De taal-van-het-grote-geld: hoe VOKA de N-VA blijft ‘inspireren’

Premier Charles Michel (links) en N-VA-voorzitter Bart De Wever.‘VOKA is mijn baas’, schijnt N-VA-voorzitter Bart De Wever zich ooit te hebben laten ontvallen tijdens een vergadering van Vlaamse partijen in augustus van 2012. Dat was lang voor de Zweedse coalitie die we vandaag kennen, die duidelijk het accent legt op financiële en fiscale voordelen aan het bedrijfsleven, ten koste van het gezinsbudget. Zie de hallucinante stijging van de elektriciteitstarieven, waarin de industriële grootverbruikers opvallend buiten schot blijven.

Weinigen namen die boutade van De Wever toen ernstig, want Bart staat bekend om zijn subtiele humor en zin voor ironie. Maar via een zopas verschenen boek van LeVif-redacteur Olivier Mouton, “Charles Michel – Portret van een jeune premier” mogen we achter de schermen kijken van de onderhandelingen die leidden tot de huidige Belgische regering.

Een niet-communautaire agenda…

Boeiende lectuur levert dat op. Het electorale N-VA dogma ‘Geen regering met de PS!’ , en het feit dat men De Wevers partij absoluut niet in de oppositie wou laten, plaatste de Franstalige liberalen (MR) met de rug tegen de muur. Ze zouden de premier moeten leveren én scheepgaan zonder de andere francofone partijen (PS, CdH, Ecolo).

Zo kwam Charles Michel in beeld, die zo’n constructie enkel verkocht kon krijgen mits garanties dat dit een regering zonder communautaire agenda zou worden. Twee actoren trokken hem over de streep: Open VLD-voorzitster Gwendolyn Rutten en… de VOKA-top.

De Vlaamse werkgeversorganisatie rook inderdaad zijn kans en begon verwoed te lobbyen om deze ‘niet-communautaire’ regering op de rails te krijgen. Doel nr 1: op die manier een donkerblauw programma erdoor drukken, op maat van de bedrijven en de hogere middenklasse. Het lukte nog ook. De N-VA-basis gaf geen krimp. Meteen rijst dan de vraag, of de N-VA vanaf haar ontstaan niet vrij snel gemuteerd is van Volksunie-erfgenaam tot iets anders,- een soort Thatcheriaans en anti-socialistisch projectiel. En waarom dat kon gebeuren.

Daarop geeft Olivier Mouton geen antwoord. Het valt ook buiten het bestek van zijn Michel-biografie. Maar tussen de regels begrijpt men dat VOKA meer is dan zomaar een lobby: de N-VA is hét politieke vehikel van het Vlaamse patronaat, die deze partij stuurt waar hij haar wil hebben. Nationalisme of Vlaamse onafhankelijkheid zijn daarin volstrekte non-issues.

De moraal van het egoïsme

Dat Bart De Wever de conservatieve denkers Edmund Burke (1729 – 1797) en Theodore Dalrymple hoog in het vaandel voert wisten we al. Burke was een notoir tegenstander van de Verlichtingsprincipes en verdedigde het aristocratische Ancien Régime waarin kasteelheren naar goeddunken over het leven van hun lijfeigenen konden beschikken. Dalrymple kennen we als tegenstander van het emancipatiedenken en verdediger van de armoede als deugd. Daar kom je al een heel eind mee indien je VOKA als ‘baas’ hebt.

2012 was een sleuteljaar in de ontluikende liefde tussen de N-VA en de Vlaamse werkgevers. In diezelfde maand augustus van 2012 kreeg Bart De Wever tijdens een VOKA-bijeenkomst een boek aangeboden van nog een andere memorabele auteur, namelijk ‘Atlas in Staking’ van Ayn Rand. Deze filosofe van Russische afkomst, geboren als Alissa Zinovievna Rosenbaum, definieert het egoïsme als grootste menselijke deugd en het kapitalisme als logische maatschappelijke consequentie daarvan. Het elk-voor-zich is wat ons drijft en hoort te drijven. De vrijemarkteconomie moet dat egoïsme maximaliseren, waardoor de overheid overbodig wordt. Schaf vooral alle sociale voorzieningen af en laat het recht van de sterkste gelden.

Voor ons klinkt dat tamelijk geschift en op het randje van het immorele, maar voor tea-party-adepten en conservatieve denktanks in de VS geldt het zowat als de politieke bijbel. De vraag is wat voor een politiek of maatschappelijk project je dan nog nodig hebt. Het antwoord is: geen. Enkel een vorm van groepsegoïsme is dan nog redelijk (Rand beroept zich voortdurend op de ratio, dat is het grappige), waardoor macht niets anders kan zijn dan het streven naar hegemonie van een sociale klasse. Zowaar een Marxistische definitie van klassenstrijd.

