Europa en de privacy-wetten: seks, leugens en lobby’s

Een liberaal die onze privacy moet bewaken? – Dat was mijn eerste ongelovige bedenking toen Bart Tommelein (Open VLD) vorig jaar werd ingezworen als Staatssecretaris voor Bestrijding van de Sociale Fraude, Privacy en Noordzee. Heeft de Oostendse beschermdolfijn der zelfstandigen, die carrière maakte in de financiële sector, beslist affiniteit met de eerste en de laatste materie,- nummer twee lijkt wat op het verhaal van de pyromaan die mee helpt blussen.

Niet dat ik Tommelein verdenk van enige kwade bedoeling, het gaat hem puur om de ideologie: wie het onbeperkt vrije verkeer van goederen, diensten, personen en informatie toejuicht, kan het verhaal van privacybescherming alleen maar als een domper op de feestvreugde zien. En inderdaad, wat blijkt? Het zijn vooral liberale decision makers die de voet op het rempedaal zetten als het gaat over de bescherming van de privé-sfeer.

En vermits de wetgeving terzake net nu op de Europese agenda staat, is een omweg langs Brussel en Straatsburg gepast.

Loveboat

Zopas kon u in Doorbraak een bespreking lezen van het jongste boek van Derk Jan Eppink, ‘Het rijk der kleine koningen – Achter de schermen van het Europees Parlement’. Het gewezen EU-parlementslid geeft ons daar een amusante maar ook wel ontluisterende inkijk in de Europese cenakels. Doorgeschoten ego’s à la Guy Verhofstadt voelen er zich kiplekker, en voeren er een theaterfestival van de zelfgenoegzaamheid op.

Dat vertoon is echter maar het topje van de ijsberg. De Euro-bubbel krijgt namelijk ook steeds meer greep op ons dagelijks leven dankzij duizend en één wetten en reglementjes. De EU-parlementsleden staan daarbij onder druk van de nationale regeringen,- ministers en staatssecretarissen dus-, maar laten zich ook gewillig benaderen door lobbyisten van allerlei slag: agenten van belangengroepen en privé-organisaties die het wetgevend werk willen ‘bijsturen’. Via het geschikte glijmiddel uiteraard. Onvermijdelijk komt in dat opzicht een ander fenomeen in beeld: het vrolijke privé-leven van de parlementariërs dat ze beslist niét te grabbel willen gooien en dat zich natuurlijk vooral buiten de parlementaire zittingen afspeelt. Ook daar doet Derk Jan Eppink een boekje over open.

Tussen de regels begrijpen we waarom oudere politici zo tuk zijn op een fin-de-carrière in Europa: om van hun vrouw weg te zijn, én om in de koffer te kunnen duiken met hun secretaresse/maîtresse. U begrijpt: Straatsburg is ver, de dagen druk en de nachten eenzaam. In de vijfsterrenhotels komt puntje bij paaltje en zijn de maîtresses naast de luxe-escorts kind aan huis, tenzij de parlementairen kiezen voor een privé-optrekje, dat alles uiteraard als onkosten in te brengen. Eppink gewaagt zelfs van een heuse ‘loveboat’: dit milieu trekt een bepaald soort vrouwen aan dat kickt op mannen in maatpak, de glamour, het lekker tafelen, de dienstauto’s, de snoepreisjes. Gemiddelde leeftijd van de ‘secretaresses’: 25 à 30 jaar,- hier geen sprake van het activeren van bruggepensioneerden.

Politiek en hormonen dus, de macht die zogenaamd erotiseert. Gek, want een paar weken geleden kwam Jean-Marie Dedecker in Knack ook al met zo’n smeuig stukje af over de mandatarissen en hun brede matras (‘Waar macht regeert vliegen de hormonen en de oestrogenen door het zwerk.’) Het betreft hier telkens bekentenissen van uitbollende/afscheid nemende politici die graag een boekje willen opendoen, deels om nog wat uitstaande rekeningen te vereffenen, maar eventueel ook als ultieme bekentenis/genoegdoening naar het thuisfront toe.

