was er reeds ten tijde van Aristoteles zelf.
    Snowden vs. Obama, zoals ons gebracht via de media, is een zaak van morele of (real-)politieke prioriteiten. Zoals dader en slachtoffer toch ook geen kwestie van A vs. niet-A zijn, of toch?