Demagogie is essentieel

Uiteraard,- hadden ze hem een exemplaar van Mein Kampf cadeau gedaan, dan maakt dat van Bart De Wever nog geen nazi. Maar het is tekenend voor de arrogantie en het onderliggende gedachtegoed van de organisatie die door de N-VA-voorzitter zelf toch als het Noorden van zijn politiek kompas wordt aangeduid. En zo komt Ayn Rand in de buurt van het tweetal Burke-Dalrymple om de filosofische hardcore van deze partij uit te maken.

De vraag is dan, in hoeverre het huidige rechtsliberale beleid van de Belgische én de Vlaamse regering deze stempel draagt van een ethiek die in essentie asociaal en anti-solidair is?  En hoe verhoudt zich dat tot het spel van de democratie, waar toch iedereen over één stem beschikt? Hoe kan het dat al die militanten en kleine Vlamingen bijdragen tot het groepsegoïsme van een groep waartoe ze zelf niet behoren?

Hier betreden we het terrein van de demagogie. Je kan mensen namelijk wijsmaken dat je voor hun belangen opkomt, zelfs al zegt hun portemonnee het omgekeerde. Daar bestaan technieken voor, het is zelfs een wetenschap.

En daar heeft Ayn Rand het nooit over: taal- en beeldmanipulatie, massapsychologie, indoctrinatie, virtuele realiteiten, fantasmen. En dat alles uiteraard verbonden met financiële macht. In de VS, voor Rand dé heilsstaat, word je president omdat je er rijk genoeg voor bent en omdat je voldoende sponsors vindt die je toelaten om reclametijd op grote zenders te kopen. Sponsors die, o wonder, weer de grote lobby’s uitmaken: wapenindustrie, farma, olie. De taal van het grote geld, andermaal.

Met de vervelling van nationalistische partij tot rechtsliberaal vehikel is de N-VA gedoemd om de demagogie op een steeds hoger niveau te bedrijven,- anders stort de electorale piramide in elkaar. Vergeet de ideologie: het gaat om macht, gedicteerd door het winstbeginsel en de logica van de aandeelhouder. Elk sociaal principe (onderwijs, gezondheidszorg…) hypothekeert deze logica en betekent een ‘kost’. Voor Ayn Rand zijn uiteindelijk gehandicapten en alle zorgbehoevenden obstakels op de weg naar het individueel succes van de sterke.

Tot je zelf uit de boot valt natuurlijk. Een goede economiste was ze zelf niet. Hoewel haar boeken fenomenaal goed verkochten, moest onze filosofe op het einde van haar leven beroep doen op openbare bijstand. Als je dan nog altijd volhoudt dat het egoïsme de grootste deugd is, kan je er volgens mij beter een eind aan maken.

Advertenties

5 Reacties op “De taal-van-het-grote-geld: hoe VOKA de N-VA blijft ‘inspireren’

  1. Siegfried Verbeke, Antwerpen

    Mijnheer Sanctorum, nu daalt u toch in mijn achting.
    Ik heb Ayn Rand’s ‘The Fountainhead’ (in Nederlandse vertaling ‘De eeuwige bron’) lang geleden, en ‘Atlas in staking’ onlangs (maar ten dele, wegens slechte vertaling en té langdradig) gelezen. Ik heb daarin helemaal iets anders uit begrepen dan u.
    Ayn Rand is een filosofe van joodse afkomst, geboren in Rusland. Dat maakt van haar nog geen Russische. Dit is bijkomstig. Haar beschouwingen worden geïnventariseerd onder het begrip: het objectivisme.
    Persoonlijk heb ik in haar beide boeken nergens een vorm van ‘egoisme’ aangetroffen, maar enkel een uitgesproken en vurig geloof in de kracht van het individu. Ik daag u uit om uw egoisme-beschuldiging te onderbouwen met citaten.
    Evenmin kan ik in haar boeken een pleidooi voor kapitalisme ontdekken. De hoofdpersoon in ‘Fountainhead’ is een architect die zijn persoonlijke idealen tegen alle conformisme doorzet. In het tweede boek gaat het om de directeur van een spoorwegbedrijf, dat door ‘staatsinterventie’ gesaboteerd en vernietigd wordt.
    Correct is dat Ayn Rand pleit voor een vrije markt. Daarover kan men het oneens zijn, maar dank zij de vrije markt is wereldwijd veel welstand gecreëerd. Afgezien van de nadelen natuurlijk.
    Over Burke en Dalrymple kan ik niet oordelen, omdat ik die nooit gelezen heb, maar uw beoordeling lijkt mij duidelijk kort door de bocht.
    Over de NVA wil ik kort zijn. Men moet ziende blind zijn. Het is, tot mijn grote spijt een princiep- en ruggegraatloze partij (geworden).