Dat hormonenverhaal komt natuurlijk overal voor waar heren-van-stand belangrijk staan te wezen. In de politieke context is het echter extra relevant, omdat vermoedelijk het spel van lobbying en manipulatie voor een flink deel langs het liefdespad verloopt. Vreemdgaande politici zijn daarbij buitengewoon chanteerbaar, en het is voor pakweg een farmaceutisch bedrijf of een sigarettenfabrikant veel veiliger om een gewillige dame in te huren dan zomaar een berg cash op tafel te leggen. Er is hier namelijk geen sprake van corruptie of omkoping, c’est l’amour. Anders gezegd: de loveboat maakt deel uit van de lobbymachine, en de door ons zo gehate EU-regelgeving is resultaat van hard nachtwerk.

Klokkenluiders

Dat brengt ons weer bij de Europese privacy-wetgeving waar, ironisch genoeg, zelf een sterke zweem van geheimhouding en manipulatie over hangt. De belangen zijn dan ook enorm: privé-informatie wordt ‘het nieuwe goud’ genoemd in dit cybertijdperk. Vooral de internetgiganten zoals Google, Facebook, Amazon, en E-Bay zijn vragende partij om die informatie zoveel mogelijk vrij verhandelbaar te maken. Alles wat u doet, zegt, schrijft, overal waar u komt, welke winkels u bezoekt, interesseert hen. Het internet fungeert als een enorm reservoir van privé-informatie (die we er al dan niet zelf opzetten), bedrijven kopen die gegevens dan weer op, uitgesplitst volgens doelgroep, voorkeur, enz.

De lobbyisten (naar schatting lopen er alleen al in Brussel zo’n 30.000 rond) werken nu op twee fronten. Terwijl het Europees Parlement verder bakkeleit rond het privacy-wetsvoorstel dat het al in 2013 op papier zette, zijn nu ook de respectieve lidstaten amendementen aan het indienen, die vooral de bescherming van de privésfeer weer moeten uithollen. De jonge Oostenrijkse klokkenluider Max Schrems vlooide een en ander uit, en ontdekte dat teksten van lobbyisten soms letterlijk worden overgenomen in de wetsvoorstellen of de amendementen. De webstek Lobbyplag.eu, voortbouwend op het onderzoekswerk van Max Schrems, publiceerde ruim 11000 (geheime) documenten m.b.t. het EU-lobbywerk, en wat blijkt? Al in 2013 beijverde voormalig eurocommissaris Louis Michel (MR) zich enorm in het afzwakken van de teksten. Sommige bleken inderdaad regelrechte copy-paste van door privé-personen en –bedrijven aangedragen wijzigingen, wat Michel even in nauwe schoentjes bracht.

Maar ook genoemde Bart Tommelein, onze privacyminister dus,  is nu recent volop bezig met het amenderen en afzwakken van de teksten die de persoonlijke levenssfeer moesten beschermen. Zo stelt hij voor om in de term ‘expliciete toestemming van de consument”, het woord ‘expliciet’ weg te laten, wat veel meer ruimte geeft voor Google, Facebook en C° om daar zelf een draai aan te geven en er een ‘stilzwijgende toestemming’ van te maken. Cui prodest? Wie wordt hier beter van?

Heel dit verhaal laat een wrange nasmaak over de manier hoe de EU-besluitvorming, in relatie tot de nationale directieven, met de democratie een loopje neemt en eigenlijk met iets anders bezig is dan de belangen van de burger/consument. Het Europees Parlement drijft niets op de spits en laat het lobbywerk zijn gang gaan. Eppink lichtte een tipje van de sluier op waarom dat zo is. Het onrustwekkende is tevens dat dit op alle niveaus gebeurt, tot en met het laagste: ook in onze randgemeente Overijse wordt het lokale beleid gekleurd door privébelangen, vooral vanuit de vastgoedsector, waarin de familie van de burgemeester actief is. Op een boogscheut van de Brusselse Euro-wijk, ik moet er geen tekeningetje bij maken.

Het bewijst dat op alle niveaus, van hoog tot laag, klokkenluiders en burgerinitiatieven absoluut noodzakelijk zijn om de democratie, of wat daar voor doorgaat, niet echt te laten ontsporen.

Advertenties

Een Reactie op “Europa en de privacy-wetten: seks, leugens en lobby’s

  1. Jan Braeken

    Uitstekend opiniestuk, waarvoor dank. Volmondig mee eens.