  2. Jan Braeken

    Uitstekende analyse vind ik dit, op dit moment. Waarvoor dank. Voorlopig kan ik hier volledig mee akkoord gaan. Ik kan niets beloven voor de toekomst.

    Wij mogen dan grondig van mening verschillen over censuur op dit forum : dat belet mij niet om dit opiniestuk de lof te geven die het verdient, en om mijn appreciatie uit te drukken voor de relatief korte tijd die nodig was om dit te schrijven. Dat kan niet iedereen.

    Tot slot pleit ik opnieuw voor de uitrekking van de verbeelding, met gepaste snelheid, in de juiste mate en met de juiste verhouding, zonder haar te breken. Ook dat kan niet iedereen. Ik zeker niet, zo is gebleken. Maar goed, ik ben van plan dat te leren.

  3. Als je dus een fout boek cadeau krijgt….verder heeft Burke zondermeer gelijk gekregen in zijn kritiek op de verlichting met Robbespierre, en moet je dat in zijn tijdskader zien. JS heeft ‘Dalrymple niet of selectief gelezen, net zomin zoals de socialisten die hem met dezelfde cliche’s bekritiseren.
    Wat Dalrymle vaststelt is dat de verzorgingsstaat tever doorgeschoten is en de zelfredzaamheid van mensen ondermijnt omdat hij hen volledig afhankelijk maakt van de sociale structuren die net als elke bureaucratie zz in stand houdt. Het emancipatorisch denken is volkomen verdwenen en heeft plaats gemaakt voor een doorgeschoten gepamper en slachtoffercultuur. Ik heb een bedrijf met 50 werknemers, en de conclusie en Voka en van Dalrymple zijn juist. Met Voka stel ik vast dat de totale verstarring en de kostprijs van ons sociaal systeem arbeids-en welvaartsvernietigend werkt. Met Dalrymple stel ik vast dat eens mensen vastraken in de pamper van de welzijnsindustrie, ze er bijna nooit meer uitraken, en dat het een generatiefenomeen wordt. En zelf stel ik simpelweg vast dat doodgewone werklui die hun job doen , in het leven hun verstand gebruiken en hun verantwoordelijkheid opnemen zeer behoorlijk leven, beter dan 90% van de wereldbevolking. Daarbij stel ik ook vast dat we zoveel aan de zeveraars en de profiteurs uitgeven, buiten alle proportie beschermd door vakbond, de socialisten, de welzijnsbureaucratie met haar ologen en agogen die kritiekloos een megafoon in de handen krijgen gestopt door linkse pennenridders-stemmingmakers, dat er schandelijk weinig overblijft voor zij die werkelijk buiten hun wil om in de problemen komen. Tenzij je natuurlijk het overheidsbeslag verder opdrijft richting USSR en Co. Welke catastrofe die hebben veroorzaakt voor gewone mensen, (en ook voor het klimaat en het milieu, Johan!) is blijkbaar reeds in de nevelen der geschiedenis verdwenen. En de linkerzijde die het terugbrengen van het overheidsbeslag van 54% naar 50% neoliberalisme noemt kletst cijfermatig uit haar nek.

  4. Ik heb Rand (of wat dat betreft geen van de andere vermelde schrijvers) gelezen maar het is duidelijk voor iedereen met een beetje inzicht dat egoïsme, het ‘elk-voor-zich’ inderdaad de primaire drijfveer is van elk menselijk wezen. Als je deze drijfveer echter tot zijn ultieme consequentie door-denkt kom je als realist alleszins niet uit op het kapitalisme pur-sang (Rands wereldbeeld) maar op een ‘bijgestuurd’ en ‘Burkiaans’ model neem ik aan (afgaand op de uitleg over Burke op de nederlandstalige Wikipedia want ik heb niks van Burke gelezen). Het is volgens mij voorbarig om al te stellen dat de N-VA van een nationalistische partij tot een rechtsliberaal vehikel ‘verveld’ is. Vanuit het pragmatisch denken lijkt het me logisch om te zorgen dat je de middelen (deelnemen aan een regering/partijsubsidie) verwerft om je uiteindelijke doel te bereiken, eerder dan vasthouden aan een (utopisch want nog onbestaand) doel zonder de middelen te verwerven om het ooit te verwezenlijken. “Het-grote-geld” aan je zijde hebben zal meer impact hebben dan de harde Vlaams-nationalistische kern van de vroegere Volksunie (iets dat ook de Teletubbies van de SP.a heel goed wisten).

  5. Pingback: ‘Noem mij gewoon Sus’: Randbemerkingen rond het egoïsme, en waarom een stressvarken slecht smaakt | Acta Sanctorum